Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Overig

Blok 2.3 Afstemming binnen opvoeding en onderwijs

Beoordeling
3.0
(1)
Verkocht
18
Pagina's
21
Geüpload op
05-06-2014
Geschreven in
2013/2014

Best een pittig tentamen....helaas incompleet!!!!

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Blok 2.3 Afstemming binnen opvoeding en onderwijs

Probleem 2.3.1: De ecologie van ontwikkeling
Leerdoelen
1. Hoe ziet het model van Bronfenbrenner eruit?
2. Welke factoren spelen een rol (denk aan kind in context)?
3. Wat is de invloed van de toename van vrouwen in het onderwijs op leerlingen?
4. Hoe past dit in het model van Bronfenbrenner?

Bronfenbrenner > kind heeft interactie nodig voor ontwikkeling > in huidige onderzoekssettings kun je dit niet onderzoeken
want 1) sociale aspecten van de omgeving zijn niet aanwezig 2)niet interdisciplinair 3)kunstmatige setting 4)alleen observaties
van wat er direct in de omgeving gebeurd.




Ecologie van de menselijke ontwikkeling: wetenschappelijk onderzoek naar de aanpassingen en interactie tussen een persoon en
de (steeds) veranderende eigenschappen van zijn/haar leefomgevingen. Belangrijk hierbij is dat de verschillende omgevingen
ook verband met elkaar houden en dat de directe omgevingen deel uitmaken van een grotere context.

Ecologisch perspectief heeft twee shortcomings;
- De impact van de niet sociale aspecten uit de omgeving > ook de natuurlijke activiteiten en verbintenissen van de
persoon moeten meegenomen worden.
- Het concept omgeving in een enkele setting verdelen als ‘microsysteem’??

Ecologisch model
Ecologie van de menselijke ontwikkeling
 Kind wordt niet meer gezien als een Tabula Rasa > maar als een groeiend en dynamisch ‘iets’ dat progressie boekt in
het milieu waar het kind zich bevindt.
 De interactie tussen het kind en zijn omgeving wordt gezien als 2-directional > reciprocity(wedekerigheid)
 De omgeving wordt niet beperkt tot een enkel proces, maar bestaat uit verschillende ringen die met elkaar
interacteren; micro-, meso-, exo-, en macrosystemen.

(I)In het midden van het model bevindt zich het microsysteem of ook wel het ecologisch centrum genoemd. Dit microsysteem
bestaat uit de directe ervaringen van een kind in een bepaalde setting. Per dag komen kinderen gewoonlijk in aanraking met
verschillende microsystemen, zoals het microsysteem gezin en het microsysteem
school.
- setting (plek waar het kind face-to-face interacties heeft > thuis, speeltuin, kinderdagverblijf)
- elementen (factoren als activiteiten, rol, Interpersoonlijk relatie > dit zijn de bouwstenen van het microsysteem).
- ervaringen > niet alleen objectieve eigenschappen, maar ook de manier waarop deze eigenschappen worden
waargenomen door de personen in die omgeving is belangrijk.

(II) Rond het microsysteem bevindt zich het mesosysteem. Dit systeem wordt door Bronfenbrenner als volgt omschreven: .A
mesosystem compromises the interrelations among two or more settings in which the developing
person actively participates. (Bronfenbrenner, 1979, p.25). Dus relaties/interacties tussen twee micro settings. Voorbeelden zijn
de relatie tussen gezin en school en de relatie tussen school en de peergroep.

(III) De laag om het mesosysteem is het exosysteem. Het exosysteem bestaat uit factoren waar de jongere niet direct deel van
uit maakt maar die indirect wel invloed hebben op hem. Het schoolbeleid, de massamedia en het werk van de ouders bevinden
zich bijvoorbeeld in het exosysteem.



1

, (IV) De buitenste cirkel betreft het macrosysteem. Het macrosysteem .refers to consistencies, in the form and content of lower-
order systems (micro-, meso-, and exo-) that exist, or could exist, at the level of the subculture of the culture as a whole, along
with any belief systems or ideology underlying such consistencies. (Bronfenbrenner, 1979,p.26). Op dit niveau bevinden zich
bijvoorbeeld religie, politiek en de organisatie van het onderwijsstelsel.

 Ecologische transitie
Dit treedt op wanneer iemands positie in de ecologische omgeving is veranderd als gevolg van een verandering in rol, omgeving,
of beide. Enkel voorbeelden: geboorte van een broertje of zusje, het moment dat het kind voor het eerst naar school gaat, de
overgang van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs, de scheiding van ouders of een verhuizing. Deze transities fungeren
enerzijds als directe of indirecte stimulans voor ontwikkelingsprocessen, maar zijn anderzijds eveneens het gevolg van deze
ontwikkelingsprocessen.

In vroegere publicaties van Bronfenbrenner werd voornamelijk de invloed van de omgeving op de ontwikkeling van een kind
benadrukt. Naast de kenmerken van de omgeving spelen de (genetische) kenmerken van de zich ontwikkelende persoon zelf
een belangrijke rol in zijn ontwikkeling.
De auteurs komen zo tot het Bio‐ecologisch model waarin centraal staat dat de interactie tussen enerzijds het genetisch
materiaal en anderzijds de opgedane omgevingservaringen de ontwikkelingsuitkomst bepalen. Of, in de interactie tussen het
individu en zijn omgeving ontwikkelt het genotype zich tot een fenotype.

 Proximale processen
Deze ontwikkeling wordt gevoed door een steeds complexer wordende interactie tussen het individu en de personen, objecten
of symbolen in zijn directe omgeving – proximale processen genoemd. Voorbeelden hiervan zijn ouder‐kind interacties,
kind‐kind interacties, het leren van nieuwe vaardigheden en de kennisverwerving. De proximale processen fungeren zo als
‘brandstof’ voor de ontwikkeling.

De wijze waarop deze processen inwerken op de ontwikkeling wordt beïnvloed door de gezamenlijke functie van de
persoonskenmerken van het zich ontwikkelende individu en de kenmerken van de omgeving waarin de proximale processen
plaatsvinden. Hierbij worden de proximale processen in het gezin gezien als primaire ontwikkelingsmechanismen.

Bronfenbrenner en Morris (1998) onderscheiden een aantal persoonskenmerken die van invloed zijn op de werking van de
proximale processen. Zij stellen dat met name persoonskenmerken van gedragsmatige aard, zoals het temperament van het
kind, deze processen beïnvloeden. Zo zal een kind dat exploratief, nieuwsgierig van aard is en responsief reageert op zijn
omgeving de (werking van de) proximale processen positief beïnvloeden. Deze processen worden echter negatief beïnvloed
door een kind dat bijvoorbeeld meer impulsief en agressief van aard is.

 Menselijke ontwikkeling
Proces waarbij een persoon een uitgebreid en gevarieerd beeld ontwikkeld van zijn ecologische leefomgeving. De persoon is
hierbij gemotiveerd om actief deel te nemen in, onderhouden van of veranderen van zijn leefomgeving(en).
1) Ontwikkeling houdt in dat er een verandering in eigenschappen optreedt die langdurig en niet-situatiegebonden is;
2) Ontwikkeling vindt plaats in waarneming en gedrag;
3) Alle vier systemen houden verband met elkaar.

Bio-ecologisch model
Er zijn vier eigenschappen van het bio-ecologische model:
1. Proces
Een proximaal proces is de interactie tussen de persoon en zijn omgeving, maar de kracht van de proximale processen is
afhankelijk van individuele eigenschappen (persoon), de omgeving waarin een persoon zich bevindt (context) en de periode
waarin een proximale proces voorkomt (tijd).
2. Persoon
- Disposities > aanleg zoals verlegen (durft op niemand af te stappen)
- Resources > materiële, emotionele en mentale hulpbronnen om effectief te functioneren.
- Demand > uiting > bijv. passief reageren.
- Geslacht, leeftijd en etniciteit.
De differentiatie leidt tot combinaties een persoonstructuur > dit bevordert de verschillen in richting en kracht van de daaruit
voortvloeiende proximale processen en de effecten op ontwikkeling.
3. Context
De omgeving > van micro –macro. Kan bevorderend zijn of juist niet.
4. Tijd
 microtijd > continuïteit vs. discontinuïteit in gebeurtenissen tijdens proximale processen (tijdens het maken van een
puzzel > constant compliment geven > consequent);



2

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
5 juni 2014
Aantal pagina's
21
Geschreven in
2013/2014
Type
OVERIG
Persoon
Onbekend
$4.16
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
11 jaar geleden

3.0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
emp Erasmus Universiteit Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
159
Lid sinds
12 jaar
Aantal volgers
71
Documenten
5
Laatst verkocht
7 jaar geleden

3.7

9 beoordelingen

5
1
4
4
3
4
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen