Doelen:
De dio:
wordt geïntroduceerd op het docententeam, op het semester, het dagdeel en de
beroepsrollen.
zijn voorkennis met betrekking tot de leerlijn onderzoek wordt opgefrist.
is op de hoogte van de afspraken met betrekking tot samenwerken en verwachtingen
is geïnformeerd de onderwijsmodule trendwatching en interactieve pdf
weet wat trendwatching is en waarom dit belangrijk is voor de diëtist.
- Trendwatching: trends signaleren d.m.v. marktonderzoek
o kranten en bladen lezen, websites bezoeken, blogs lezen, markt- en
consumentenonderzoeken bijhouden, praten met mensen en deskundigen, reizen en
het bezoeken van tentoonstellingen
- coolhunting: manier om te kijken naar de wereld en naar nu
- signaal: nieuw product/dienst/idee (een uitkomst van een behoefte) max 1 jaar oud.
- Actualiteit: nieuwbericht, onderzoek, interview (max 3mnd oud).
- Hoax: iets wat de wereld in wordt gebracht maar niet helemaal waar is, toch krijgt het veel
aandacht.
- Hype: door veel mensen gedeelde belangstelling of bezigheid die na korte tijd voorbij is.
- Trend: een lijn of modernisering, waarbij nieuwe producten, marketinguitingen en het
gedrag van mensen steeds meer voldoen aan een nieuwe stijl of mode.
- Macro omgeving: factoren waarop bedrijf geen invloed kan uitoefenen maar wel rekening
mee moet houden.
- Meso omgeving: factoren die bedrijf enigszins kan beïnvloeden maar niet kan beheersen
- Micro omgeving: factoren waarop organisatie zelf invloed kan uitoefenen en ze kan
beheersen.
o Interne analyse
- Cross sectoraal: in alle sectoren
o Leisure, Human Movement, Appearance, Food, Health, Living
- Nieuw product: artikel, dienst of idee dat door potentiële kopers als nieuw wordt ervaren
- Adoptieproces: mentale proces dat het individu doorloopt van eerste kennismaken met
innovatie tot de adoptie.
- Stappen in adoptieproces:
o Bekendheid: consument weet dat het nieuwe product bestaat, maar heeft er weinig
of geen info over
o Interesse: consument is nieuwsgierig genoeg om info te gaan winnen over het
product
o Evaluatie: consument overweegt of product iets te bieden heeft.
o Probeeraankoop: consument probeert product op kleine schaal om zich een beter
gefundeerde mening te vormen
o Adoptie: consument besluit product volledig en regelmatig te gaan gebruiken.
- Adoptiecurve van Rogers: deelt consumenten in in adoptiecategoriën die onderscheid maken
op basis van de snelheid waarmee je een product adopteert (= adoptiesnelheid). Er zijn 5
verschillende categorieën.
o Innovators: maar 2,5% van consumenten behoort tot deze groep. Deze ‘hipsters’
hebben hoogste adoptiesnelheid en zijn meest bereid nieuwe producten aan te
schaffen voordat ze algemeen geaccepteerd zijn.
Deze groep is cruciaal bij starten van een trend
, o Early adopters: 13,5% van afnemers in adoptiecurve. Zijn trendgevoelig en houdt de
laatste trend scherp in de gaten. Zijn trendvolgers en geen trendsetters (innovators)
o Early majority: 34% van de afnemers in adoptiecurve. Wanneer bedrijf deze fase
bereikt is dat een goed moment, geldkraan gaat stromen.
o Late majority: 34% van afnemers in adoptiecurve. Niet zo trendgevoelig en volgzaam
> duurt langer voordat product volledig geaccepteerd wordt.
o Laggards: 16% van afnemers in adoptiecurve. terughoudend en zal pas laat overgaan
tot acceptatie van een product/dienst (na groepsdruk)
- DESTEP-model: maakt onderdeel uit van marktanalyse en wordt gebruikt om macro-
omgeving van afzetmarkten in kaart te brengen
o Doel: bepalen wat kansen en bedreigingen zijn van macro-omgeving van land waarin
bedrijf actief is/wil zijn.
o Niet beïnvloedbaar: macro omgeving waarin bedrijf actief is kan niet worden
beïnvloed.
o Strategievorming: kunt wel inspelen op de ontwikkelingen in de macro omgeving
o Concurrentievoordeel: door goede info in DESTEP besluit bedrijf zijn activiteiten juist
wel of niet in specifiek land uit te voeren.
- Na het opbouwen van sterke, winstgevende klantrelaties komt de marketingstrategie.
o Marketingstrategie: weg waarlangs bedrijf hoopt de winstgevende relaties tot stand
te brengen.
- Door marktsegmentatie, doelgroep keuze en positionering besluit het bedrijf welke klanten
het wil bedienen en hoe.
o Markt identificeren > in kleinere segmenten verdelen > kiezen voor meest
veelbelovende segmenten > concentreren op bedienen en tevredenstellen van
klanten binnen deze segmenten/ doelgroepen.
- Met als uitgangspunt marketingstrategie een marketingmix ontwerpen van factoren waar ze
greep op hebben.
o Product, prijs, plaats en promotie (proces en personeel)
- Om beste marketingstrategie en mis te vinden houd een bedrijf zich bezig met analyses,
planning, implementatie en controle.
o Spelers en krachten in marketingomgeving in de gate houden en hierop aanpassen.
- Succes van organisatie op lange termijn hangt af van verdedigbare concurrentievoordeel die
bedrijf kan bezitten: lage kosten en uniek aanbod.
o 3 strategiën:
Kostenleiderschap: laagste productie- en distributiekosten realiseren >
product/dienst met beste prijs aanbieden.
Differentiatiefocus: product aanbieden dat zich op aantal relevante
productattributen voor de afnemer onderscheidt > product wordt uniek.
Kostenfocus: bij focus doet het bedrijf hetzelfde als bij kostenleiderschap of
differentiatie maar dan voor deel van de markt.
o Bedrijf dat niet kan of wil kiezen voor specifieke strategie, kan in situatie van ‘stuck in
the middle’ terechtkomen: te klein om te kunnen profiteren van schaalvoordelen,
maar mist marktgerichtheid van niche aanbieder > gaat ten koste van rendement.
- Verdienmodel: wijze waarop bedrijf geld verdient.
- Business model canvas: organisatie in kaart brengen waarbij alle facetten worden beschreven
die invloed hebben op creëren van waarde.
o Infrastructuur van organisatie en partners, waardepropositie, diverse
klantengroepen en kanalen, financiële onderbouwing.
o Beschreven a.d.h.v. 9 bouwstenen:
Kerncompetities: datgene waar organisatie goed in is, waardepropositie
krijgt vorm en inhoud.