Public History
Inhoudsopgave
College 1: Historische cultuur en Historisch besef...............................................................................................2
Aantekeningen Nietzsche “On the Use and Abuse of History for Life”..............................................................2
Historical Culture................................................................................................................................................5
Historisch besef....................................................................................................................................................5
College 2: Public History........................................................................................................................................7
‘Public’ in: Oxford English Dictionary, University Library Utrecht..................................................................7
Thomas Cauvin, Public History...........................................................................................................................7
Introduction......................................................................................................................................................7
Ch1: Defining public history...........................................................................................................................7
Ch2: A long history of public history..............................................................................................................8
John Tosh, Public History....................................................................................................................................8
His’tree.................................................................................................................................................................9
Publiek in Cauvin’s Public History......................................................................................................................9
Paul Ashton & Hilda Kean, Public history today..............................................................................................10
College 3: History: Beyond objectivity................................................................................................................11
‘Ludmilla Jordanova, History in practice..........................................................................................................11
Ch1: Introduction (1-13)................................................................................................................................11
Ch5: The status of historical knowledge (123-143)......................................................................................11
Alison Twells et al, ‘Undisciplined history. Creative methods and academic practice’...................................11
Epistemologie.....................................................................................................................................................12
Jordanova’s kijk op geschiedenis.......................................................................................................................13
Historical Culture in Twells...............................................................................................................................13
College 4: Memory & Heritage............................................................................................................................14
Aleida Assmann, ‘Transformations between history and memory’...................................................................14
Laurajane Smith, ‘The discourse of heritage,....................................................................................................16
College 5: History + Public...................................................................................................................................18
Berber Bevernage & Nico Wouters, ‘State-sponsored history after 1945’.......................................................18
Teaching democracy..........................................................................................................................................18
College 6: Public+ History....................................................................................................................................19
Mnemonic socialization.....................................................................................................................................19
College 7: Gastcollege Wim Burggraaf...............................................................................................................20
The Recognition and Misrecognition of Community Heritage’.........................................................................20
De kritiek op dominante praktijken...............................................................................................................20
Gevolgen voor gemeenschapsgroepen..........................................................................................................20
Oproep tot kritische betrokkenheid...............................................................................................................20
Convention on the Value of Cultural Heritage for Society, Faro 2005.............................................................21
, Gastcollege Wim Burggraaf (werkt voor rijksdienst van cultureel erfgoed).....................................................22
College 1: Historische cultuur en Historisch besef
Aantekeningen Nietzsche “On the Use and Abuse of History for Life”
Hoofdstuk 1
Pagine 2: Ik neem aan uit deze tekst dat hij probeert te vertellen dat de mens historisch besef
kent in tegenstelling tot andere wezens op de aarde. De mens heeft mede hierdoor een
donkerder bestaan begrijpend wat er gebeurd is en dat er een verloren paradijs is.
Pagina 3: De zoektocht naar geluk is de drijfveer van het leven van de mens. Iemand zonder
historisch besef van zijn eigen of iedereens verleden kan nooit gelukkig zijn, wegens de
missing van het besef hoe het is om niet gelukkig te zijn.
Pagina 4: Het historische en onhistorische zijn essentieel voor het menselijk bestaan. Het
historisch besef van een persoon kan gelimiteerd zijn aan zijn of haar horizon. De waarheid is
dat, in het proces waarin de mens, denkend, reflecterend, vergelijkend, scheidend en
combinerend, eerst die onhistorische zin begrenst, het proces waarin in die omringende
mistige wolk een heldere, glinsterende lichtstraal opkomt, pas dan, door de kracht om het
verleden te gebruiken om te leven en geschiedenis te maken van wat er is gebeurd, een mens
eerst een mens wordt. Maar in een overdaad aan geschiedenis stopt de mens opnieuw; zonder
die bedekking van het onhistorische zou hij nooit zijn begonnen of hebben durven beginnen.
Pagina 5: De mens dient een historisch besef te hebben om verder te leven en binnen de
geschiedenis een groter geheel te vromen.
Pagina 6: Of de betekenis van de theorie nu geluk, berusting, deugd of berouw is, de
bovenhistorische mensen zijn het op dat punt niet eens. Maar in tegenstelling tot alle
historische manieren om het verleden te beschouwen, komen ze wel tot volledige
eensgezindheid op basis van het volgende principe: het verleden en het heden zijn één en
hetzelfde, dat wil zeggen, in al hun veelheid typisch identiek en, als onveranderlijke,
alomtegenwoordige typen, een onbeweeglijk beeld van onveranderlijke waarden en eeuwig
gelijkende betekenissen.
Hoofdstuk 2
Pagina 7: Het feit dat het leven de diensten van de geschiedenis nodig heeft, moet echter net
zo goed begrepen worden als het principe, dat later zal worden aangetoond, dat een overmaat
aan geschiedenis de levende mens schaadt. In drie opzichten behoort geschiedenis tot de
levende mens: ze behoort hem toe als een actief en strevend mens; ze behoort hem toe als een
mens die bewaart en bewondert; ze behoort hem toe als een lijdend mens die behoefte heeft
aan emancipatie. Deze drie-eenheid van relaties komt overeen met een drie-eenheid van
methoden voor geschiedschrijving, voor zover men de onderscheidingen kan maken:een
monumentale methode, een antiquarische methode en een kritische methode.
Pagina 9; elk feit in zijn nauwkeurig beschreven kenmerken en eenheid, en waarschijnlijk niet
vóór de tijd dat astronomen weer astrologen zijn geworden. Tot die tijd zal monumentale
geschiedenis die volledige waarachtigheid niet kunnen voortbrengen. Ze zal altijd dichterbij
brengen wat ongelijk is, generaliseren en uiteindelijk de dingen gelijk maken.
Pagina 10: Elk van de drie bestaande typen geschiedenis is slechts geschikt voor één gebied
en één klimaat; op alle andere groeit het uit tot een destructief onkruid. Als een man die
grootheid wil creëren het verleden gebruikt, zal hij zichzelf versterken door middel van
monumentale geschiedenis. Aan de andere kant cultiveert de man die het gebruikelijke en
traditioneel gewaardeerde wil benadrukken het verleden als een antiquaar-historicus. Alleen
, de man wiens borst wordt onderdrukt door een actuele behoefte en die tegen elke prijs zijn
last wil afwerpen, heeft behoefte aan kritische geschiedenis, dat wil zeggen geschiedenis die
oordeelt en oordeelt. Uit het onnadenkend verplanten van planten komen vele kwalen voort:
de kritische mens zonder behoefte, de antiquaar zonder eerbied, en de onderzoeker van
grootheid zonder het vermogen tot grootheid zijn degenen die ontvankelijk zijn voor onkruid
dat vervreemd is van hun natuurlijke moeder aarde en daardoor ontaardt.
Hoofdstuk 3
Pagina 10: Geschiedenis behoort ten tweede toe aan de man die bewaart en eert, aan de mens
die met geloof en liefde terugkijkt naar de richting van waaruit hij gekomen is, waar hij
vandaan komt. Door deze eerbied uit hij als het ware dank voor zijn bestaan.
Pagina 11: Soms lijkt het alsof het een hardnekkig gebrek aan begrip is dat mensen als het
ware vastgeklemd houdt aan deze metgezellen en omgeving, aan deze zware dagelijkse
routine, aan deze kale bergkammen, maar het is het gezondste gebrek aan begrip, het meest
heilzaam voor de gemeenschap, zoals iedereen weet die duidelijk de angstaanjagende effecten
heeft ervaren van een avontuurlijk verlangen om weg te trekken, soms zelfs te midden van
hele horden mensen, of die van dichtbij de toestand ziet van een volk dat het vertrouwen in
zijn oude geschiedenis heeft verloren en is vervallen tot een rusteloze kosmopolitische keuze
en een voortdurende zoektocht naar
nieuwigheid na nieuwigheid. Het tegenovergestelde gevoel, het welbehagen van een boom
voor zijn wortels, het geluk om zichzelf te kennen op een manier die niet geheel willekeurig
en toevallig is, maar als iemand die uit een verleden is gegroeid, als erfgenaam, bloem en
vrucht, en zo zijn bestaan te verontschuldigen, ja zelfs te rechtvaardigen, dát is wat men
tegenwoordig liefdevol omschrijft als het ware historische besef.
Dat is natuurlijk niet de conditie waarin iemand het meest in staat zou zijn het verleden op te
lossen in pure kennis. Zo zien we ook hier wat we in verband met de monumentale
geschiedenis zagen: dat het verleden zelf lijdt, zolang de geschiedenis het leven dient en
beheerst wordt door de drang tot leven.
Hoofdstuk 4
Pagina 13-14: Dit zijn de diensten die de geschiedenis kan verlenen aan het leven. Ieder mens
en elk volk, afhankelijk van zijn doelen, krachten en behoeften, maakt gebruik van een
bepaalde kennis van het verleden, soms als monumentale geschiedenis, soms als
antiquarische geschiedenis, en soms als kritische geschiedenis, maar niet als een groep
pure denkers die het leven slechts nauwlettend in de gaten houden, niet als mensen die
verlangen naar kennis, individuen die slechts tevreden zijn met kennis, voor wie een toename
van inzicht het enige doel is, maar altijd uitsluitend met het doel om te leven en bovendien
onder het bevel en de hoogste leiding van dit leven. Dit is de natuurlijke verhouding tot de
geschiedenis van een tijdperk, een cultuur en een volk: opgeroepen door honger, gereguleerd
door de mate van behoefte, binnen de perken gehouden door de plastische kracht binnenin,
wordt het begrip van het verleden te allen tijde gewenst om de toekomst en het heden te
dienen, niet om het heden te verzwakken, niet om een krachtige, levende toekomst te
ontwortelen. Dat is allemaal eenvoudig, zoals de waarheid eenvoudig is, en ook meteen
overtuigend voor iedereen die zich niet eerst laat leiden door historische bewijzen.
Pagina 14: De mens wil niet terugkijken maar vooruit, dit mede door historische kennis.
Hoofdstuk 5
Inhoudsopgave
College 1: Historische cultuur en Historisch besef...............................................................................................2
Aantekeningen Nietzsche “On the Use and Abuse of History for Life”..............................................................2
Historical Culture................................................................................................................................................5
Historisch besef....................................................................................................................................................5
College 2: Public History........................................................................................................................................7
‘Public’ in: Oxford English Dictionary, University Library Utrecht..................................................................7
Thomas Cauvin, Public History...........................................................................................................................7
Introduction......................................................................................................................................................7
Ch1: Defining public history...........................................................................................................................7
Ch2: A long history of public history..............................................................................................................8
John Tosh, Public History....................................................................................................................................8
His’tree.................................................................................................................................................................9
Publiek in Cauvin’s Public History......................................................................................................................9
Paul Ashton & Hilda Kean, Public history today..............................................................................................10
College 3: History: Beyond objectivity................................................................................................................11
‘Ludmilla Jordanova, History in practice..........................................................................................................11
Ch1: Introduction (1-13)................................................................................................................................11
Ch5: The status of historical knowledge (123-143)......................................................................................11
Alison Twells et al, ‘Undisciplined history. Creative methods and academic practice’...................................11
Epistemologie.....................................................................................................................................................12
Jordanova’s kijk op geschiedenis.......................................................................................................................13
Historical Culture in Twells...............................................................................................................................13
College 4: Memory & Heritage............................................................................................................................14
Aleida Assmann, ‘Transformations between history and memory’...................................................................14
Laurajane Smith, ‘The discourse of heritage,....................................................................................................16
College 5: History + Public...................................................................................................................................18
Berber Bevernage & Nico Wouters, ‘State-sponsored history after 1945’.......................................................18
Teaching democracy..........................................................................................................................................18
College 6: Public+ History....................................................................................................................................19
Mnemonic socialization.....................................................................................................................................19
College 7: Gastcollege Wim Burggraaf...............................................................................................................20
The Recognition and Misrecognition of Community Heritage’.........................................................................20
De kritiek op dominante praktijken...............................................................................................................20
Gevolgen voor gemeenschapsgroepen..........................................................................................................20
Oproep tot kritische betrokkenheid...............................................................................................................20
Convention on the Value of Cultural Heritage for Society, Faro 2005.............................................................21
, Gastcollege Wim Burggraaf (werkt voor rijksdienst van cultureel erfgoed).....................................................22
College 1: Historische cultuur en Historisch besef
Aantekeningen Nietzsche “On the Use and Abuse of History for Life”
Hoofdstuk 1
Pagine 2: Ik neem aan uit deze tekst dat hij probeert te vertellen dat de mens historisch besef
kent in tegenstelling tot andere wezens op de aarde. De mens heeft mede hierdoor een
donkerder bestaan begrijpend wat er gebeurd is en dat er een verloren paradijs is.
Pagina 3: De zoektocht naar geluk is de drijfveer van het leven van de mens. Iemand zonder
historisch besef van zijn eigen of iedereens verleden kan nooit gelukkig zijn, wegens de
missing van het besef hoe het is om niet gelukkig te zijn.
Pagina 4: Het historische en onhistorische zijn essentieel voor het menselijk bestaan. Het
historisch besef van een persoon kan gelimiteerd zijn aan zijn of haar horizon. De waarheid is
dat, in het proces waarin de mens, denkend, reflecterend, vergelijkend, scheidend en
combinerend, eerst die onhistorische zin begrenst, het proces waarin in die omringende
mistige wolk een heldere, glinsterende lichtstraal opkomt, pas dan, door de kracht om het
verleden te gebruiken om te leven en geschiedenis te maken van wat er is gebeurd, een mens
eerst een mens wordt. Maar in een overdaad aan geschiedenis stopt de mens opnieuw; zonder
die bedekking van het onhistorische zou hij nooit zijn begonnen of hebben durven beginnen.
Pagina 5: De mens dient een historisch besef te hebben om verder te leven en binnen de
geschiedenis een groter geheel te vromen.
Pagina 6: Of de betekenis van de theorie nu geluk, berusting, deugd of berouw is, de
bovenhistorische mensen zijn het op dat punt niet eens. Maar in tegenstelling tot alle
historische manieren om het verleden te beschouwen, komen ze wel tot volledige
eensgezindheid op basis van het volgende principe: het verleden en het heden zijn één en
hetzelfde, dat wil zeggen, in al hun veelheid typisch identiek en, als onveranderlijke,
alomtegenwoordige typen, een onbeweeglijk beeld van onveranderlijke waarden en eeuwig
gelijkende betekenissen.
Hoofdstuk 2
Pagina 7: Het feit dat het leven de diensten van de geschiedenis nodig heeft, moet echter net
zo goed begrepen worden als het principe, dat later zal worden aangetoond, dat een overmaat
aan geschiedenis de levende mens schaadt. In drie opzichten behoort geschiedenis tot de
levende mens: ze behoort hem toe als een actief en strevend mens; ze behoort hem toe als een
mens die bewaart en bewondert; ze behoort hem toe als een lijdend mens die behoefte heeft
aan emancipatie. Deze drie-eenheid van relaties komt overeen met een drie-eenheid van
methoden voor geschiedschrijving, voor zover men de onderscheidingen kan maken:een
monumentale methode, een antiquarische methode en een kritische methode.
Pagina 9; elk feit in zijn nauwkeurig beschreven kenmerken en eenheid, en waarschijnlijk niet
vóór de tijd dat astronomen weer astrologen zijn geworden. Tot die tijd zal monumentale
geschiedenis die volledige waarachtigheid niet kunnen voortbrengen. Ze zal altijd dichterbij
brengen wat ongelijk is, generaliseren en uiteindelijk de dingen gelijk maken.
Pagina 10: Elk van de drie bestaande typen geschiedenis is slechts geschikt voor één gebied
en één klimaat; op alle andere groeit het uit tot een destructief onkruid. Als een man die
grootheid wil creëren het verleden gebruikt, zal hij zichzelf versterken door middel van
monumentale geschiedenis. Aan de andere kant cultiveert de man die het gebruikelijke en
traditioneel gewaardeerde wil benadrukken het verleden als een antiquaar-historicus. Alleen
, de man wiens borst wordt onderdrukt door een actuele behoefte en die tegen elke prijs zijn
last wil afwerpen, heeft behoefte aan kritische geschiedenis, dat wil zeggen geschiedenis die
oordeelt en oordeelt. Uit het onnadenkend verplanten van planten komen vele kwalen voort:
de kritische mens zonder behoefte, de antiquaar zonder eerbied, en de onderzoeker van
grootheid zonder het vermogen tot grootheid zijn degenen die ontvankelijk zijn voor onkruid
dat vervreemd is van hun natuurlijke moeder aarde en daardoor ontaardt.
Hoofdstuk 3
Pagina 10: Geschiedenis behoort ten tweede toe aan de man die bewaart en eert, aan de mens
die met geloof en liefde terugkijkt naar de richting van waaruit hij gekomen is, waar hij
vandaan komt. Door deze eerbied uit hij als het ware dank voor zijn bestaan.
Pagina 11: Soms lijkt het alsof het een hardnekkig gebrek aan begrip is dat mensen als het
ware vastgeklemd houdt aan deze metgezellen en omgeving, aan deze zware dagelijkse
routine, aan deze kale bergkammen, maar het is het gezondste gebrek aan begrip, het meest
heilzaam voor de gemeenschap, zoals iedereen weet die duidelijk de angstaanjagende effecten
heeft ervaren van een avontuurlijk verlangen om weg te trekken, soms zelfs te midden van
hele horden mensen, of die van dichtbij de toestand ziet van een volk dat het vertrouwen in
zijn oude geschiedenis heeft verloren en is vervallen tot een rusteloze kosmopolitische keuze
en een voortdurende zoektocht naar
nieuwigheid na nieuwigheid. Het tegenovergestelde gevoel, het welbehagen van een boom
voor zijn wortels, het geluk om zichzelf te kennen op een manier die niet geheel willekeurig
en toevallig is, maar als iemand die uit een verleden is gegroeid, als erfgenaam, bloem en
vrucht, en zo zijn bestaan te verontschuldigen, ja zelfs te rechtvaardigen, dát is wat men
tegenwoordig liefdevol omschrijft als het ware historische besef.
Dat is natuurlijk niet de conditie waarin iemand het meest in staat zou zijn het verleden op te
lossen in pure kennis. Zo zien we ook hier wat we in verband met de monumentale
geschiedenis zagen: dat het verleden zelf lijdt, zolang de geschiedenis het leven dient en
beheerst wordt door de drang tot leven.
Hoofdstuk 4
Pagina 13-14: Dit zijn de diensten die de geschiedenis kan verlenen aan het leven. Ieder mens
en elk volk, afhankelijk van zijn doelen, krachten en behoeften, maakt gebruik van een
bepaalde kennis van het verleden, soms als monumentale geschiedenis, soms als
antiquarische geschiedenis, en soms als kritische geschiedenis, maar niet als een groep
pure denkers die het leven slechts nauwlettend in de gaten houden, niet als mensen die
verlangen naar kennis, individuen die slechts tevreden zijn met kennis, voor wie een toename
van inzicht het enige doel is, maar altijd uitsluitend met het doel om te leven en bovendien
onder het bevel en de hoogste leiding van dit leven. Dit is de natuurlijke verhouding tot de
geschiedenis van een tijdperk, een cultuur en een volk: opgeroepen door honger, gereguleerd
door de mate van behoefte, binnen de perken gehouden door de plastische kracht binnenin,
wordt het begrip van het verleden te allen tijde gewenst om de toekomst en het heden te
dienen, niet om het heden te verzwakken, niet om een krachtige, levende toekomst te
ontwortelen. Dat is allemaal eenvoudig, zoals de waarheid eenvoudig is, en ook meteen
overtuigend voor iedereen die zich niet eerst laat leiden door historische bewijzen.
Pagina 14: De mens wil niet terugkijken maar vooruit, dit mede door historische kennis.
Hoofdstuk 5