hoofdstuk 12 8ste druk
geschreven door:
Fincke1994
De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Op Stuvia vind je het grootste aanbod aan samenvattingen en collegeaantekeningen. De
documenten zijn geschreven door jouw medestudenten, specifiek voor jouw opleiding!
www.stuvia.com
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Mens en recht
Hoofdstuk 1 recht en regels:
Rechten en plichten komen voort uit normen en waarden die algemeen gelden in de maatschappij. Door een norm
in zogenaamde rechtsregels vast te leggen met de wijze waarop die regels gehandhaafd kunnen worden krijgt het
recht vorm. . Het recht brengt doelmatige ordening aan in de samenleving. Recht en rechtvaardigheid zijn geen
synoniemen, maar het recht is in beginsel wel gericht op rechtvaardigheid. Er is een verschil tussen gelijk hebben en
gelijk krijgen. De kans op dit laatste is groter naarmate iemand meer kennis heeft van het recht.
Regels behoren pas tot het recht als ze algemeen als rechtsregels zijn aanvaard en vastgesteld. Er zijn 4
rechtsbronnen:
De wet- en regelgeving
Wetten bevatten rechtsregels die zijn vastgesteld door de overheid ( centrale volksvertegenwoordiging =
eerste en tweede kamer / Staten-Generaal). Ook lagere overheidsorganen zoals minister, provinciale staten
en gemeenteraad kunnen rechtsregels vaststellen.
Hoogste wetgever : Staten-Generaal met de regering (koning en ministers samen).
Een wet komt tot stand als de regering en de Staten-Generaal met een wetvoorstel instemmen. Alleen
wetten die afkomstig zijn van de hoogste wetgever worden met wet aangeduid. De bepalingen zijn
genummerd en worden wetsartikelen(kan bestaan uit meerdere delen) genoemd.
Wettenbundel is een verzameling officiële wetboeken die door een uitgever zijn geselecteerd en samen in
een boek zijn opgenomen.
Grondwet: Hoogste wet in Nederland.
In lagere regelgeving komt het woord wet niet voor.
Koninklijk Beleid (KB) : een wet die afkomstig is van de regering (dus zonder S-G). De regering houdt zich
niet alleen bezig met regelgeving er zijn dus ook KB’s die geen regels bevatten.
Algemeen maatregel van bestuur (AMvB): een KB dat wel regels bevat.
Ministeriële regeling: een regeling afkomstig van een minister.
Verordening: Een regeling van provinciale staten of van de gemeenteraad.
Gemeenschapsverorderingen en – richtlijnen: regelingen die door organen van de EU zijn vastgesteld zijn
vastgesteld en die in eu-lidstaten gelden. Deze zijn hoger dan de Nederlandse grondwet.
Jurisprudentie (uitspraken van rechters) (ongeschreven recht):
Jurisprudentie ontstaat doordat algemene regels in de diverse wetten en in de overige regelgeving moeten
worden toegepast in individuele situaties die vaak heel verschillend zijn. Het is de taak van de rechter om te
beoordelen hoe de regels zijn bedoeld. Hij doet dit door de rechtsregels te interpreteren en de uitkomst
ervan te formuleren in een uitspraak. Afhankelijk van de soort zaak of het niveau waarop er recht wordt
gesproken heet zijn uitspraak: Vonnis, uitspraak of arrest.
Arrest: uitspraak van de hoge raad der Nederlanden (hoogste rechter)
De rechter vult zelf de normen in die niet duidelijk genoeg in de wet staan., of die al wel in de maatschappij
gelden maar nog niet in de wet staan. Omdat in de rechtspraak nieuw recht wordt gevormd door de rechters
wordt jurisprudentie ook wel rechtersrecht genoemd.
Gewoonte (ongeschreven recht):
De regels van gewoonterecht zijn niet ergens opgetekend maar ontstaan in de loop van de tijd door het
gebruik ervan in algemene kring (komt maar weinig voor). Overigens valt een gewoonte die in strijd is met
het recht niet onder het gewoonterecht.
Verdrag: afspraak tussen twee of meer staten die op schrift is gesteld en die geldt in de staten die partij zijn
bij het verdrag:
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.