Opgave 15
a De hoeveelheid stralingsenergie per seconde is het nuttig vermogen van de lamp.
Het nuttig vermogen van de lamp bereken je met de formule voor het rendement.
Pnuttig
100%
Pin
η = 5,0%
Pin = 60 W
Pnuttig
5,0 100
60
Pnuttig = 3,0 W
De gloeilamp levert 3,0 J aan stralingsenergie per seconde.
Pnuttig
100%
b Voor het rendement geldt: Pin
3,0
100%
9,0
33%
Opgave 19
a Opmerking bij de eerste oplage van het boek
De tijdas in figuur 6.29 moet met 100 worden vermenigvuldigd.
Bij de verticale as in figuur 6.29 moet met 103 staan in plaats van 102.
De energie voor het strijken van 4 overhemden bereken je met behulp van de energie voor het
opwarmen van het strijkijzer en de benodigde energie tijdens het strijken van 1 overhemd.
De energie bereken je met de formule voor energie.
E=P∙t
P = 1,8∙103 W
Uit figuur 6.29 volgt dat de tijd voor opwarmen en niet opwarmen tijdens het strijken gelijk is aan
50 s. Hiervan is 20 s opwarmtijd.
18 minuten = 18 × 60 = 1080 s
1080
21
Hierin past 50 x de tijd en opwarmtijd. Je houdt dan 30 s over en dat is precies de tijd dat
het strijkijzer niet opwarmt.
Totale opwarmtijd = 21 x 20 = 420 s.
E = P ∙ t = 1800 x 420 = 7,56∙105 J = 0,21 kWh
b De weerstand bereken je met de wet van Ohm.
De stroomsterkte bereken je met het elektrische vermogen.
P=U∙I
P = 1800 W
1800 = 230 x I
I = 7,826 A
U = I∙R
U = 230 V
230 = 7,826 x R
R = 29,38 Ω.
Afgerond: R = 29,4 Ω.
c P=U∙I
Als P afneemt en U blijft gelijk, dan neemt I af
U=I∙R