Samenvatting boek “Tussen Wet en wetenschap”
Het strafrecht gaat over mensen en misdrijven; van de getuige die een misdrijf ziet, tot de
rechter die uiteindelijk moet beslissen over schuld en straf, en alles daartussenin. De
rechtspsychologie gaat over het gedrag van al die mensen; gedrag dat onder invloed staat
van de rechtinsregels en bepalend is voor de uitkomsten van strafrechtelijke procedures.
De rechtspsychologie is een wetenschap die inzicht geeft in alle stadia van het
strafproces.
De professionals die het recht toepassen, maar ook de rechtspsychologen die zaken
onderzoeken en daarover adviseren, bevinden zich vaak tussen wet en wetenschap.
Het boek is lijdende stof voor het tentamen - icm met de werkgroepen!!
Alles wat er wordt verteld in de hoorcolleges - zal indien het niet terugkomt in het boek -
geen stof zijn voor het tentamen
Confirmation Bias
Neiging om informatie te zoeken en te interpreteren op een manier die bestaande
overtuigingen of hypothesen bevestigt.
Hoofdstuk: 5 (Tunnelvisie) en 6 (Heuristieken)
Hindsight Bias
Moeite om je te verplaatsen in een situatie uit het verleden, met kennis van hoe de
situatie is afgelopen.
Hoofdstuk: 6 (Heuristieken)
Cognitieve Dissonantie
Onrust door tegenstrijdige overtuigingen of informatie, wat leidt tot pogingen om deze
dissonantie te verminderen.
Hoofdstuk: 5 (Tunnelvisie)
Belief Perseverance
Neiging om vast te houden aan een overtuiging, zelfs wanneer er tegenstrijdig bewijs is.
Hoofdstuk: 5 (Tunnelvisie)
Representativiteitsheuristiek
Beoordelen of iets tot een categorie behoort op basis van hoe goed het lijkt te passen in
een stereotype.
Hoofdstuk: 6 (Heuristieken)
Base Rate Neglect
Neiging om te weinig rekening te houden met basisinformatie over frequentie of
waarschijnlijkheid bij het nemen van beslissingen.
Hoofdstuk: 6 (Heuristieken)
Tunnelvisie
Gecombineerde effecten van verschillende biases die leiden tot een beperkte focus op
één hypothese of verklaring.
Hoofdstuk: 5 (Tunnelvisie)
Spinoza-heuristiek / Truth Bias
Neiging om informatie initieel als waar te accepteren en pas later, indien nodig, als
onwaar te beoordelen.
Hoofdstuk: 6 (Heuristieken)(Tussen Wet en Wetenschap).
,Affectheuristiek (denk aan affectie)
Geloofwaardigheid wordt beïnvloed door emoties; een gebrek aan emotie kan leiden
tot minder empathie en twijfel.
Consistentie- en coherentieheuristiek
Verklaringen die consistent en logisch zijn, worden als geloofwaardiger gezien;
incoherente verhalen wekken twijfel.
De a priori kans is de startkans: de waarschijnlijkheid dat een hypothese waar is
vóórdat nieuw bewijs wordt meegenomen.
Theorie van Beperkte Rationaliteit (Bounded Rationality Theory)
Stelt dat mensen beslissingen nemen binnen de grenzen van beperkte informatie, tijd en
cognitieve capaciteit, en streven naar een keuze die "goed genoeg" is in plaats van
optimaal.
,Week 1, Werkgroep 1,
Introductie: Wat is rechtspsychologie? & Over rechtvaardigheid
1. Over de rechtspsychologie
2. Klassieke experimenten in de rechtspsychologie
3. Rechtspsychologie en strafrecht: een gelukkig huwelijk?
32. Schuld toedelen
33. Straffende rechters en psychologische denkeigenaardigheden
1. Over de rechtspsychologie
Dit hoofdstuk bespreekt de rol van de rechtspsychologie binnen strafzaken, waar mensen
worden vervolgd, berecht en soms slachtoffer of getuige zijn van misdrijven.
Rechtspsychologie richt zich op menselijk gedrag en beïnvloedende factoren in juridische
contexten, waarbij gedrag wordt geanalyseerd, ongeacht de voorschriften van het
rechtssysteem. Rechtspsychologie verschilt van de normatieve rechtswetenschap, die
gericht is op regels voor het opsporen en berechten van schuldigen en het beschermen
van onschuldigen. Waar de rechtswetenschap voorschrijft hoe mensen zich in juridische
situaties zouden moeten gedragen, richt rechtspsychologie zich descriptief op de
werkelijke gedragingen van mensen, zoals waarnemen, herinneren en beslissen, en
onderzoekt het hoe rechtsregels deze processen kunnen beïnvloeden. Een belangrijk punt
voor rechtspsychologen is dat juridische voorschriften soms menselijke denkfouten of
misvattingen kunnen veroorzaken.
Historische Ontwikkeling
De basis van de rechtspsychologie werd eind 19e eeuw gelegd door William Stern, die
onderzoek deed naar het menselijk geheugen en getuigenverklaringen. Stern
concludeerde dat foutloze herinnering de uitzondering is, zelfs onder ede, wat later werd
aangetoond door geënsceneerde situaties (mock crimes) om de feilbaarheid van getuigen
te demonstreren. Zijn laboratoriumstudies werden later in Duitse universiteiten populair als
demonstratie van getuigenbetrouwbaarheid. Stern's werk zorgde ervoor dat psychologen
een vaste rol kregen als getuigendeskundigen in de Duitse rechtspraak.
In de Verenigde Staten probeerde Hugo Münsterberg, geïnspireerd door Stern,
rechtspsychologie te introduceren. Zijn werk was echter controversieel, deels door zijn felle
kritiek op juristen, wat leidde tot conflicten met figuren als jurist John Wigmore. In
Nederland vond het eerste rechtspsychologische experiment in 1909 plaats door Jan Simon
van der Aa, die een ruzie in een collegezaal en de uiteenlopende getuigenverslagen
gebruikte om de feilbaarheid van getuigen te tonen. Na deze experimenten bleef het lange
tijd stil rond rechtspsychologie, tot de publicatie van een theorie over rechterlijke
beslissingen in 1977, wat leidde tot een hernieuwde belangstelling voor
rechtspsychologisch onderzoek in Nederland, vooral naar rechterlijke besluitvorming en de
kwaliteit van bewijsmiddelen.
De Opkomst en Ontwikkeling van Rechtspsychologie in Nederland
In de jaren tachtig ontstond de Werkgroep Rechtspsychologie, die later leidde tot
belangrijke publicaties en het eerste handboek De menselijke factor in 1991. Dit werd
opgevolgd door handboeken zoals Het hart van de zaak en Routes van het recht, die steeds
nieuwe ontwikkelingen en onderzoeksresultaten in het vakgebied weerspiegelen.
Rechtspsychologie werd later ook academisch ingebed en kreeg onder andere leerstoelen
in Nederland en België, en speciale opleidingen aan universiteiten zoals de Universiteit
Maastricht en de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Een belangrijk voorbeeld van de invloed van rechtspsychologie op de Nederlandse
rechtspraktijk is de analyse van gerechtelijke dwalingen in zaken zoals de Schiedammer
Parkmoord, waarin Peter van Koppen aantoonde dat tunnelvisie bij politie en Openbaar
, Ministerie leidde tot een verkeerde veroordeling. Zijn reconstructie werd ondersteund door
commissies zoals de commissie-Posthumus en leidde tot verbeteringen binnen de
opsporing en vervolging, met onder andere aandacht voor kritische reflectie, tegenspraak
en verslaglegging van ontlastend bewijs.
Deelgebieden binnen de Rechtspsychologie
Sinds 2017 erkent het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD)
rechtspsychologen in drie deelgebieden:
❖ Validiteit van verklaringen: Hierbij wordt vaak gevraagd om de betrouwbaarheid van
getuigenverklaringen te beoordelen, wat betekent dat rechtspsychologen
onderzoeken in hoeverre verklaringen overeenkomen met de werkelijkheid
(validiteit) en welke factoren een verklaring kunnen beïnvloeden, zoals suggestieve
vragen tijdens verhoren.
❖ Leugendetectie: Dit gebied omvat technieken om leugens en het simuleren van
stoornissen te identificeren. In de praktijk worden rechtspsychologen echter zelden
gevraagd voor leugendetectie.
❖ Bewijs en bewijsvergaring: Rechtspsychologen analyseren biases en denkfouten die
invloed kunnen hebben op opsporingsonderzoeken en onderzoeken specifieke
procedures, zoals herkenningsprocedures.
Spanningen tussen Rechtspsychologie en Juridische Praktijk
De relatie tussen rechtspsychologie en het juridische veld is niet altijd soepel. Juristen
kunnen sceptisch zijn over de toegevoegde waarde van rechtspsychologen, omdat hun
analyses soms overlappen met de oordelen die rechters zelf maken. Een kritische toon in
sommige rechtspsychologische publicaties, zoals Dubieuze Zaken en De slapende rechter,
heeft deze spanning vergroot. Rechtspsychologen kunnen echter bijdragen door hun
wetenschappelijke kennis en analyses, die rechters doorgaans missen, en een andere
benadering te hanteren dan juristen.
Aanbevelingen voor een Betere Samenwerking
De auteurs geven drie aanbevelingen om de samenwerking te verbeteren:
1. Kritische ondervraging van deskundigen kan misverstanden voorkomen en juristen
helpen de waarde van rechtspsychologische analyses beter te beoordelen.
2. Transparantie in de analyses van rechtspsychologen helpt rechters om te begrijpen
hoe conclusies tot stand komen en waarom bepaalde bronnen, zoals
camerabeelden, worden gebruikt.
3. Verplaatsing in elkaars positie: Juristen en rechtspsychologen zouden meer begrip
moeten tonen voor elkaars rol en uitdagingen. Rechtspsychologen dienen hun toon
te matigen, terwijl juristen worden aangemoedigd om aandacht te schenken aan
de inhoud van de rechtspsychologische bevindingen.
Om de dialoog te bevorderen, wordt regelmatig een ontmoeting georganiseerd tussen
rechtspsychologen en mensen uit de rechtspraktijk. Hier worden constructieve discussies
gevoerd om begrip en samenwerking te vergroten.