CONTENTS
1. INTRODUCING SOCIAL PSYCHOLOGY..................................................................................................2
8. CONFORMITY: INFLUENCING BEHAVIOR............................................................................................4
3. SOCIAL COGNITION: HOW WE THINK ABOUT THE SOCIAL WORLD....................................................8
4. SOCIAL PERCEPTION: HOW WE COME TO UNDERSTAND OTHER PEOPLE........................................11
5. THE SELF: UNDERSTANDING OURSELVES IN A SOCIAL CONTEXT......................................................14
6. THE NEED TO JUSTIFY OUR ACTIONS: THE COSTS AND BENEFEITS OF DISSONANCE REDUCTION....18
7. ATTITUDES AND ATTITUDE CHANGE: INFLUENCING THOUGHTS AND FEELINGS.............................21
9. GROUP PROCESSES: INFLUENCE IN SOCIAL GROUPS........................................................................25
10. INTERPERSONAL ATTRACTION: FROM FIRST IMPRESSIONS TO CLOSE RELATIONSHIPS.................28
11. PROSOCIAL BEHAVIOR: WHY DO PEOPLE HELP?............................................................................30
12. AGGRESION: WHY DO WE HURT OTHER PEOPLE? CAN WE PREVENT IT?.......................................32
13. PREJUDICE: CAUSES, CONSEQUENCES AND CURES........................................................................34
SOCIAL PSYCHOLOGY IN ACTION 3.......................................................................................................37
SOCIAL PSYCHOLOGY IN ACTION 1.......................................................................................................38
SOCIAL PSYCHOLOGY IN ACTION 2.......................................................................................................39
,SAMENVATTING SOCIALE PSYCHOLOGIE, 2020 2
1. INTRODUCING SOCIAL PSYCHOLOGY
Sociale psychologie is de wetenschappelijke studie van de manier waarop gedachten,
gevoelens en gedragingen beïnvloed worden door de aanwezigheid (echt of nep) van andere
mensen.
Directe attempts at persuasion: een person probeert opzettelijk het gedrag/attitude van een
ander te veranderen.
Social influence: het effect dat woorden, daden of matige aanwezigheid van andere mensen
hebben op onze gedachten, gevoelens, attitude of gedrag.
Je maakt beslissingen die gesteund zijn door de aangeleerde goed- of afkeuring van de
mensen om je heen (ouders, school etc.).
Sociaal psychologen definiëren de voorwaarden waarbij een bepaalde uitkomst plaats vindt.
De ene keer is het zo dat tegenpolen elkaar aantrekken en de andere keer is het zo dat je
omgaat met mensen waarop je lijkt; wanneer geldt wat?
Persoonlijkheidspsychologie gaat over individuele verschillen; wat maakt de ene persoon
anders dan de ander. Sociale psychologie gaat ook uit van de sociale invloed i.p.v. alleen de
persoonlijkheidskenmerken.
Fundamentele attributie error: de neiging om het gedrag van mensen uit te leggen aan de
hand van persoonlijkheid en het grote effect van sociale invloed te onderschatten.
Door de FBE krijgen mensen het idee dat zij zelf nooit hetzelfde zouden handelen in de
situatie zoals Jonestown. Ook kan het ervoor zorgen dat we de slachtoffers de schuld geven.
Verschillende benaderingen sociale situatie:
1. Behaviorisme: om gedrag te begrijpen, moet je kijken naar de beloning/straf van de
omgeving ná het handelen. Keek niet naar hoe de omgeving werd geïnterpreteerd door
een persoon.
2. Construal: niet alleen de situatie beïnvloedt handelingen, maar ook de interpretatie
van de sociale omgeving; als een vriend vraagt hoe het gaat reageer je anders dan
wanneer een verkoper vraagt hoe het gaat.
Stamt af van de Gestalt psychologie: kijken naar de subjectieve manier waarop een
object in iemands gedachten verschijnt.
Sociale psychologen onderscheiden 2 motieven waarop je een fenomeen interpreteert:
1. The self-esteem motive: de behoefte om je goed te voelen over jezelf
2. The social cognition motive: de behoefte om accuraat te zijn
Soms komen de motieven op hetzelfde resultaat uit, maar vaak zorgen ze voor twijfels en
verkeerde keuzes.
,SAMENVATTING SOCIALE PSYCHOLOGIE, 2020 3
The self-esteem motive gaat gepaard met het risico dat je geen ruimte maakt voor
verbetering; je je vrouw de schuld van de scheiding omdat ze niet deed wat jij wilde, terwijl
jij eigenlijk obsessief jaloers was. Je verandert niks aan jouw manier van denken omdat je
vindt dat jij goed zit.
Lijden en Self-justification: bij het uitvoeren of ondergaan van een vervelende handeling om
ergens bij te horen of om iets te krijgen, ga je de uitkomst meer waarderen omdat je iets
negatiefs hebt moeten doorstaan en anders was dat voor niks.
Sociale cognitie: hoe mensen informatie selecteren, interpreteren, onthouden en gebruiken
om te oordelen en te kiezen.
Naive realism: mensen denken dat ze accuraat denken en als anderen iets anders zien, zijn ze
biased.
Self-fulfilling prophecy: je verwacht iets en door die verwachting komt het uit omdat je
ernaar handelt.
, SAMENVATTING SOCIALE PSYCHOLOGIE, 2020 4
8. CONFORMITY: INFLUENCING BEHAVIOR
Mensen luisteren heel snel naar iemand die boven hen staat, zelfs als ze iets gestoords van hen
vraagt.
Conformity/conformiteit: je gedrag veranderen door een echte/neppe invloed van anderen.
Als je in een situatie niet goed weet wat er gebeurt of hoe je moet reageren, ga je om je heen
kijken en je gedragen zoals anderen.
Informational social influence: op anderen rekenen als een informatiebron om je gedrag te
sturen; je ‘conformt’ omdat je denkt dat de interpretatie van anderen in een rare situatie
correct is en dat ze jou kunnen helpen met de keuze van handelingen.
Een belangrijk kenmerk van informational social influence is dat het kan leiden tot private
acceptance; je gaat je hetzelfde gedragen als de anderen omdat je overtuigd bent dat zij gelijk
hebben. Het tegenovergesteld is public compliance; je gaat erin mee, maar weet van binnen
wel dat het niet klopt (kan doordat je erbij wil horen).
Als je wil dat mensen iets doen, helpt het vaak om te zeggen dat anderen (de buren) dit ook
doen.
Als je gemotiveerd bent om iets goed te doen of een juist antwoord te geven, ben je eerder
vatbaar voor informational social influence, dan wanneer het niet zo boeit wat je kiest.
Als je met een grote groep bent en er gebeurt iets, ga je al snel zoeken naar informatie bij
anderen. Contagion; als iemand in paniek raakt, gebeurt het al snel dat de hele groep ook
paniekerig wordt. Ook al is er misschien niks aan de hand en is de verkregen informatie
onjuist.
Conformiteit naar Informational social influence vindt plaats bij:
Vreemde situaties waar je niet precies weet hoe je moet reageren.
Crisis, je hebt geen tijd om na te denken.
Experts, als degene waarvan jij info krijgt een expert is, heeft hij meer waarde en
geloof je diegene sneller.
Sociale normen: de impliciete en expliciete regels die een groep heeft voor gedrag, waarden
en geloof.
Als je je niet aan de sociale normen van een groep houdt, wordt je mogelijk buitengesloten.
Het is voor mensen erg belangrijk om in contact te staan met anderen, dus je past je gedrag
snel aan om erbij te horen. Zelfs als je je bevindt rondom vreemden bestaat deze druk om
geen buitenstaander te zijn. Je hebt het soms niet eens door dat je je aanpast.
Normative social influence: meedoen met anderen zodat je geaccepteerd en leuk gevonden
wordt. Er is sprake van public compliance, maar niet per se van private acceptance als het
gaat om de sociale normen van de groep.
In tegenstelling tot Informational social influence, is er bij Normative social influence géén
vreemde situatie en is het duidelijk wat er aan de hand is.