Samenvatting werken met logistiek (9e editie)
1. Met logistiek blijft de wereld in beweging
Logistiek omvat de organisatie, planning, besturing en
informatieverwerking voor de uitvoering van de goederenstroom vanaf de
ontwikkeling en inkoop, via productie en distributie naar de eindafnemer,
inclusief de retourstromen. Het doel is om tegen lage kosten en
kapitaalgebruik te voldoen aan de behoeften van de markt, teneinde een
langdurige relatie met de klant op te bouwen.
Een succesvolle integratie van logistiek betekent integratie tussen
goederenstroom, gegevensstroom en geldstroom.
Een organisatie moet gezien worden als een black box. Inkomende
goederen worden verwerkt tot waardevolle uitgaande goederen. Het
proces binnen de organisatie is de toegevoegde waarde.
De totale goederenstroom kan onderverdeeld worden in 2 deeltrajecten:
Material management
Physical distribution
Business logistics is de verzamelnaam voor alle activiteiten die worden
uitgevoerd om de ingaande en uitgaande goederenstromen te beheersen.
Material management: het geheel van activiteiten om de grondstoffen en
halffabricaten zo efficiënt mogelijk naar en door het productieproces te
voeren.
Binnen material management zijn er 4 subsystemen:
Inkoop, aanvoerlogistiek, verwerving
Voorraadbeheer grondstoffen, hulpmaterialen en halffabricaten
Productieplanning en de besturing van de uitvoering van die plannen
Materials handling
De logistieke kosten worden uitgedrukt als percentage van de
productiewaarde of de verkoopwaarde. De productiewaarde is de waarde
van het ingekochte materiaal + de toegevoegde waarde van het
productiebedrijf. De verkoopwaarde is de productiewaarde, vermeerderd
met de toegevoegde waarde van de distributie en de bruto winstmarge.
Physical distribution management: houdt zich bezig met de
goederenstromen en de ermee verbonden gegevensstromen die beginnen
aan het einde van het productieproces en eindigen bij de consument.
Fysieke distributie kent 3 subsystemen:
, Voorraadbeheer gereed product
Magazijnen en depots
Transport
Retourlogistiek = beheer van geretourneerde producten van klanten naar
een bedrijf of verkoper. Richt zich op het efficiënt afhandelen van
geretourneerde producten en het opnieuw beschikbaar maken voor
verkoop.
Reverse logistics = alle logistieke activiteiten die betrekking hebben op
het beheren van de stroom van goederen vanaf het eindpunt van de
supply chain naar het beginpunt. Naar retouren omvat het dus ook
recyclen, hergebruik en afvalbeheer.
Circulaire logistiek = producten, materialen en hulpbronnen worden in
gesloten lussen gehouden om verspilling te minimaliseren en
duurzaamheid te bevorderen. Omvat niet alleen reverse logistics, maar
ook ontwerp van producten voor hergebruik, maximaliseren van de
levensduur, bevorderen van recycling en het verminderen van de impact
op het milieu.
Handelsondernemingen veranderen producten niet dusdanig. Er is alleen
sprake van VAS (value added services), waarbij een aanpassing wordt
gedaan om het product geschikt te maken voor de klant.
Bij productieondernemingen gaat het juist om het wijzigen van producten.
Er is hierbij onderscheid te maken in:
Convergente productie: veel grondstoffen waaruit 1 product wordt
gemaakt.
Divergente productie: 1 grondstof waaruit meerdere producten
worden gemaakt.
Distributiebedrijven hebben als verantwoordelijkheid om te zorgen voor
distributie op het juiste moment en de juiste plaats. Hierbij spelen het JIT-
en JIS-principe een rol.
JIT (just in time) = tussentijdse opslag van grondstoffen is niet meer
noodzakelijk , omdat de producten pas geleverd worden wanneer ze
echt nodig zijn.
JIS (Just in sequence) bouwt voort op JIT, met de toevoeging dat het
niet alleen gaat om het moment van levering, maar ook om de
volgorde.
Ook in de dienstverlening is er sprake van logistiek. Kijk bijvoorbeeld naar
KLM, logistiek reikt hierin verder dan enkel het fysieke vervoer. Het omvat
ook de organisatie, planning en coördinatie van processen om de waarde
en tevredenheid voor klanten te garanderen. Dit wordt aangeduid als
logistieke dienstverlening.
2. Integraal logistiek concept
Het integraal logistiek concept (ILC) is een methode waarbij alle aspecten
van de logistieke keten worden geoptimaliseerd. Het doel is om de
effectiviteit en de efficiëntie van de gehele logistieke keten te verhogen en
de kosten te verlagen.
Het ontwikkelen van een ILC heeft 3 functies:
, De ontwikkeling van een daadwerkelijke integrale visie op de
besturing van de goederenstroom
Het bieden van een raamwerk voor een gecoördineerd actieplan
Het creëren van een sterk logistiek bewustzijn binnen het gehele
bedrijf.
Het doel van de logistiek is om de doorlooptijd te verkorten, de
leveringsbetrouwbaarheid te verbeteren, de flexibiliteit te verhogen en de
integrale kosten te verlagen. Deze doelstellingen zijn onlosmakelijk met
elkaar verbonden. Om een logische volgorde te hanteren, is het sand cone
(zandkegel) model ontwikkeld. Dit model stelt dat organisaties de volgorde
van prioriteiten moeten volgen om concurrentievoordeel te behalen op het
gebied van productie en operaties. Het sand cone model bestaat uit 5
prestatiedimensies: kwaliteit, betrouwbaarheid, flexibiliteit, snelheid en
kosten. Deze 5 prestatiedoelen moeten net als bij een zandkegel
cumulatief en sequentieel worden opgebouwd.
Van een logistiek concept is sprake als er op een samenhangende wijze
beslissingen worden genomen over:
Grondvorm
Beheersing
Informatievoorziening
Personele organisatie
Logistieke grondvorm
Er zijn 6 verschillende soorten grondvormen:
1. Pijplijn
2. Keten
3. Shared resource
4. Convergentie
5. Divergentie
6. Netwerk
KOOP
, Het klantenorderontkoppelpunt (KOOP) is het punt dat aangeeft hoe ver
een klantenorder doordringt in het productie- of distributieproces van de
aanbieder van een product of dienst. Er worden 5 KOOP´s onderscheiden:
KOOP 1: maken en zenden naar lokale voorraad. Producten worden
gefabriceerd en gedistribueerd naar voorraadpunten die verspreid
en dicht bij de nog onbekende klanten liggen (stroomafwaarts).
KOOP 2: maken van centrale voorraad. Eindproducten worden in
voorraad gehouden aan het eind van het productieproces of bij
distributiecentra en van daaruit verzonden naar klanten.
KOOP 3: assembleren op order. Alleen producten in voorraad,
waarvan productie, samenstelling en aflevering langer duren dan de
gewenste levertijd. Rest van de producten wordt specifiek op order
gemaakt.
KOOP 4: maken op order. Grondstoffen en onderdelen liggen op
voorraad, elk order is een specifiek project voor betreffende klant.
KOOP 5: inkopen en maken op order. Geen voorraad. Alle aankopen
gebeuren op basis van specifieke klantorders (meest
stroomopwaarts).
Logistieke besturing
Er zijn 2 basismethoden: push en pull. Bij push worden de producten als
het ware door de keten gedrukt (aanbodmethode) en bij pull worden de
producten door de keten getrokken (vraagmethode). Deze methoden
worden vaak gecombineerd toegepast.
Tussenvoorraad wordt groter door:
Het aantal schakels in de keten
De levertijd of doorlooptijd
De onregelmatigheid van de goederenstroom
De variëteit aan producten
Logistieke informatie
In het ILC dienen diverse aspecten van de informatiestroom uitgewerkt te
worden. Dat begint altijd met de klantenwens voor ogen. Het eindigt met
de tevredenheid van de klant. Daartussen zitten veel stappen die allemaal
weer hun eigen specifieke wijze van verwerken hebben. De
opeenvolgende stappen worden hieronder kort weergegeven:
Klantvraaganalyse productconfiguratie werkvoorbereiding
planning en inkoop vervaardigen van producten en het distribueren
ervan feedback van klanten verzamelen kwaliteitsbeheer financiën
beheer van informatietechnologie en informatiesystemen magazijn,
distributie en transport integratie en optimalisatie.
Logistieke personele organisatie
Material management is ondergeschikt aan productie en fysieke distributie
is ondergeschikt aan marketing.
3. Voorraadbeheer
Voorraden ontstaan als aanvoer en afvoer niet met elkaar
overeenstemmen. Voorraden kunnen ingedeeld worden volgens
verschillende gezichtspunten:
1. Met logistiek blijft de wereld in beweging
Logistiek omvat de organisatie, planning, besturing en
informatieverwerking voor de uitvoering van de goederenstroom vanaf de
ontwikkeling en inkoop, via productie en distributie naar de eindafnemer,
inclusief de retourstromen. Het doel is om tegen lage kosten en
kapitaalgebruik te voldoen aan de behoeften van de markt, teneinde een
langdurige relatie met de klant op te bouwen.
Een succesvolle integratie van logistiek betekent integratie tussen
goederenstroom, gegevensstroom en geldstroom.
Een organisatie moet gezien worden als een black box. Inkomende
goederen worden verwerkt tot waardevolle uitgaande goederen. Het
proces binnen de organisatie is de toegevoegde waarde.
De totale goederenstroom kan onderverdeeld worden in 2 deeltrajecten:
Material management
Physical distribution
Business logistics is de verzamelnaam voor alle activiteiten die worden
uitgevoerd om de ingaande en uitgaande goederenstromen te beheersen.
Material management: het geheel van activiteiten om de grondstoffen en
halffabricaten zo efficiënt mogelijk naar en door het productieproces te
voeren.
Binnen material management zijn er 4 subsystemen:
Inkoop, aanvoerlogistiek, verwerving
Voorraadbeheer grondstoffen, hulpmaterialen en halffabricaten
Productieplanning en de besturing van de uitvoering van die plannen
Materials handling
De logistieke kosten worden uitgedrukt als percentage van de
productiewaarde of de verkoopwaarde. De productiewaarde is de waarde
van het ingekochte materiaal + de toegevoegde waarde van het
productiebedrijf. De verkoopwaarde is de productiewaarde, vermeerderd
met de toegevoegde waarde van de distributie en de bruto winstmarge.
Physical distribution management: houdt zich bezig met de
goederenstromen en de ermee verbonden gegevensstromen die beginnen
aan het einde van het productieproces en eindigen bij de consument.
Fysieke distributie kent 3 subsystemen:
, Voorraadbeheer gereed product
Magazijnen en depots
Transport
Retourlogistiek = beheer van geretourneerde producten van klanten naar
een bedrijf of verkoper. Richt zich op het efficiënt afhandelen van
geretourneerde producten en het opnieuw beschikbaar maken voor
verkoop.
Reverse logistics = alle logistieke activiteiten die betrekking hebben op
het beheren van de stroom van goederen vanaf het eindpunt van de
supply chain naar het beginpunt. Naar retouren omvat het dus ook
recyclen, hergebruik en afvalbeheer.
Circulaire logistiek = producten, materialen en hulpbronnen worden in
gesloten lussen gehouden om verspilling te minimaliseren en
duurzaamheid te bevorderen. Omvat niet alleen reverse logistics, maar
ook ontwerp van producten voor hergebruik, maximaliseren van de
levensduur, bevorderen van recycling en het verminderen van de impact
op het milieu.
Handelsondernemingen veranderen producten niet dusdanig. Er is alleen
sprake van VAS (value added services), waarbij een aanpassing wordt
gedaan om het product geschikt te maken voor de klant.
Bij productieondernemingen gaat het juist om het wijzigen van producten.
Er is hierbij onderscheid te maken in:
Convergente productie: veel grondstoffen waaruit 1 product wordt
gemaakt.
Divergente productie: 1 grondstof waaruit meerdere producten
worden gemaakt.
Distributiebedrijven hebben als verantwoordelijkheid om te zorgen voor
distributie op het juiste moment en de juiste plaats. Hierbij spelen het JIT-
en JIS-principe een rol.
JIT (just in time) = tussentijdse opslag van grondstoffen is niet meer
noodzakelijk , omdat de producten pas geleverd worden wanneer ze
echt nodig zijn.
JIS (Just in sequence) bouwt voort op JIT, met de toevoeging dat het
niet alleen gaat om het moment van levering, maar ook om de
volgorde.
Ook in de dienstverlening is er sprake van logistiek. Kijk bijvoorbeeld naar
KLM, logistiek reikt hierin verder dan enkel het fysieke vervoer. Het omvat
ook de organisatie, planning en coördinatie van processen om de waarde
en tevredenheid voor klanten te garanderen. Dit wordt aangeduid als
logistieke dienstverlening.
2. Integraal logistiek concept
Het integraal logistiek concept (ILC) is een methode waarbij alle aspecten
van de logistieke keten worden geoptimaliseerd. Het doel is om de
effectiviteit en de efficiëntie van de gehele logistieke keten te verhogen en
de kosten te verlagen.
Het ontwikkelen van een ILC heeft 3 functies:
, De ontwikkeling van een daadwerkelijke integrale visie op de
besturing van de goederenstroom
Het bieden van een raamwerk voor een gecoördineerd actieplan
Het creëren van een sterk logistiek bewustzijn binnen het gehele
bedrijf.
Het doel van de logistiek is om de doorlooptijd te verkorten, de
leveringsbetrouwbaarheid te verbeteren, de flexibiliteit te verhogen en de
integrale kosten te verlagen. Deze doelstellingen zijn onlosmakelijk met
elkaar verbonden. Om een logische volgorde te hanteren, is het sand cone
(zandkegel) model ontwikkeld. Dit model stelt dat organisaties de volgorde
van prioriteiten moeten volgen om concurrentievoordeel te behalen op het
gebied van productie en operaties. Het sand cone model bestaat uit 5
prestatiedimensies: kwaliteit, betrouwbaarheid, flexibiliteit, snelheid en
kosten. Deze 5 prestatiedoelen moeten net als bij een zandkegel
cumulatief en sequentieel worden opgebouwd.
Van een logistiek concept is sprake als er op een samenhangende wijze
beslissingen worden genomen over:
Grondvorm
Beheersing
Informatievoorziening
Personele organisatie
Logistieke grondvorm
Er zijn 6 verschillende soorten grondvormen:
1. Pijplijn
2. Keten
3. Shared resource
4. Convergentie
5. Divergentie
6. Netwerk
KOOP
, Het klantenorderontkoppelpunt (KOOP) is het punt dat aangeeft hoe ver
een klantenorder doordringt in het productie- of distributieproces van de
aanbieder van een product of dienst. Er worden 5 KOOP´s onderscheiden:
KOOP 1: maken en zenden naar lokale voorraad. Producten worden
gefabriceerd en gedistribueerd naar voorraadpunten die verspreid
en dicht bij de nog onbekende klanten liggen (stroomafwaarts).
KOOP 2: maken van centrale voorraad. Eindproducten worden in
voorraad gehouden aan het eind van het productieproces of bij
distributiecentra en van daaruit verzonden naar klanten.
KOOP 3: assembleren op order. Alleen producten in voorraad,
waarvan productie, samenstelling en aflevering langer duren dan de
gewenste levertijd. Rest van de producten wordt specifiek op order
gemaakt.
KOOP 4: maken op order. Grondstoffen en onderdelen liggen op
voorraad, elk order is een specifiek project voor betreffende klant.
KOOP 5: inkopen en maken op order. Geen voorraad. Alle aankopen
gebeuren op basis van specifieke klantorders (meest
stroomopwaarts).
Logistieke besturing
Er zijn 2 basismethoden: push en pull. Bij push worden de producten als
het ware door de keten gedrukt (aanbodmethode) en bij pull worden de
producten door de keten getrokken (vraagmethode). Deze methoden
worden vaak gecombineerd toegepast.
Tussenvoorraad wordt groter door:
Het aantal schakels in de keten
De levertijd of doorlooptijd
De onregelmatigheid van de goederenstroom
De variëteit aan producten
Logistieke informatie
In het ILC dienen diverse aspecten van de informatiestroom uitgewerkt te
worden. Dat begint altijd met de klantenwens voor ogen. Het eindigt met
de tevredenheid van de klant. Daartussen zitten veel stappen die allemaal
weer hun eigen specifieke wijze van verwerken hebben. De
opeenvolgende stappen worden hieronder kort weergegeven:
Klantvraaganalyse productconfiguratie werkvoorbereiding
planning en inkoop vervaardigen van producten en het distribueren
ervan feedback van klanten verzamelen kwaliteitsbeheer financiën
beheer van informatietechnologie en informatiesystemen magazijn,
distributie en transport integratie en optimalisatie.
Logistieke personele organisatie
Material management is ondergeschikt aan productie en fysieke distributie
is ondergeschikt aan marketing.
3. Voorraadbeheer
Voorraden ontstaan als aanvoer en afvoer niet met elkaar
overeenstemmen. Voorraden kunnen ingedeeld worden volgens
verschillende gezichtspunten: