Conferentie van Jalta
Na Hitlers ondergang was de vraag: hoe moest Europa eruitzien? Er werden daarom 2 vergaderingen
gehouden in 1945. De Sovjet-Unie, Verenigde Staten en Groot-Brittannië spraken af op die
vergaderingen:
-Duitsland werd voorlopig opgedeeld in vier bezettingszones,
inclusief Berlijn werd apart opgedeeld in ook 4 zones van de 3 grote
leiders + Frankrijk.
-in de andere landen zouden vrije en eerlijke verkiezingen worden
gehouden.
-de geallieerde landen zouden nauw met elkaar samenwerken.
Die samenwerking mislukte, omdat Stalin bang was dat Fr, G-B
en de VS een einde wilden maken aan het communisme.
Omgekeerd vroegen de anderen 3 landen zich af of Stalin er
wel bereid voor was om de Oost-Europese buurlanden
parlementaire democratieën toe te staan.
Al in 1946 waarschuwde Churchill dat Europa uiteen zou vallen,
hij voorzag een ijzeren gordijn, een grens tussen een
democratische en kapitalistisch West-Europa en een
communistisch Oost-Europa. Al snel werden alle politieke
partijen opzijgeschoven door de communistische partijen en
Stalin zelf. Harry Truman beloofde alle landen economische en
militaire te steunen die waren bedreigd door het communisme.
George Marshall maakte miljarden dollars vrij voor hulp aan
Europa. Door het Marshallplan konden Europese landen hun oorlogsschade snel repareren en
herstelde de economie zich. Het Marshallplan: De VS gaf geld en spullen om landen te helpen hun
economie te herstellen en sterker te maken. Hierdoor kon Europa sneller herstellen van de oorlog en
werd communisme tegengehouden. Na de bevrijding waren communistische partijen bijna overal in
Europa populair, dit kwam omdat zich fel hadden verzet tegen ’t nazisme. De Amerikanen vreesden
dat steeds meer mensen voor het communisme zouden kiezen als Europa arm zou blijven. Het
Marshallplan liep goed af, vooral in West-Duitsland liep de economie zo goed, dat het bijna
sprakeloos was: Wirtschaftswunder.
De Oost-Europese landen profiteerde niet van het Marshallplan, Stalin had ’t aanbod afgewezen,
omdat hij bang was dat anders de Amerikanen te veel invloed zouden krijgen. In plaats daarvan
voerde Stalin een planeconomie in, dit werkte niet goed: de welvaart in Oost-Europa bleef ver achter
dan bij die van ’t westen.
Blokkade van Berlijn
In 1948 groeide het westen en het Oostblok van Duitsland ver uit elkaar, dit gebeurde in een aantal
stappen:
-Eerst werd Duitsland (opnieuw) opgedeeld. Aanleiding: ruzie tussen Stalin en de westerse
geallieerden. Om Stalins zin te krijgen sloot hij alle aanvoerwegen van West-Berlijn af om mensen in
, West-Berlijn te verhongeren. Dit had geen zin: Amerikaanse en Britse vliegtuigen zorgden voor de
bevoorrading. Stalin gaf de blokkade daarom op. Het gevolg van deze ellende is dat de leiders elkaar
niet meer vertrouwden, dus werd samenwerken onmogelijk. Het land werd toen door de helft
gesplitst, West-Duitsland=BRD: bondsrepubliek Duitsland) en in het oosten (communisten)=DDR:
Duitse Democratische Republiek.
-Vorming van militaire bondgenootschappen. De VS en andere westerse landen richtte de NAVO op,
ze beloofde elkaar te steunen bij een aanval. Het Oostblok had het: Warschaupact. Met hiermee
dezelfde bedoeling als de westers: elkaar steunen bij een aanval, maar ook Oost-Europese landen
ingrijpen als ze het communisme af wilde schaffen.
-Het laatste gat in het ijzeren gordijn werd gedicht. Tot die tijd konden mensen in Berlijn nog van
oost naar west rijden. Veel Oost-Duitsers waren ontevreden over het communistische systeem en
verhuisden daarom naar het meer welvarende West-Duitsland. Om dat te voorkomen sloten de DDR
en de Sovjet-Unie de grens af met een muur.
Verschillen Communisme en Kapitalisme:
•Communisme: Gemeenschappelijk bezit, staatscontrole, gelijkheid.
•Kapitalisme: Privébezit, vrije markt, economische ongelijkheid.
P2 | Korea oorlog 1950-1953
Tijdens de koude oorlog ontstonden ook buiten Europa grote spanningen tussen de wereldmachten,
de oorzaak hiervan was het ontstaan van het communistische China in 1949 na de ineenstorting van
het Chinese keizerrijk. Verschillende groepen (zoals communisme, kapitalisme…etc.) streden om de
macht. Het communisme greep toen de macht, hierdoor waren westerse leiders bang dat andere
landen in Azië hen zal volgen om ook communistisch te worden: dominotheorie.
Het eerste land waar dit leek te gebeuren was Korea, er ontstonden toen twee Korea’s, dit buurland
van China, was namelijk lang geleden een Japanse kolonie geweest. (De japanners verlieten Noord-
Korea in 1945 en lieten dat open staan, hierdoor konden de VS en/of China t pakken.) (Dus
Japan=Korea): Noorden=communistisch, ’t zuiden= kapitalistisch. De VS pakte dit aan door Noord-
Koreanen terug te drijven, China hielp toen Noord-Korea en was er een wapenstilstand in 1953.
Vietnamoorlog 1955-1975
De belangrijkste botsing tussen oost en west was in Vietnam. Het was een oorlog tussen Frankrijk en
de inwoners van Vietnam die onafhankelijk wilden zijn. De fransen verloren de strijd, Vietnam werd
toen opgedeeld net zoals in Korea. De VS was bang dat de communisten ook Zuid-Vietnam zouden
overnemen. Amerikaanse soldaten gingen naar Vietnam om het zuiden tegen het communisme te
beschermen. Communistische China en de Sovjet-Unie steunden Noord-Vietnam. Uiteindelijk
moesten de Amerikanen hun nederlaag erkennen en was Vietnam volledig communistisch.
De drie belangrijkste redenen voor de Amerikaanse nederlaag:
De Amerikanen hadden veel betere wapens, maar toch konden ze niet op tegen de
communistische strijders. Die voerden namelijk een guerrillaoorlog: het voeren van lichte,
kleine, onverwachte aanvallen uit en trokken zich dan snel terug.
Na verloop van tijd keerde een deel van Zuid-Vietnamese bevolking zich tegen de
Amerikanen. Ze bevielen het kapitalisme niet.