Psycholoog: houdt zich bezig met het mensen gedrag (denken, doen en voelen) op
verschillende niveaus, van verschillende mensen, in verschillende contexten.
→ Kennis en perspectief zijn gebaseerd op psychologische wetenschap.
- Die wetenschappelijke regels kent.
- Die bedreven wordt in een wetenschapssysteem.
→ Deze psychologische wetenschap staat in de maatschappij.
- Die een beeld en verwachtingen heeft van de psychologie en de (psychologische)
wetenschap.
- In een snel veranderende wereld.
Infodemic: overspoeld aan informatie.
Polarisatie: helemaal eens, of helemaal niet eens.
→ Psychologen moeten een plek in het midden vinden.
Minder vertrouwen in de wetenschap, wat veel consequenties heeft.
→ Bijvoorbeeld minder vaccinaties, waardoor meer ziektes ontstaan.
Ontwikkelingen m.b.t. de psychologie:
• Psychologie is een beetje van iedereen en is overal.
• Veel ‘schemergebieden’ schuren sterk aan tegen de psychologie.
• Psychologische processen een belangrijke rol.
• En wetenschap is niet zo simpel als we zouden willen.
Wetenschap:
• De bewijzen zijn niet sluitend
• De wetenschap is complex, en de mens ook
Belangrijke pijlers:
• Tests
• Bias
• Communicatie
• Onzekerheid
• Transparantie
“Wetenschap betreft Waarheidsvinding en vraagt om Objectiviteit”
→ Bias staat deze objectiviteit in de weg.
Bias: systematische vertekening die een objectieve interpretatie van de realiteit in de
weg staat. Vooroordeel of vooringenomenheid die de perceptie kleurt.
1. Persoonlijke biases: staat ons als mensen, psycholoog en onderzoeker in de
weg om objectief waar te nemen.
, 2. Bias in de onderzoeksmethode: heeft invloed op de methode en middelen
waarmee we iets objectief onderzoeken.
3. Systematische biases: beïnvloeden de objectiviteit van het wetenschaps-
systeem.
Persoonlijke biases
Subjectiviteit in onze individuele waarnemingen van de wereld:
• We bevinden ons in andere omgevingen
• We hebben een andere emotionele staat
• Andere ervaringen maken dat we op andere zaken letten in situaties
• We hebben soms een ander begrip van hetgeen we waarnemen
Confirmation bias: bevestiging zoeken in wetenschap wat onze eigen overtuigingen
bevestigd.
Hindsight bias: achteraf heb je een ander idee, dan dat je er vooraf over dacht.
Overconfidence bias: overmatig zelfvertrouwen in onze eigen vermogens.
Bias blind spot: denken dat we zelf geen biases hebben.
Nut van biases:
• Mentale ‘shortcuts’ bij problemen oplossen.
• Een coherentie werkelijkheid is cognitief minder belastend.
• Sneller beslissysteem als gevaar dreigt, maar ongevoelig voor kansen.
Een onderzoeker heeft vaak persoonlijk belang bij:
• Het vinden van duidelijke en spannende onderzoeksresultaten.
• Ondersteuning vinden voor een eigen theorie waar hij/zij op gesteld is.
• Een rivaliserende theorie ontkrachten met onderzoeksresultaten.
Systematisch werken van onderzoekers:
• Empirische cyclus
• Heersende onderzoek paradigma’s
• Mertoniaanse normen (normen volgens wetenschap, zonder belangen)
→ Maar de uitkomsten kunnen toch vertekend raken.
Verschillende stappen in een proces:
• Lezen van de literatuur
• Een studie opzetten
• Data verzamelen
• Analyseren van resultaten
• Interpreteren bevindingen
• Keuze voor publicatie
, Bias in onderzoeksmethode (van onderzoeksvraag naar data)
In de opzet van het onderzoek:
• Hoe veelbelovend schrijf je de onderzoek aanvraag op?
• Zet je je onderzoeksvraag en hypothesen al vast of laat je het open?
• Beslis je al vooraf om descriptief (beschrijvend), exploratief (verkennend), of
confirmatief (bevestigend en hypothese toetsend) onderzoek te gaan verrichten?
Selectiebias: je pakt een kleine steekproef uit een grote populatie.
→ Grote behoefte aan diversiteit op alle niveaus, populaties, wetenschappers en
studenten.
Operationaliseren: psychologisch concept → definitie → operationalisaties → tests,
instrumenten of meetmethoden.
Bias in tests en instrumenten:
• Ook tests en metingen kennen vertekeningen, die vaak invloed hebben op de
betrouwbaarheid en de validiteit van de tests.
Bias in het wetenschapssysteem (van resultaten tot publicatie)
Perverse prikkels in het systeem:
• Effecten worden sneller gepubliceerd dan 0-results (geen resultaten).
• ‘Spannende’ resultaten worden nog sneller gepubliceerd.
• Academische publicaties en hun impact tellen mee in de academische carrières
van wetenschappers.
Analyseren: p-hacking
• Eindeloos veel keuzes in je analyseproces
• Hier kan je je tijdens het analyseren in verliezen
• De data bepalen dan de keuzes
• Geen resultaten zijn ook belangrijk
The Garden of Forking Paths: 1 pad met een significant effect, terwijl de andere paden
misschien geen resultaten hebben.
Hindsight bias: hoe kijken we retrospectief de eerder gemaakte keuzes m.b.t.
statistische analyses?
Confirmation bias:
• Hoe verklaren we onverwachte resultaten (of 0-bevindingen)?
• Hoe sterk wegen we de resultaten mee in onze conclusies?
Overconfidence bias: Hoe ‘zeker’ communiceren we vervolgens de resultaten?
Publication bias: het ontbreekt aan kleine studies met weinig effecten, en aan grote
studies met sterke effecten.
, Hoe gaan we de bias te lijf?
• Ons bewust zijn van de potentiële bias
• Kritische tegenspraak organiseren
• Peer-review-procedures hanteren
• Pre-registreren van de studie
• Transparant en systematisch handelen
• Open science
• Streven naar diversiteit in perspectieven
Hoorcollege 2 (tekst Chris Paffen):
Waarom doen we dit?
• Het doen van op bewijs gestoelde uitspraken/het beoordelen van uitspraken.
Wat kwalificeert als wetenschap?
• Non-wetenschappelijk: het is geen claim, maar fictie.
• Wetenschappelijk: claim op basis van bewijs.
• Pseudowetenschappelijk: weten dat de claim niet op waarheid berust.
Geloof versus wetenschap:
• Op basis van geloof een claim maken zorgt voor wrijving.
Mertoniaanse normen:
1. Communism: alle wetenschappers moeten gezamenlijk eigenaar zijn van
wetenschappelijke goederen (intellectueel eigendom) om collectieve
samenwerking te bevorderen.
2. Universalism: wetenschappelijke validiteit is onafhankelijk van de sociaal-
politieke status en persoonlijke attributen van de deelnemers.
3. Disinterestedness: wetenschappelijke instellingen handelen in het voordeel van
een gemeenschappelijke wetenschappelijke onderneming en niet voor het
persoonlijk gewin van individuen.
4. Organized skepticism: wetenschappelijke claims moeten kritisch worden
bekeken voordat ze worden geaccepteerd. Onderzoeksresultaten en methoden
moeten worden voorgedragen aan collega-wetenschappers en er moeten
openlijke discussies kunnen worden gehouden.
Doel wetenschap: het vermeerderen van kennis, het beschrijven en begrijpen van de
wereld. Bijdragen aan de welvaart en het welzijn van mens en maatschappij.
Hoe kom je tot ware uitspraken?
Deductie: conclusie dat volgt uit 2 opeenvolgende premisses.
• Valide: logische gevolgtrekking
• Waarheid: komt het overeen met data?
→ De inhoud van premissen hoeft niet waar te zijn.