Wetenschapsfilosofie en Beroepsethiek
10-1-2022 semester 1
Dag 1: Ethiek
1. Ethiek en de aard van morele problemen
Wat is ethiek?
Centrale vraag: Wat is “het juiste”om te doen?
Begrippen:
- Norm = concrete gedragsregel of handelingsvoorschrift (waarmee je uiting geeft aan een
waarde) à je mag niet liegen
- Waarde = belangrijke nastrevingswaardige eigenschappen. à geluk, vriendschap,
eerlijkheid.
- Ethiek = systematische reflectie op de moraal
- Moraal = het geheel van normen en waarde dat door een individu of cultuur als belangrijke
richtlijn vooreigen handelingen wordt beschouwd. Een moraal is dynamisch, ze kunnen
veranderen
- Persoonlijke moraal = normen en waarden die spelen in de persoonlijke levenssfeer van
mensen.
o Norm: vrienden niet laten vallen,
o Waarde = betrouwbaarheid, loyaliteit.
- Professionele moraal = van toepassing op alle mensen binnen een bepaalde professie à
beroepscode voor biologen,
o Norm: je moet proefdieren goed huisvesten,
o Waarde: respect hebben voor de eigenwaarde van dieren.
- Bedrijfs moraal = moraal dat geld binnen een organisatie
o Norm = wij doen alleen zaken met gecertificeerde levernaciers
o Waarde = Eerlijkheid
- Publiekelijke moraal = het geheel van normen en waarde die gelden voor allemensen
binnen de samenleving
o Norm = publiekelijke normen staan in de wet à niet discrimineren
o Waarde = gelijkheid
Wanneer heb je een moreel probleem
è Als jouw beslissing gevolgen heeft voor de rechten, belangen
en wensen van de ander.
- De ander = iedereen die gevolgen ondervindt van de
beslissing die genomen wordt in het probleem,
è Als er morele conflicten onstaan tussen/binnen de
verschillende moralen of vlakken
- Bv. persoonlijk – professioneel à Eerlijk zijn en je
geheimhoudingsplicht.
,Oorzaken voor het ontstaan van een moreel probleem:
- Botsende normen à relationele/professionele normen
- Verschuivende waarden à vroeger iedere dag vlees, nu vinden veel mensen van niet.
- Onverwezenlijkte idealen à nederland is beter zonder drugs
- Nieuwe kennis of feiten à al heel vroeg kennis over de feutus, vragen over
zwangerschap afbraak.
Let op: Moreel problematisch is niet hetzelfde als moreel verwerpelijk.
- Moreel verwerpelijk = oordeel, dit doe je in overwegening. Een handeling kan nog wel
problematisch zijn, maar het is de best mogelijke beslissing.
Het morele oordeel
- Moreel relativisme = een moreel oordeel is zinloos, want het is subjectief, iedereen mag
zijn eigenmening hebben.
- De logica gebruiken à een moreel oordeel is niet zinloos, want mensen kunnen hun
oordeel in redelijkheid bespreken, waardoor ze objectiviteit winnen.
2. Normatief ethische theorieën
Hoe beslis ik of een handeling juist is?
Consequentialisme
Gevolgethiek: je beoordeelt aan de hand van de gevolgen.
- Een handeling is goed als de gevolgen ervan goed zijn. Meer goed dan kwaad doen, de
kosten zijn lager dan de baten.
o Proefdieren is goed, want je haalt er veel kennis uit.
Utilisme
David Hume (1711-1776), Jeremy Bentham (1748-1832), John stuart Mill (1806-1873).
Bekende stroming binnen het Consequentialisme/gevolgethiek.
Utilisme: Een goed gevolg is een gevolg in termen van NUT (de eerste ‘waarde’)
Hedonistisch utilisme – Jeremy Bentham
Een handeling is goed wanneer je het grootse geluk voor de grootste groep mensen veroorzaakt.
- “De natuur heeft de mensheid onder het bestuur gezet van twee soevereine meesters: Pijn
en genot” ~ Jeremy Bentham
- Geluk = de aanwezigheid van genot en afwezigheid van pijn. En is intrinsiek waardevol. Alles
draait om het vinden van zo veel mogelijk gelukt.
Kritiek op hedonistisch utilisme
- Er zijn meer zaken nastrevenswaardig omwille van zichzelf à gezondheid, trouw?
- Hoe bepaal je het geluktsgehalte/ de hoeveelheid geluk
- Heb ik tov iedereen dezelfde plichten tav het creëren van geluk?
Kritiek op consequentialisme
- Wanneer is een gevolg goed en wie bepaalt dat?
- Voor wie zijn de nadelige gevolgen?
, - Hoe bereken en vergelijk je de gevolgen?
- Hoe ga je om met onzekerheden over de gevolgen?
Deontologie – Immanuel Kant
Plichtethiek: je hebt de gevolgen niet nodig, om te bepalen of je handeling juist is. Maar je moet
kijken naar de aard/intensie van de handeling juist is.
Deontologie à De handeling bepaald of het goed is niet de gevolgen.
Om te bepalen wat het juiste is om te doen, moet je het maxime (de kern/aard/intensie) van de
handeling moet juist zijn.
- Het maxime = de onderliggende regel of intensie van de handeling.
Categorische imperatief – Kant
2 vromen van de categorische imperatief:
1. Handel alleen volgens de regel, waarvan je zou kunnen willen dat deze tot universele wet
wordt gemaakt.
2. Behandel ieder mens nooit louter (alleen) als middel, maar altijd ook als doel op zich; m.a.w.
als een autonoom moreel wezen.
o Autonoom wezen = iemand die zelf keuzes kan maken en instemming kan geven.
Een regel waarvan je kan willen dat iedereen het doet, de regel zou je tot wet kunnen verheffen.
Een handeling kan dus in zijn aard onjuist zijn.
Kritiek op de deontologie:
- Radicale deontologie kan leiden tot irrationele regelverheerlijking. à je mag niet liegen,
want je wil niet dat liegen tot regel wordt verheven.
- Waarom doen hele goede of hele slechte gevolgen er helemaal niet toe, als de gevolgen
schadelijk zijn voor de anderen of de omgeving?
- Wat doe je als principes tegelijkertijd gelden, zoals bij een moreel dilemma, wat geeft dan de
doorslag?
-
Deugdethiek - Aristoteles
- Kijkt naar de handelaar, niet de handeling.
- Handelen naar de ander
- Er wordt gekeken naar degene die de handeling uitvoert.
- Het gaat er niet om wat je doet, maar dat je het doet vanuit een goed karakter.
Aristoteles à relationeel wezen, geen autonomie, de mens kan geen afstand doen van een situatie
om te besluiten wat het juiste is om te doen.
- Wat voor een mens wil ik zijn, de juiste handelingen horen daarbij.
- Herhaling voor het aanleren van de juiste gewoontes is essentieel.
- “Als jij een goed karakter ontwikkeld zul je vanzelf het juiste doen”
“De ethiek van het juiste midden”
Deugd = karaktereigenschap die volgens Aristoteles essentieel is om een goed mens te worden.
“Wijsheid, gematigdheid, moed, rechtvaardigheid” à kardinale deugden
10-1-2022 semester 1
Dag 1: Ethiek
1. Ethiek en de aard van morele problemen
Wat is ethiek?
Centrale vraag: Wat is “het juiste”om te doen?
Begrippen:
- Norm = concrete gedragsregel of handelingsvoorschrift (waarmee je uiting geeft aan een
waarde) à je mag niet liegen
- Waarde = belangrijke nastrevingswaardige eigenschappen. à geluk, vriendschap,
eerlijkheid.
- Ethiek = systematische reflectie op de moraal
- Moraal = het geheel van normen en waarde dat door een individu of cultuur als belangrijke
richtlijn vooreigen handelingen wordt beschouwd. Een moraal is dynamisch, ze kunnen
veranderen
- Persoonlijke moraal = normen en waarden die spelen in de persoonlijke levenssfeer van
mensen.
o Norm: vrienden niet laten vallen,
o Waarde = betrouwbaarheid, loyaliteit.
- Professionele moraal = van toepassing op alle mensen binnen een bepaalde professie à
beroepscode voor biologen,
o Norm: je moet proefdieren goed huisvesten,
o Waarde: respect hebben voor de eigenwaarde van dieren.
- Bedrijfs moraal = moraal dat geld binnen een organisatie
o Norm = wij doen alleen zaken met gecertificeerde levernaciers
o Waarde = Eerlijkheid
- Publiekelijke moraal = het geheel van normen en waarde die gelden voor allemensen
binnen de samenleving
o Norm = publiekelijke normen staan in de wet à niet discrimineren
o Waarde = gelijkheid
Wanneer heb je een moreel probleem
è Als jouw beslissing gevolgen heeft voor de rechten, belangen
en wensen van de ander.
- De ander = iedereen die gevolgen ondervindt van de
beslissing die genomen wordt in het probleem,
è Als er morele conflicten onstaan tussen/binnen de
verschillende moralen of vlakken
- Bv. persoonlijk – professioneel à Eerlijk zijn en je
geheimhoudingsplicht.
,Oorzaken voor het ontstaan van een moreel probleem:
- Botsende normen à relationele/professionele normen
- Verschuivende waarden à vroeger iedere dag vlees, nu vinden veel mensen van niet.
- Onverwezenlijkte idealen à nederland is beter zonder drugs
- Nieuwe kennis of feiten à al heel vroeg kennis over de feutus, vragen over
zwangerschap afbraak.
Let op: Moreel problematisch is niet hetzelfde als moreel verwerpelijk.
- Moreel verwerpelijk = oordeel, dit doe je in overwegening. Een handeling kan nog wel
problematisch zijn, maar het is de best mogelijke beslissing.
Het morele oordeel
- Moreel relativisme = een moreel oordeel is zinloos, want het is subjectief, iedereen mag
zijn eigenmening hebben.
- De logica gebruiken à een moreel oordeel is niet zinloos, want mensen kunnen hun
oordeel in redelijkheid bespreken, waardoor ze objectiviteit winnen.
2. Normatief ethische theorieën
Hoe beslis ik of een handeling juist is?
Consequentialisme
Gevolgethiek: je beoordeelt aan de hand van de gevolgen.
- Een handeling is goed als de gevolgen ervan goed zijn. Meer goed dan kwaad doen, de
kosten zijn lager dan de baten.
o Proefdieren is goed, want je haalt er veel kennis uit.
Utilisme
David Hume (1711-1776), Jeremy Bentham (1748-1832), John stuart Mill (1806-1873).
Bekende stroming binnen het Consequentialisme/gevolgethiek.
Utilisme: Een goed gevolg is een gevolg in termen van NUT (de eerste ‘waarde’)
Hedonistisch utilisme – Jeremy Bentham
Een handeling is goed wanneer je het grootse geluk voor de grootste groep mensen veroorzaakt.
- “De natuur heeft de mensheid onder het bestuur gezet van twee soevereine meesters: Pijn
en genot” ~ Jeremy Bentham
- Geluk = de aanwezigheid van genot en afwezigheid van pijn. En is intrinsiek waardevol. Alles
draait om het vinden van zo veel mogelijk gelukt.
Kritiek op hedonistisch utilisme
- Er zijn meer zaken nastrevenswaardig omwille van zichzelf à gezondheid, trouw?
- Hoe bepaal je het geluktsgehalte/ de hoeveelheid geluk
- Heb ik tov iedereen dezelfde plichten tav het creëren van geluk?
Kritiek op consequentialisme
- Wanneer is een gevolg goed en wie bepaalt dat?
- Voor wie zijn de nadelige gevolgen?
, - Hoe bereken en vergelijk je de gevolgen?
- Hoe ga je om met onzekerheden over de gevolgen?
Deontologie – Immanuel Kant
Plichtethiek: je hebt de gevolgen niet nodig, om te bepalen of je handeling juist is. Maar je moet
kijken naar de aard/intensie van de handeling juist is.
Deontologie à De handeling bepaald of het goed is niet de gevolgen.
Om te bepalen wat het juiste is om te doen, moet je het maxime (de kern/aard/intensie) van de
handeling moet juist zijn.
- Het maxime = de onderliggende regel of intensie van de handeling.
Categorische imperatief – Kant
2 vromen van de categorische imperatief:
1. Handel alleen volgens de regel, waarvan je zou kunnen willen dat deze tot universele wet
wordt gemaakt.
2. Behandel ieder mens nooit louter (alleen) als middel, maar altijd ook als doel op zich; m.a.w.
als een autonoom moreel wezen.
o Autonoom wezen = iemand die zelf keuzes kan maken en instemming kan geven.
Een regel waarvan je kan willen dat iedereen het doet, de regel zou je tot wet kunnen verheffen.
Een handeling kan dus in zijn aard onjuist zijn.
Kritiek op de deontologie:
- Radicale deontologie kan leiden tot irrationele regelverheerlijking. à je mag niet liegen,
want je wil niet dat liegen tot regel wordt verheven.
- Waarom doen hele goede of hele slechte gevolgen er helemaal niet toe, als de gevolgen
schadelijk zijn voor de anderen of de omgeving?
- Wat doe je als principes tegelijkertijd gelden, zoals bij een moreel dilemma, wat geeft dan de
doorslag?
-
Deugdethiek - Aristoteles
- Kijkt naar de handelaar, niet de handeling.
- Handelen naar de ander
- Er wordt gekeken naar degene die de handeling uitvoert.
- Het gaat er niet om wat je doet, maar dat je het doet vanuit een goed karakter.
Aristoteles à relationeel wezen, geen autonomie, de mens kan geen afstand doen van een situatie
om te besluiten wat het juiste is om te doen.
- Wat voor een mens wil ik zijn, de juiste handelingen horen daarbij.
- Herhaling voor het aanleren van de juiste gewoontes is essentieel.
- “Als jij een goed karakter ontwikkeld zul je vanzelf het juiste doen”
“De ethiek van het juiste midden”
Deugd = karaktereigenschap die volgens Aristoteles essentieel is om een goed mens te worden.
“Wijsheid, gematigdheid, moed, rechtvaardigheid” à kardinale deugden