1 - Referentiekader voor de
onderwijswetenschappen
Literatuur Valcke Thema 1
Aggregatieniveaus
Actoren, processen en variabelen
Instructieverantwoordelijke
Lerende
Instructieactiviteiten
Leeractiviteiten
Context
Organisatie
Aggregatieniveaus
Referentiekader van Valcke - Een ordening van actoren, processen en variabelen. Wordt gebruikt om analytisch
naar leer- en instructiesituaties te kijken
Micro - Heeft betrekking op een concrete leer- en instructiesituatie. Het leren zelf, de directe interactie tussen
individuen in het onderwijs, bv instructieverantwoordelijke en lerende.
Voorbeelden
Een leerling krijgt hulp met lezen
Een docent voegt beweging toe aan zijn taallessen
Hoe reageert een docent als een leerling toch een mobiel in de klas heeft?
Artikeltitels
“Juf Hilde weet het geheim van een goede allereerste schooldag: een beetje leuk en een beetje
spannend” (persoonlijk, kleinschalig, één juf)
1 - Referentiekader voor de onderwijswetenschappen 1
, Actoren: leerling, leraar
Begeleiding: decaan, mentor
Meso - Het organiseren van het onderwijs, bijvoorbeeld in een school.
Voorbeelden
Schoolstakingen van basisscholen in een bepaalde regio
De geschiedenissectie van de onderbouw van een middelbare school
Welke afspraken maakt de school over mobieltjes en hoe wordt dit uitgevoerd?
Actoren: schoolleiding, team, klassen, ouderraad
Kenmerken: samenstelling klas, geloofsrichting op school
Begeleiding: pedagogische centra, aanwezigheid ondersteuning
Organisatie: onderwijsvisie, beschikbare lokalen
Macro - Omvat alles wat een compleet systeem beïnvloed. Leren en onderwijs wordt bekeken vanuit beleid,
wetgeving etc.
Voorbeelden
“Pleidooi voor AI-richtlijn groot, bewustzijn laag” (grote groep mensen)
Minister van het onderwijs
Landelijk mobieltjesverbod
Actoren: studentenvakbond, Ministerie van Onderwijs (Minister van Onderwijs)
Kenmerken: demografische kenmerken leerlingen en docenten
Begeleiding: belangenverenigingen (BON, Laks, LsvB), vakbonden (AOb), departement dat ondersteuning
biedt, leerlingenverenigingen
Context: politieke situatie, economische conjunctuur
Organisatie: inrichting onderwijs (basisonderwijs, vmbo, havo, vwo)
Didactisch handelen: eindtermen, kerndoelen basisonderwijs, CITO toets
Bij alle niveaus staan leren en instructie centraal, maar de actoren die hierin een rol spelen (leerlingen, docenten,
rector, VO-raad) verschillen wel.
Actoren, processen en variabelen
Actoren - Concrete personen, de organisaties die ze vertegenwoordigen of de organisaties zelf. Actoren zijn
stakeholders (belangengroepen) die bepaalde rollen op zich nemen.
Processen - Zaken die over de tijd heen verlopen
Lesgeven
In hoeverre iemand gemotiveerd is
Leerprocessen
Instructieprocessen
Variabelen - Kenmerken (van bv actoren) die verschillende waarden kunnen hebben.
Moedertaal
Leerprestaties
Leeftijd
Leescultuur thuis
Hoeveel ervaring een docent heeft.
1 - Referentiekader voor de onderwijswetenschappen 2
, Instructieverantwoordelijke
Instructieverantwoordelijke
Voorbeelden: Docent, trainer, begeleider, coach, opleider, team.
Kenmerken (zowel instructieverantwoordelijke als lerende) die invloed kunnen hebben: geslacht, leeftijd,
vooropleiding, voorkennis, interesses, eigen opvattingen/visies.
Begeleiding voor de instructieverantwoordelijke: mentoren, websites, nascholing.
Kenmerken instructieverantwoordelijke
Variabele Definitie #Effectgroottes d
Voorbereiding &
Docent is voorbereid en heeft onderwijs goed gepland 28 1.39
organisatie
Docent is in staat om ideeën en theorie op duidelijke wijze te
Duidelijkheid 32 1.35
presenteren
Enthousiasme Docent laat zien enthousiast te zijn voor lesstof 10 0.56
De tabel hierboven geven de resultaten weer van een meta-analyse. Dat is een studie die de resultaten van
andere studies samenvat. De #effectgroottes geven aan hoeveel studies er zijn gebruikt voor het bepalen van de
effect size.
Effectgrootte d (Effect size) - De mate waarin er een significant verschil is in de gemiddelde resultaten van
twee groepen. Dus in hoeverre er een verschil of verband is tussen twee variabelen.
0.2=klein, 0.5=medium, 0.8= groot. Alles boven de 0.40 wordt als betekenisvol gezien (Hattie).
Als er een correlatie (verband) is tussen twee variabelen, is het resultaat significant en is het
onwaarschijnlijk dat de resultaten op toeval zijn gebaseerd.
De effect size is een gemiddelde, dus het hoeft niet te betekenen dat het voor alle studies zo geldt.
Lerende
Lerende - Persoon die iets op een systematische manier leert.
Voorbeelden: leerlingen, student, trainee, cursist.
Begeleiding voor de lerende: medeleerlingen, ouders, zorgleerkracht, huiswerkinstituut.
Kenmerken lerende
Variabele Definitie #Effectgrootte d
Aanwezigheid Hoe vaak student aanwezig is tijdens colleges 68 0.98
Gemiddeld cijfer VO Gemiddeld cijfer op voortgezet onderwijs 46 0.90
Strategische leerstrategie Vaardigheid om juiste leerstrategieën in te zetten 15 0.65
…
Extraversie Extravert gedrag 78 -0.02
Procrastinatie Uitstelgedrag 10 -0.52
Instructieactiviteiten
1 - Referentiekader voor de onderwijswetenschappen 3