rijbewijs B
100 oefenvragen
Auteur: Bryan Cuperus
,Inhoudsopgave
Voorbeeldvragen ..................................................................................................................................... 3
Voorbeeldantwoorden ............................................................................................................................ 4
Oefenvragen theorie ............................................................................................................................... 5
Antwoorden theorievragen ................................................................................................................... 21
2
,Voorbeeldvragen
De eerste paar bladzijdes van dit bestand zijn om een inkijk te geven in wat u kunt verwachten voor
de rest van deze examentraining. U vindt hierin een aantal voorbeeldvragen met bijbehorende
antwoorden en antwoordmotivering.
1. Waardoor kan het brandstofverbruik worden verminderd?
A. Door de motor alvast warm te laten draaien voor het wegrijden
B. Door zo lang mogelijk in een lage versnelling te blijven rijden
C. Door met open ramen te rijden
D. Door cruise control te gebruiken
2. Welke weggebruikers moet u voorrang verlenen volgens de regel ‘rechtdoor op dezelfde weg
gaat voor’?
A. Alleen bestuurders
B. Al het verkeer (bestuurders + voetgangers)
C. Alleen voorrangsvoertuigen
3. Welke kleur stickers worden er op geneesmiddelen geplakt die het rijgedrag beïnvloeden?
A. Geel
B. Rood
C. Oranje
D. Blauw
4. Wat is de algemene regel bij haaientanden?
A. U moet alle bestuurders op de kruisende weg voorrang geven
B. U moet al het verkeer op de kruisende weg voorrang geven
C. U moet al het verkeer van links op de kruisende weg voorrang geven
D. U moet al het verkeer van rechts op de kruisende weg voorrang geven
5. Wat ziet u op deze afbeelding?
A. Verdrijvingsvlak
B. Puntstuk
C. Zigzagstreep
3
, Voorbeeldantwoorden
1. D
Als u op cruise control rijdt, zorgt dit voor minder brandstofverbruik. Bij alle andere
antwoordmogelijkheden wordt er juist meer brandstof verbruikt dan normaal.
2. B
De regel ‘rechtdoor op dezelfde weg gaat voor’ geldt voor al het verkeer, niet alleen voor
bestuurders en uiteraard ook niet alleen voor voorrangsvoertuigen.
3. A
Deze stickers zijn geel.
4. A
Bij haaientanden krijgen alle bestuurders op de kruisende weg voorrang. Voetgangers vallen
hier dus niet onder, voetgangers zijn namelijk geen bestuurders.
5. C
Dit is een zigzagstreep. De zigzagstreep geeft aan dat u moet opletten voor een gevaarlijk
punt. U mag hier wel overheen rijden.
4