Personalia en setting
Dit verslag gaat over het probleemverhelderend interview met Sarah, een 19-jarige
vrouw. Het doel van het gesprek is een duidelijk beeld krijgen van Sarahs probleem
en de eventuele oorzaken en gevolgen. Het interview is bij haar thuis opgenomen op
het balkon.
Informatie vooraf
Sarah geeft aan dat ze vaak last heeft van een lage motivatie als het gaat om school.
Hier heeft ze zowel op de middelbare school als op het mbo last van gehad.
Momenteel gaat ze niet naar school, maar volgend schooljaar is ze van plan haar
opleiding weer op te pakken en ze vreest dat ze weer te maken zal krijgen met een
gebrek aan motivatie. Ze geeft ook aan dat het gebrek een motivatie al eerder een
reden is geweest voor haar om af te stromen op de middelbare school en te stoppen
met haar opleiding.
Interviewplan
Hoofdonderwerp: Lage motivatie voor school
Subonderwerp 1: Achtergrondinformatie (school)
Startvraag: Kan je iets vertellen over je schoolervaringen vroeger en de huidige
opleiding die je hebt gekozen? (middelbare school, mbo, welke opleiding etc.)
Subonderwerp 2: Lage motivatie
Startvraag: Waardoor komt het denk je dat je weinig motivatie hebt voor school?
Subonderwerp 3: Aanpassingen opleiding
Startvraag: Wat zou je graag anders zien bij je huidige opleiding/Wat zou je willen
veranderen?
Reserve subonderwerp 4: Positieve aspecten
Startvraag: Wat zijn dingen die je wel leuk vindt aan je opleiding?
Vooraf opgestelde leerdoelen:
Meer open vragen stellen
Probleemdefinitie: Ik vind het lastig om open vragen te stellen in plaats van alleen
maar gesloten vragen. Ik geef de geïnterviewde vaak zelf antwoordmogelijkheden
om uit te kiezen, in plaats van dat ik de geïnterviewde zelf de volledige vrijheid geef
om tot een antwoord te komen: “dus je …. of …. ?”. Dit is natuurlijk een beetje
suggestief.
Diagnose: Dit komt doordat ik vaak al zelf een idee denk te hebben van wat de
geïnterviewde gaat antwoorden, hierdoor formuleer ik mijn vraag onbewust al op zo’n
manier dat de geïnterviewde alleen ja of nee hoeft te zeggen, in plaats van een
uitgebreid antwoord te geven.
, Output: Ik wil meer open vragen stellen, zonder hierbij zelf de
antwoordmogelijkheden te geven. Hierdoor wordt de geïnterviewde niet een
bepaalde kant op gestuurd wordt bij het antwoorden.
Implementatie: Dit kan ik bereiken door me bewust te zijn van mijn neiging om
gesloten vragen te stellen en door niet langer antwoordmogelijkheden te geven bij
het stellen van een vraag.
Evaluatie: In de evaluatie zal ik kijken naar mijn manier van vragen stellen. Als ik de
vragen open heb gehouden dan heb ik aan mijn leerdoel voldaan. Als ik daarentegen
veel gesloten vragen heb gesteld op momenten dat de situatie zich hier niet voor
leende (vragen die verdere toelichting vereisen etc.), dan heb ik nog wat te
verbeteren.
Probleemdefinitie: Ik vind het soms lastig om tijdens het gesprek op het gevoel van
de geïnterviewde te reflecteren. Tijdens de les is het bijvoorbeeld wel eens
voorgekomen dat iemand tijdens een oefengesprek op een emotionele manier
antwoord gaf en ik ging hierbij verder niet op hun gevoel in. Dit komt doordat ik al
snel de neiging heb om enkel bezig te zijn met het interviewplan en de inhoud van de
antwoorden, dit kan voor de geïnterviewde natuurlijk overkomen alsof ik niet
geïnteresseerd ben in hun gevoelens/gemoedstoestand.
Diagnose: Dit komt voornamelijk doordat het bij deze vaardigheid niet echt mogelijk
is om voorbereid te zijn. Je kan niet echt van tevoren inschatten hoe de persoon zich
tijdens het interview zal voelen. Dit maakt het voor mij lastig, omdat ik soms niet goed
weet hoe ik de situatie moet lezen of moet beschrijven. Ook voelt het soms wat
ongemakkelijk of geforceerd om het te benoemen.
Output: Ik wil tijdens een interview op iemands gevoel kunnen reflecteren op het
moment dat dit nodig is, als iemand bijvoorbeeld: verdrietig, boos of juist heel blij
reageert.
Implementatie: Ik wil tijdens het interview minimaal één keer op het gevoel van de
geïnterviewde reflecteren, voor zover dat mogelijk is. Hiermee kan ik de
geïnterviewde dan ook het gevoel geven dat ze begrepen wordt en hierdoor voelt ze
zich wellicht meer op haar gemak tijdens het interview. Dit kan ik bereiken door
aandacht te besteden aan haar houding en haar manier van antwoorden, als hierbij
iets opvalt dan zal ik daarop reageren (op haar gevoel reflecteren).
Evaluatie: Als ik aan het einde van het gesprek minimaal één keer op haar gevoel
heb gereflecteerd (door het te benoemen en er vervolgens op in te spelen), dan heb
ik aan mijn leerdoel voldaan, afhankelijk van of de situatie zich voor zal doen.