6.1.2 Sociale invloed
Onze eigen kijk op gedrag (attitude) is belangrijk, maar de mening van anderen speelt ook een
significante rol.
De sociale omgeving beïnvloedt ons op verschillende manieren:
Subjectieve norm: De verwachtingen die anderen hebben over ons gedrag.
Sociale steun: Wanneer we sociale steun ervaren, is de kans groter dat we het gewenste
gedrag vertonen. Afkeuring van gedrag kan ons doen twijfelen om het in de toekomst
opnieuw te vertonen.
Sociale druk: Het ervaren van druk kan ons ertoe brengen iets te doen wat we liever niet
willen, zoals wanneer vrienden verwachten dat je een training overslaat om naar het café te
gaan.
Mondeling: We nemen gedrag over van rolmodellen (zoals leraren, trainers of sporthelden)
omdat we hen als voorbeelden beschouwen.
Normative beliefs
De invloed van de sociale omgeving hangt niet alleen af van wat anderen echt vinden, maar ook van
wat we denken dat ze vinden (normatieve overtuigingen). De grootte van deze sociale invloed
verschilt per persoon en situatie. Verschillende sociale experimenten tonen aan dat de omgeving ons
gedrag beïnvloedt, vaak zonder dat we het doorhebben. Zelfs een groep onbekenden kan invloed
uitoefenen. In het geval van Bas kan zijn omgeving zowel positief als negatief zijn: zijn studiegenoten
kunnen hem aanmoedigen om door te gaan met drinken, terwijl zijn ouders hem kunnen motiveren
om minder alcohol te consumeren.
6.1.3 Geloof in eigen kunnen en eigen effectiviteit
Eigen Effectiviteit verwijst naar het geloof in onze capaciteit om bepaald gedrag uit te voeren, niet
noodzakelijk wat we daadwerkelijk kunnen. Het gaat om onze overtuiging dat we in staat zijn om een
taak te volbrengen, wat kan voortkomen uit zelfvertrouwen en praktische overwegingen zoals tijd en
verantwoordelijkheden. Een sterk gevoel van eigen effectiviteit vergroot de kans dat we de intentie
hebben om ons gedrag te veranderen.
Vertrouwen
Vertrouwen in eigen kunnen wordt versterkt door eerdere positieve ervaringen en succesmomenten.
Bijvoorbeeld, als een atleet goed voorbereid is en eerdere wedstrijden succesvol heeft afgerond,
vergroot dit haar zelfvertrouwen. Ook het zien van anderen die succesvol zijn, kan inspirerend werken
en het zelfvertrouwen verhogen.
Interne Dialoog
De manier waarop we tegen onszelf praten heeft invloed op ons zelfvertrouwen. Aanmoedigingen
van anderen en positieve zelfspraak—zoals zinnen als "Je kunt het"—versterken ons vertrouwen. Hoe
belangrijker de persoon is die ons aanmoedigt, des te groter de impact op ons zelfvertrouwen.
6.1.4 Externe variabelen
Het ASE-model beschrijft hoe intenties en gedrag worden beïnvloed door drie hoofdpunten: attitude,
sociale invloed en eigen effectiviteit. Externe factoren zoals geslacht, leeftijd, en sociaaleconomische
status spelen indirect ook een rol.
Een kritiekpunt op het model is dat het te veel focust op rationele keuzes en geen rekening houdt met
emoties en (onbewust) gewoontegedrag, wat juist belangrijk is bij gedragsverandering.