Boek: An Introduction to Moral Philosophy - Jonathan Wolff - 3e editie
Hoofdstuk 1: Moral Philosophy and Moral Reasoning
Het punt van morele filosofie
Niemand heeft een introductie in moraliteit nodig. Zelfs voordat we kunnen spreken, krijgen
we training in moraliteit: we leren delen en om de beurt; we krijgen te horen dat we niet
mogen bijten, knijpen of krabben, of speelgoed van anderen mogen afpakken. Sommige
kinderen nemen deze regels gemakkelijk over; anderen moeten er steeds weer aan
herinnerd worden. Sommigen leren het nooit. Maar moraliteit en morele vragen zijn vanaf
het begin overal om ons heen.
Als moraliteit al vroeg komt, komt morele filosofie later, als het überhaupt komt.
- Morele filosofie: in brede zin de benaming voor het denken en reflecteren over
moraliteit.
Aristoteles suggereert dat de jongeman niet klaar is om moraalfilosofie te studeren, omdat
hij geen levenservaring en zelfbeheersing heeft. Voor de jonge vrouw lijkt Aristoteles aan te
nemen dat de vraag zich simpelweg niet voordoet. Toch voegde Aristoteles eraan toe dat
jeugdigheid niet te meten is in jaren: je kunt oud maar onvolwassen zijn, dus de waarde van
moraalfilosofie zal je voorbijgaan. Evenzo kun je jong van leeftijd zijn, maar al wijs genoeg
om van studeren te profiteren.
Het ontwikkelen van een moreel perspectief
Moraalfilosofie is een praktisch vak met belangrijke theoretische elementen. Het helpt je om
een eigen morele visie te ontwikkelen en scherper te zien wat er moreel gezien toe doet. Je
leert welke overwegingen serieus genomen moeten worden, en hoe je je denken, aandacht
en emoties kunt richten. Het draait om reflectie op je relaties met anderen en met
waardevolle zaken in het leven, en om het inzetten van je talenten en energie op een
zinvolle manier. Moraliteit beïnvloedt ook hoe je anderen benadert, begeleidt of onderwijst.
Van Plato leren we hoe lastig het is om het idee van objectieve morele waarheden los te
laten. Aristoteles laat zien dat moraliteit niet alleen over handelen gaat, maar ook over het
ontwikkelen van karakter.
Tradities van de morele filosofie
In dit boek worden de termen moraliteit en ethiek door elkaar gebruikt, de meeste filosofen
gebruiken de twee termen met dezelfde betekenis. Sommigen maken wel degelijk een
onderscheid, maar wanneer ze dat doen, leggen ze dat zorgvuldig uit, en verschillende
filosofen maken verschillende onderscheidingen tussen de twee woorden.
De aard van de morele filosofie
De grens tussen etiquette en moraliteit is vrij vaag. In veel gevallen kan het herhaaldelijk niet
naleven van de normale omgangsregels, impliciet of expliciet, een manier zijn om
minachting of gebrek aan respect te tonen voor de mensen om je heen, en dit is waar
etiquettekwesties de grens overgaan naar moraliteit. Stel bijvoorbeeld dat de regels voor het
doorgeven van de porto zorgvuldig aan mij waren uitgelegd en ik ze desondanks keer op
keer negeerde, tot grote ergernis van de mensen om me heen, dan komt deze schending
van de goede manieren zeer respectloos over.
De moraalfilosoof Immanuel Kant betoogde dat we ook morele plichten jegens onszelf
hebben. Als dat waar is, betekent dit dat moraliteit niet alleen betrekking heeft op wat we
anderen verschuldigd zijn, maar ook op wat we onszelf verschuldigd zijn.