BASISKENNIS TAALONDERWIJS HOOFDSTUK 1
De Kennisbasis Nederlandse taal’
1.1 De opzet van de kennisbasis
In 2009 is besloten om de kennisbasis toets in te voeren, vanaf 2010/2011 zijn de toetsen verplicht.
Binnen Nederlands is de leerstof verdeeld over 9 domeinen:
1. Mondelinge taalvaardigheid
2. Woordenschat
3. Beginnende geletterdheid
4. Voortgezet technisch lezen
5. Begrijpend lezen
6. Stellen
7. Jeugdliteratuur
8. Taalbeschouwing
9. Spelling
Per domein zijn de belangrijkste kenniselementen
beschreven aan de hand van vier invalshoeken:
1. De leerinhoud; wat moet een basisschoolleerling
weten en kunnen? Vastgelegd in kerndoelen en
de tussendoelen.
2. De domeindidactiek; op welke manier onderwijs
je de leerinhoud van een bepaald domein.
Vaardigheden die een leerkracht moet hebben.
3. Het fundament; de achtergrondkennis die je
nodig hebt. Soms wetenschappelijk, maar ook
maatschappelijke achtergrondkennis.
4. Taaldidactiek en taalbeleid; aandacht voor algemene taaldidactische principe, dit zijn
verschillende manieren waarop je taalonderwijs kunt geven.
1.2 De inhoud van de kennisbasis
De kennisbasis is een verzameling met begrippen die belangrijk zijn voor het gegeven van
taalonderwijs. Per begrip wordt een korte typering of definitie gegeven en een toelichting waarin een
begrip nog wat verder uitgewerkt wordt.
1.3 Toetsing van de kennisbasis
De kennisbasis wordt getoetst in een landelijke toets met 100 vragen. Niet alle onderdelen van de
kennisbasis zitten in de landelijke toets. De kennis op het gebied van de taaldidactiek zit niet in de
KB-toets. Binnen deze toets moet je niet alleen weten wat de begrippen betekenen, maar ook hoe je
deze toepast.
De Kennisbasis Nederlandse taal’
1.1 De opzet van de kennisbasis
In 2009 is besloten om de kennisbasis toets in te voeren, vanaf 2010/2011 zijn de toetsen verplicht.
Binnen Nederlands is de leerstof verdeeld over 9 domeinen:
1. Mondelinge taalvaardigheid
2. Woordenschat
3. Beginnende geletterdheid
4. Voortgezet technisch lezen
5. Begrijpend lezen
6. Stellen
7. Jeugdliteratuur
8. Taalbeschouwing
9. Spelling
Per domein zijn de belangrijkste kenniselementen
beschreven aan de hand van vier invalshoeken:
1. De leerinhoud; wat moet een basisschoolleerling
weten en kunnen? Vastgelegd in kerndoelen en
de tussendoelen.
2. De domeindidactiek; op welke manier onderwijs
je de leerinhoud van een bepaald domein.
Vaardigheden die een leerkracht moet hebben.
3. Het fundament; de achtergrondkennis die je
nodig hebt. Soms wetenschappelijk, maar ook
maatschappelijke achtergrondkennis.
4. Taaldidactiek en taalbeleid; aandacht voor algemene taaldidactische principe, dit zijn
verschillende manieren waarop je taalonderwijs kunt geven.
1.2 De inhoud van de kennisbasis
De kennisbasis is een verzameling met begrippen die belangrijk zijn voor het gegeven van
taalonderwijs. Per begrip wordt een korte typering of definitie gegeven en een toelichting waarin een
begrip nog wat verder uitgewerkt wordt.
1.3 Toetsing van de kennisbasis
De kennisbasis wordt getoetst in een landelijke toets met 100 vragen. Niet alle onderdelen van de
kennisbasis zitten in de landelijke toets. De kennis op het gebied van de taaldidactiek zit niet in de
KB-toets. Binnen deze toets moet je niet alleen weten wat de begrippen betekenen, maar ook hoe je
deze toepast.