Samenvatting Motivatie en de Zelfsturende Mens (202100007)
Understanding Motivation and Emotion – Reeve
Artikel: Gunderson et al., 2018
Hoofdstuk 13: Deci & Ryan, 2017
Aantekeningen Hoorcolleges
1
,WEEK 1
Hoofdstuk 1: Introductie
Wat is motivatie? Is het belangrijk?
Een simpele definitie van motivatie is; motivatie = willen. Het is een staat in ons dat een
verandering (in onszelf of de omgeving) wil of hiernaar verlangt. In deze simpele definitie zit
het actieve ingrediënt van motivatie; iets willen veranderen.
Motivatie helpt ons om dingen gedaan te krijgen, dus het leren over motivatie is erg nuttig.
Motivatiewetenschap
De studie van motivatie is een gedragswetenschap, die steunt op objectief, data- gedreven,
empirisch bewijs, verkregen uit goed opgezet en peer-reviewed onderzoek. Iemands idee
over hoe motivatie werkt moet voortdurend worden geëvalueerd aan de hand van nieuwe
bevindingen.
Om de aard en functie van iets zoals welzijn diepgaand te begrijpen, moet een
ontwikkelende theorie twee dingen doen:
1. het moet de relaties identificeren die bestaan tussen natuurlijk voorkomende,
waarneembare fenomenen (bijv. het verschil en de overeenkomsten tussen welzijn
en blijdschap).
2. Het moet uitleggen waarom deze relaties bestaan.
Wat veroorzaak gedrag?
De meest fundamentele vraag uit de motivatiewetenschap is: wat veroorzaakt gedrag? Of
anders geformuleerd: waarom deed persoon x dit? Motivatie probeert deze verborgen
oorzaken van gedrag te verklaren. Om de oorzaken te identificeren is het helpend om deze
vraag te verbreden in 6 specifieke vragen:
1. Waarom begint gedrag?
2. Eenmaal begonnen, waarom wordt gedrag overtijd vastgehouden?
3. Waarom is gedrag gericht op sommige doelen, maar juist weg van andere?
4. Waarom verandert de richting van gedrag?
5. Waarom varieert de intensiteit van gedrag?
6. Waarom stopt gedrag?
2
, Onderwerp
Energie geeft gedrag kracht – het is sterk, intens en veerkrachtig.
Richting geeft gedrag een doel – het is gericht op een bepaald doel of een bepaalde
uitkomst.
Persistentie geeft gedrag uithoudingsvermogen – het ondersteunt gedrag over de tijd.
Interne motivatie
Een motivatie is een intern proces dat gedrag energie geeft, stuurt en in stand houdt. Het is
een algemene term om de gemeenschappelijke basis te identificeren die wordt gedeeld door
behoeften, cognities en emoties.
o Behoeften = dingen in onszelf die nodig zijn om te leven, te groeien en ons goed te
voelen (biologische behoeften zijn bijv. honger en dorst & psychologische behoeften
zijn competentie en ergens bijhorend). Behoeften genereren het gevoel van
willen/verlangen en tevredenheid na het uitvoeren hiervan.
o Cognities = Mentale processen (bijv.. gedachten, overtuigingen, verwachtingen,
plannen, doelen, strategieën, beoordelingen, verklaringen en het zelfbeeld). Deze
komen voort uit de manier waarop de persoon denkt.
o Emoties = reacties op belangrijke gebeurtenissen (bijv. een kans, een bedreiging of
een verlies). Bestaan uit 4 aspecten:
1. Gevoel (subjectieve beleving)
2. Arousal (lichamelijke activering)
3. Doel (motivatie)
4. Expressie (non-verbaal uiten)
Emoties helpen ons aanpassen en effectief reageren.
Externe gebeurtenissen en contexten
= omgevings- , sociale en culturele omstandigheden die de interne motivatie van een
persoon beïnvloeden. Dit bevat zowel positieve (bijv. een beloning als geld) en negatieve
stimuli (bijv. ruzie).
Het is de afgifte van dopamine en de cognitieve verwachting (dus niet de excentrieke
beloning zelf) van een beloning die energie en richting geeft om een bepaalde gedraging uit
de voeren. Wat het vooruitzicht op een beloning (bijv. geld) doet is dus het opwekken van
een interne motivatietoestand.
Motivatie of invloed?
Invloed is het sociale proces waarin iemand vraagt om een verandering in manier van
denken of gedragen van iemand anders. In tegenstelling hiertoe is motivatie een intern
proces. De studie van motivatie gaat dus om het creëren van condities waaronder mensen
hun eigen gedrag energie kunnen geven en kunnen sturen.
Uitingen van motivatie
Motivatie is privé, niet waarneembare (interne) ervaring. Je kunt motivatie echter wel
achterhalen of meten aan de hand van:
o Gedrag; motivatie is te zien aan: inspanning, doorzettingsvermogen, reactiesnelheid,
keuzes, kans op een reactie, gezichtsuitdrukkingen en lichaamshoudingen/gebaren.
3
, o Betrokkenheid;
o Psychofysiologie = Het proces waarbij motivatie en emoties veranderingen
veroorzaken in het lichaam en de biologie. Bijv. bij het geven van een presentatie
komen er hormonen als epinefrine en cortisol vrij. Deze hormonale veranderingen,
produceren veranderingen in het lichaam, zoals een hogere hartslag, hogere
bloeddruk, snellere ademhaling en zweten. Deze lichamelijke veranderingen kunnen
we meten met verschillen psychofysiologische instrumenten. Door al deze
psychofysiologische veranderingen vertalen het brein en lichaam motivatie en emotie
naar actie, overleving en prestatie.
o Hersenactiviteit; activatie van hersengebieden liggen ten grondslag aan elke
motivationele en emotionele staat. Bijv. (Afschuw insulaire cortex &
Boosheid amygdala). Door hersenactiviteit te observeren kunnen onderzoekers
het brein dorst, honger, afschuw, boosheid etc. zien genereren.
o Zelfrapportage; via een interview of vragenlijst. Risico’s, zoals bijv. verschil tussen
wat mensen zeggen dat ze doen of voelen en wat ze daadwerkelijk doen of voelen.
Kader om motivatie en emotie te begrijpen
4
Understanding Motivation and Emotion – Reeve
Artikel: Gunderson et al., 2018
Hoofdstuk 13: Deci & Ryan, 2017
Aantekeningen Hoorcolleges
1
,WEEK 1
Hoofdstuk 1: Introductie
Wat is motivatie? Is het belangrijk?
Een simpele definitie van motivatie is; motivatie = willen. Het is een staat in ons dat een
verandering (in onszelf of de omgeving) wil of hiernaar verlangt. In deze simpele definitie zit
het actieve ingrediënt van motivatie; iets willen veranderen.
Motivatie helpt ons om dingen gedaan te krijgen, dus het leren over motivatie is erg nuttig.
Motivatiewetenschap
De studie van motivatie is een gedragswetenschap, die steunt op objectief, data- gedreven,
empirisch bewijs, verkregen uit goed opgezet en peer-reviewed onderzoek. Iemands idee
over hoe motivatie werkt moet voortdurend worden geëvalueerd aan de hand van nieuwe
bevindingen.
Om de aard en functie van iets zoals welzijn diepgaand te begrijpen, moet een
ontwikkelende theorie twee dingen doen:
1. het moet de relaties identificeren die bestaan tussen natuurlijk voorkomende,
waarneembare fenomenen (bijv. het verschil en de overeenkomsten tussen welzijn
en blijdschap).
2. Het moet uitleggen waarom deze relaties bestaan.
Wat veroorzaak gedrag?
De meest fundamentele vraag uit de motivatiewetenschap is: wat veroorzaakt gedrag? Of
anders geformuleerd: waarom deed persoon x dit? Motivatie probeert deze verborgen
oorzaken van gedrag te verklaren. Om de oorzaken te identificeren is het helpend om deze
vraag te verbreden in 6 specifieke vragen:
1. Waarom begint gedrag?
2. Eenmaal begonnen, waarom wordt gedrag overtijd vastgehouden?
3. Waarom is gedrag gericht op sommige doelen, maar juist weg van andere?
4. Waarom verandert de richting van gedrag?
5. Waarom varieert de intensiteit van gedrag?
6. Waarom stopt gedrag?
2
, Onderwerp
Energie geeft gedrag kracht – het is sterk, intens en veerkrachtig.
Richting geeft gedrag een doel – het is gericht op een bepaald doel of een bepaalde
uitkomst.
Persistentie geeft gedrag uithoudingsvermogen – het ondersteunt gedrag over de tijd.
Interne motivatie
Een motivatie is een intern proces dat gedrag energie geeft, stuurt en in stand houdt. Het is
een algemene term om de gemeenschappelijke basis te identificeren die wordt gedeeld door
behoeften, cognities en emoties.
o Behoeften = dingen in onszelf die nodig zijn om te leven, te groeien en ons goed te
voelen (biologische behoeften zijn bijv. honger en dorst & psychologische behoeften
zijn competentie en ergens bijhorend). Behoeften genereren het gevoel van
willen/verlangen en tevredenheid na het uitvoeren hiervan.
o Cognities = Mentale processen (bijv.. gedachten, overtuigingen, verwachtingen,
plannen, doelen, strategieën, beoordelingen, verklaringen en het zelfbeeld). Deze
komen voort uit de manier waarop de persoon denkt.
o Emoties = reacties op belangrijke gebeurtenissen (bijv. een kans, een bedreiging of
een verlies). Bestaan uit 4 aspecten:
1. Gevoel (subjectieve beleving)
2. Arousal (lichamelijke activering)
3. Doel (motivatie)
4. Expressie (non-verbaal uiten)
Emoties helpen ons aanpassen en effectief reageren.
Externe gebeurtenissen en contexten
= omgevings- , sociale en culturele omstandigheden die de interne motivatie van een
persoon beïnvloeden. Dit bevat zowel positieve (bijv. een beloning als geld) en negatieve
stimuli (bijv. ruzie).
Het is de afgifte van dopamine en de cognitieve verwachting (dus niet de excentrieke
beloning zelf) van een beloning die energie en richting geeft om een bepaalde gedraging uit
de voeren. Wat het vooruitzicht op een beloning (bijv. geld) doet is dus het opwekken van
een interne motivatietoestand.
Motivatie of invloed?
Invloed is het sociale proces waarin iemand vraagt om een verandering in manier van
denken of gedragen van iemand anders. In tegenstelling hiertoe is motivatie een intern
proces. De studie van motivatie gaat dus om het creëren van condities waaronder mensen
hun eigen gedrag energie kunnen geven en kunnen sturen.
Uitingen van motivatie
Motivatie is privé, niet waarneembare (interne) ervaring. Je kunt motivatie echter wel
achterhalen of meten aan de hand van:
o Gedrag; motivatie is te zien aan: inspanning, doorzettingsvermogen, reactiesnelheid,
keuzes, kans op een reactie, gezichtsuitdrukkingen en lichaamshoudingen/gebaren.
3
, o Betrokkenheid;
o Psychofysiologie = Het proces waarbij motivatie en emoties veranderingen
veroorzaken in het lichaam en de biologie. Bijv. bij het geven van een presentatie
komen er hormonen als epinefrine en cortisol vrij. Deze hormonale veranderingen,
produceren veranderingen in het lichaam, zoals een hogere hartslag, hogere
bloeddruk, snellere ademhaling en zweten. Deze lichamelijke veranderingen kunnen
we meten met verschillen psychofysiologische instrumenten. Door al deze
psychofysiologische veranderingen vertalen het brein en lichaam motivatie en emotie
naar actie, overleving en prestatie.
o Hersenactiviteit; activatie van hersengebieden liggen ten grondslag aan elke
motivationele en emotionele staat. Bijv. (Afschuw insulaire cortex &
Boosheid amygdala). Door hersenactiviteit te observeren kunnen onderzoekers
het brein dorst, honger, afschuw, boosheid etc. zien genereren.
o Zelfrapportage; via een interview of vragenlijst. Risico’s, zoals bijv. verschil tussen
wat mensen zeggen dat ze doen of voelen en wat ze daadwerkelijk doen of voelen.
Kader om motivatie en emotie te begrijpen
4