Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Bedrijfseconomie - formules en uitleg om goed voorbereid je examen in te gaan

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
22
Geüpload op
08-09-2025
Geschreven in
2024/2025

Door alles uit te werken in deze samenvatting en hierna deze veel te hebben doorgenomen kon ik kon beginnen aan mijn examen die ik met een 7,5 heb afgerond. Hopelijk kan ik hiermee een ander ook helpen in de voorbereiding!

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Bedrijfseconomie
Hoofdstuk 1 – Inleiding economische begrippen

Er is sprake van schaarste als de vele behoeften van de mens op materieel en immaterieel gebied
niet allemaal bevredigd kunnen worden omdat de daarvoor beschikbare hoeveelheid middelen te
beperkt zijn. Beschikbare middelen zijn echter alternatief aanwendbaar, of terwijl ze kunnen op
meerdere manieren worden gebruikt.

Bedrijfseconomie is dat onderdeel van de economische wetenschap dat het economisch handelen
bestudeert in de bedrijfshuishoudingen.

Bij bedrijfshuishoudingen doet zich het proces van economisch handelen voor. De schaarse middelen
moeten zo worden gebruikt, dat het resultaat zo hoog mogelijk is.

De bedrijfskolom is de keten van bedrijfshuishoudingen die de oerproducent verbindt met de
consument (verticaal – bv. van tarweboer naar supermarkt bij brood). De consument maakt geen
deel uit van de bedrijfskolom.

Een bedrijfstak is het geheel van bedrijfshuishoudingen die hetzelfde productieproces uitvoeren (bv.
de meelfabrieken of broodfabrieken).

Bewegingen binnen de bedrijfskolom (verticale beweging):
- Differentiatie  het afstoten van een bepaalde fase van het voortbrengingsproces (productie)
- Integratie  het samenvoegen van bepaalde fasen van het voortbrengingsproces (productie)

Bewegingen tussen de bedrijfskolommen (horizontale beweging):
- Parallellisatie  het uitbreiden van het assortiment door het opnemen van productsoorten die tot
dusver door andere ondernemingen met dezelfde functionele plaatst in de bedrijfskolom werden
verkocht.
- Specialisatie  het afstoten van een deel van het assortiment naar ondernemingen met dezelfde
functionele plaats in de bedrijfskolom.

Ondernemingsdoelstellingen: Een onderneming is een bedrijfshuishouding die streeft naar maximale
winst. Dit is noodzakelijk voor de continuïteit van de onderneming. Een onderneming heeft dus als
doelstelling winstgroei op lange termijn. Andere ondernemingsdoeleinden kunnen zijn;
- omzetgroei
- behalen van een bepaald marktaandeel
- behalen van een bepaalde marktwaarde.

De ondernemingsvorm is de juridische vorm waarin de onderneming wordt gedreven. Hierin wordt
onderscheid gemaakt in ondernemingsvormen zonder rechtspersoonlijkheid en
ondernemingsvormen met rechtspersoonlijkheid.

,Ondernemingsvormen zonder rechtspersoonlijkheid;
- Eenmanszaak  als één persoon de onderneming leidt en met zijn hele vermogen aansprakelijk is
voor de schulden van de onderneming, terwijl alleen hij alle beslissingen neemt binnen de
onderneming
- Vennootschap onder firma  als twee of meer personen gezamenlijk een bedrijf uitoefenen, die
samen de leiding hebben en samen aansprakelijk zijn. Deze personen hebben de leiding en worden
beherende vennoten genoemd.
- Commanditaire vennootschap  hiervan is sprake als naast beherende vennoten een
commanditaire of stille vennoot als vermogensverschaffer aanwezig is. De stille vennoot neemt
alleen financieel deel.
- Maatschap  als twee of meer personen een bepaalde samenwerking aangaan waarbij de maten
iets inbrengen, zoals arbeid, geld of goederen. Maatschappijen worden opgericht door mensen met
een vrij beroep, zoals artsen.

Ondernemingen met rechtspersoonlijkheid (bedrijf als zelfstandig persoon, los van eigenaar, met
eigen rechten en plichten);
- Naamloze vennootschap (NV)  een vennootschap met een in aandelen verdeeld maatschappelijk
kapitaal, waarin ieder van de vennoten voor één of meer aandelen deelneemt. Het eigendom berust
bij de aandeelhouders, de dagelijkse leiding bij het bestuur (directie). Tevens is er een beperkte
aansprakelijkheid van de aandeelhouders, schuldeisers kunnen meestal geen beslag leggen op de
privévermogens.
- Besloten vennootschap  idem als de NV maar de BV kent geen aandeelbewijzen. De deelneming
in het vermogen van een BV wordt aangetekend in het register (aandelen op naam).
- Coöperatie  een vereniging van personen die de bevordering van de stoffelijke belangen van haar
leden tot doel heeft (productiecoöperaties of in- en verkoopcoöperaties.
- Vereniging  een vereniging heeft een doel dat nagestreefd wordt. Een vereniging heeft leden en
uit de leden wordt een bestuur gekozen.
- Stichting  organisatie zonder leden, gericht op het verwezenlijken van een (goed) doel.
- onderlinge waarborgmaatschappij  een vorm van een coöperatie, gericht op verzekeringen.

Ondernemingsvormen kunnen worden ingedeeld in twee groepen;
- Persoonlijke ondernemingsvormen, waar leiding en eigendom in dezelfde hand zijn (eenmanszaak,
vof, commanditaire vennootschap)
- Onpersoonlijke ondernemingsvormen, waar sprake is van scheiding tussen leiding en eigendom
(nv’s, bv’s en coöperaties)

Welke ondernemingsvorm in een bepaalde situatie zal worden gekozen, wordt bepaald door diverse
factoren zoals;
- de leiding van de onderneming
- de financieringsmogelijkheden
- de continuïteit (voortbestaan onderneming)
- de mate van toezicht op het door de onderneming gevoerde beleid
- de aansprakelijkheid voor de schulden van de onderneming
- de verplichtingen ter zake van de publicatie van de jaarstukken
- de wijze van belastingheffing op de onderneming

,Corporate governance omvat de ordening van bestuur, waarbij de volgende vragen worden gesteld:
- Hoe wordt invulling gegeven aan het bestuur van een onderneming?
- Hoe wordt hierop toezicht gehouden?
- Hoe wordt verantwoording afgelegd over dit bestuur en het toezicht erop?

Kostprijsberekeningen zijn nodig:
- ter ondersteuning van langetermijnbeslissingen als keuze van de vestigingsplaats,
productiecapaciteit, productiemethode, etc.
- als informatiebron ter vaststelling van de meest winstgevende verkoop- en productiegrootte voor
de komende periode
- als grondslag voor de bepaling van de (minimum) verkoopprijs
- als middel ter bewaking van de bedrijfszuinigheid
- als grondslag voor de waardering gereed product en goederen in bewerking op de balans.
Wanneer het niet rationeel is om de kostprijs te berekenen op basis van de vervangingswaarde is:
- Als er sprake is van incidentele productie
- Als vervanging van de producten niet mogelijk is
- Als de opbrengstwaarde van een product lager is dan de vervangingswaarde van productiemiddelen

Voor ieder bij het proces benodigde productiemiddelen zal moeten worden vastgesteld wat de
noodzakelijke of toegestane kwantiteit (standaard kosten of norm) is.
Deze wordt meegenomen in de kostprijsberekening en niet het "werkelijke" verbruik, dat hoger of
lager kan zijn.

Als het werkelijke verbruik hoger is dan de standaardhoeveelheid is er sprake van verspilling ->
nadelig efficientyverschil.
Dit wordt niet meegenomen in de kostprijs.
Als het werkelijk verbruik lager is dan de standaarhoeveelheid is er sprake van voordelig
efficientyverschil.
Dit kan overigens alleen incidenteel voorkomen omdat de hoeveelheidstandaard is bepaald op grond
van haalbaarheid bij efficiënt en zuinig werken.

Bij massaproductie wordt geen rekening gehouden met de individuele wensen van de afnemer en er
wordt op voorraad geproduceerd.
Bij stukproductie wordt wel rekening gehouden met de individuele wensen van de afnemer en er
wordt niet op voorraad geproduceerd.

Sandaard kosten: Ter bepaling van de kostprijs moeten we uitgaan van de noodzakelijke en
onvermijdelijke standaardhoeveelheden van ieder productiemiddel vermenigvuldigd met de prijzen
die gelden op het moment van ruil.
Een voorbeeld van een standaardprijs is de vaste verrekenprijs (VVP)  dit is het gemiddelde van de
verwachte prijzen in de komende periode.

Constante kosten zijn kosten die tijdens een bepaalde periode ongevoelig zijn voor veranderingen in
de bedrijfsdrukte.
Variabelen kosten zijn kosten die wel fluctueren als de bedrijfsdrukte wijzigt. De veranderingen
kunnen als volgt verschillen;
- proportioneel of recht evenredig of lineair: hierbij zijn de variabele kosten per product gelijk.
- progressief variabel (meer dan recht evenredig met de bedrijfsdrukte): hierbij nemen de variabele
kosten per product toe  bv. uitvoering overwerk tegen een tarief dat hoger is dan het normale
tarief.

,- degressief variabel (minder dan recht evenredig met de bedrijfsdrukte): hierbij nemen de variabele
kosten per product af  bv. kortingen bij aankoop van materiaal in het groot.
- stapsgewijze variabele kosten: kosten die sprongsgewijs wijzigen binnen een gegeven
productiecapaciteit.

Directe kosten zijn kosten die direct aanwijsbaar zijn gemaakt voor een bepaald product.
Bij indirecte kosten ontbreekt dat verband.

Kostenindelingen worden ook gecombineerd:
- Constante directe kosten: bv. de kosten van een machine die uitsluitend gebruikt wordt voor één
product
- Constante indirecte kosten: bv. de kosten van een machine die voor meer dan één product gebruikt
wordt
- Variabele directe kosten: bv. grondstofkosten
- variabele indirecte kosten: bv. elektriciteitsverbruik van een machinepark.



Hoofdstuk 2 – Kostprijsberekeningen

Kostprijs is de som van de toegestane kosten per eenheid.

Kosten kunnen op drie manieren ingedeeld worden:
1. De kostencategorieën:
- kosten van grond
- kosten van grond- en hulpstoffen
- kosten van arbeid
- kosten van belastingen
- kosten van diensten van derden
- kosten van duurzame productiemiddelen
- kosten van interest
2. Directe en indirecte kosten:
Om de indirecte kosten op te nemen in de kostprijs, maakt men gebruik van opslagpercentages.
Hierbij onderscheidt men:
- primitieve opslagmethode: de indirecte kosten worden met één opslagpercentage in de kostprijs
opgenomen
- verfijnde opslagmethode: de indirecte kosten worden met meer opslagpercentages in de kostprijs
opgenomen.
3. Constante en variabele kosten:
Variabele kosten zijn kosten die reageren op een verandering in de productieomvang. De constante
kosten zijn kosten die niet reageren op de verandering van de productieomvang.

Totale constante verkoop Totale verwachte variabele kosten C V
kostprijs= + of +
normale productie verwachte productie N W

, Voorbeeld:
Variabele fabricagekosten €189.000,- Constante fabricagekosten € 80.000,-
Variabele verkoopkosten € 36.000,- Constante verkoopkosten € 30,000,-
Normale prod. en afzet 20.000 ehdn Verwachte prod. en afzet 18.000 ehdn
Verkoopwinst bedraagt 20% van de verkoopprijs

Vraag:

a. Bereken de fabricagekostprijs;
Constante fabricagekostprijs = € 80..000 = €4,-
Variabele fabricagekosten = €189..000 = €10,50
Fabricagekosten = €4,- + €10,50 = € 14,50
b. Bereken de commerciële kostprijs;
Constante verkoopkosten = €30..000 = €1,50
Variabele verkoopkosten = €36..000 = €2,-
Commerciële kostprijs = €1,50 + €2,- + €14,50 = €18,-
c. Bereken de verkoopprijs;
Commerciële kostprijs 80% = €18,-
Verkoopwinst 20% = €4,50 (som = bedrag 100% - bedrag 80%)
Verkoopprijs 100% = €22,50 (som = 18/80 x 100)


Berekening bedrijfsresultaat:

Winstberekening volgens absorption costing (integrale kostencalculatiemethode):
1. Bedrijfsresultaat = verkoopresultaat + bezettingsresultaat
Verkoopresultaat = afzet x (verkoopprijs – commerciële kostprijs)
C
Bezettingsresultaat = ( W – N ) x
N
Waarin : W = verwachte productie
N = normale productie
C = Totale constante verkoop

2. Bedrijfsresultaat = TO –TK + voorraadmutatie (Totale opbrengst – Totale kosten)

De kosten van vaste activa bestaan uit:
- afschrijvingskosten
- interestkosten
- complementaire kosten

We hebben drie afschrijvingsmethoden besproken:
1. Afschrijvingen met een vast percentage van de aanschafprijs: het af te schrijven bedrag is elk jaar
A−R
gelijk. De afschrijvingskosten per jaar worden berekend met de formule: waarin
n
A = aanschafwaarde inclusief bijkomende kosten
R = restwaarde
n = economische levensduur

Afschrijvingspercentage = afschrijvingskosten per jaar / totale aanschafwaarde x 100%

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
8 september 2025
Aantal pagina's
22
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.00
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
julie_springen87 NCOI
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
30
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
1 maand geleden

4.5

2 beoordelingen

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen