Leerdoelen MRI P3
vMRI 03-01
- De student kan de spin echo techniek beschrijven
- De student kan de parameters van een SE en TSE techniek kiezen
- De student kan de signaalintensiteiten van weefsels benoemen en de parameters erbij kiezen
- De student kan het verschil tussen SE en TSE beschrijven
vMRI 03-02
- De student kan de spin echo techniek beschrijven
Eerst wordt er een 90 graden puls gegeven waarbij Mz naar Mxy omklapt.
Vervolgens wordt er een 180 graden puls gegeven om defasering tegen te
gaan. Dit wordt gedaan op de helft van een TE. TE is de tijd van een 90
graden puls tot een signaal meting. TR is de tijd van een 90 graden puls
tot de volgende 90 graden puls. Het aantal herhalingen van een TR wordt
bepaald door de beeldmatrix. Voor elke beeldlijn moet namelijk 1 echo
worden gemeten. Bijv. matrix 256x256 lijnen: 256 x TR. 210x256 lijnen:
210 x TR
- De student kan de parameters van een SE en TSE techniek kiezen
Een TSE = FSE (turbo spin echo/fast spin echo) heeft als doel om sneller te scannen. Bij een TSE
wordt een keer een 90 graden puls gegeven met een
aantal 180 graden pulsen. Elke 180 graden puls
vormt dan een echo. Het aantal 180 graden pulsen
dat wordt gegeven heeft de turbofactor. Een nadeel
van een FSE is dat vetweefsel altijd een hoog signaal
heeft ongeacht de weging.
Om de scantijd te brekenen wordt de TR
vermenigvuldigd met de matrix.
TR Matrix Scantijd
T1 500 ms 256 x 256 128 s
2 minuten en 8 s
T1 500 ms 512 x 512 256 s
4 minuten en 16 s
T2 2000 ms 256 x 256 512 s
8 minuten en 32 s
T2 2000 TR
ms 512Matrix
x 512 Turbofactor
1024 s Scantijd
17 minuten en 4 s
T1 500 ms 256 x 256 6 21 s
T1 500 ms 512 x 512 6 42 s
T2 3000 ms 256 x 256 12 64 s
1 minuut en 4 s
1
T2 3000 ms 512 x 512 12 128 s 2019-2020
2 minuten en 8 s
, Leerdoelen MRI P3
Bij het maken van een TSE/FSE wordt er gebruik gemaakt
van multislice imaging. Hierbij is de TR beel langer dan de
TE. Na de RF puls en echometing is er binnen de TR
genoeg ruimte en tij dom ondertussen meerdere slices te
scannen.
- De student kan de signaalintensiteiten van weefsels benoemen en de parameters erbij kiezen
Spatiële resolutie
Bij gebruik van grote pixels krijg je een afbeelding met een lage resolutie. Wordt er gebruik gemaakt
van kleine pixels dan heeft de afbeelding een hoge resolutie en is het beeld beter te beoordelen.
De T1 tijd van een weefsel is gedefinieerd als de tijd waarop 63 % van Mz is hersteld.
De T2 tijd van een weefsel is gedefinieerd als de tijd waarop 37 % van Mxy resteert.
Weging SE TR TE
T1w 500 10
PDw 2000 20
T2w 2000 100
T1 tijd
- De student kan het verschil tussen SE en TSE
beschrijven
2
2019-2020
vMRI 03-01
- De student kan de spin echo techniek beschrijven
- De student kan de parameters van een SE en TSE techniek kiezen
- De student kan de signaalintensiteiten van weefsels benoemen en de parameters erbij kiezen
- De student kan het verschil tussen SE en TSE beschrijven
vMRI 03-02
- De student kan de spin echo techniek beschrijven
Eerst wordt er een 90 graden puls gegeven waarbij Mz naar Mxy omklapt.
Vervolgens wordt er een 180 graden puls gegeven om defasering tegen te
gaan. Dit wordt gedaan op de helft van een TE. TE is de tijd van een 90
graden puls tot een signaal meting. TR is de tijd van een 90 graden puls
tot de volgende 90 graden puls. Het aantal herhalingen van een TR wordt
bepaald door de beeldmatrix. Voor elke beeldlijn moet namelijk 1 echo
worden gemeten. Bijv. matrix 256x256 lijnen: 256 x TR. 210x256 lijnen:
210 x TR
- De student kan de parameters van een SE en TSE techniek kiezen
Een TSE = FSE (turbo spin echo/fast spin echo) heeft als doel om sneller te scannen. Bij een TSE
wordt een keer een 90 graden puls gegeven met een
aantal 180 graden pulsen. Elke 180 graden puls
vormt dan een echo. Het aantal 180 graden pulsen
dat wordt gegeven heeft de turbofactor. Een nadeel
van een FSE is dat vetweefsel altijd een hoog signaal
heeft ongeacht de weging.
Om de scantijd te brekenen wordt de TR
vermenigvuldigd met de matrix.
TR Matrix Scantijd
T1 500 ms 256 x 256 128 s
2 minuten en 8 s
T1 500 ms 512 x 512 256 s
4 minuten en 16 s
T2 2000 ms 256 x 256 512 s
8 minuten en 32 s
T2 2000 TR
ms 512Matrix
x 512 Turbofactor
1024 s Scantijd
17 minuten en 4 s
T1 500 ms 256 x 256 6 21 s
T1 500 ms 512 x 512 6 42 s
T2 3000 ms 256 x 256 12 64 s
1 minuut en 4 s
1
T2 3000 ms 512 x 512 12 128 s 2019-2020
2 minuten en 8 s
, Leerdoelen MRI P3
Bij het maken van een TSE/FSE wordt er gebruik gemaakt
van multislice imaging. Hierbij is de TR beel langer dan de
TE. Na de RF puls en echometing is er binnen de TR
genoeg ruimte en tij dom ondertussen meerdere slices te
scannen.
- De student kan de signaalintensiteiten van weefsels benoemen en de parameters erbij kiezen
Spatiële resolutie
Bij gebruik van grote pixels krijg je een afbeelding met een lage resolutie. Wordt er gebruik gemaakt
van kleine pixels dan heeft de afbeelding een hoge resolutie en is het beeld beter te beoordelen.
De T1 tijd van een weefsel is gedefinieerd als de tijd waarop 63 % van Mz is hersteld.
De T2 tijd van een weefsel is gedefinieerd als de tijd waarop 37 % van Mxy resteert.
Weging SE TR TE
T1w 500 10
PDw 2000 20
T2w 2000 100
T1 tijd
- De student kan het verschil tussen SE en TSE
beschrijven
2
2019-2020