Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting - Klinische psychologie ()

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
100
Geüpload op
14-10-2025
Geschreven in
2024/2025

Dit is een complete en gestructureerde samenvatting, perfect voor het tentamen van Klinische Psychologie. Het behandeld alle verplichte tentamenstof inclusief hoorcolleges.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1
Wat houdt de klinische psychologie in en wat houdt ‘abnormaal’ gedrag in?

Klinische psychologie: houdt zich bezig met diagnose, classificatie, behandeling,
preventie en onderzoek van psychische stoornissen.
• Klinisch: betekent niet dat de psycholoog werkzaam is in een kliniek, maar dat
de psycholoog zich bezighoudt in alle sectoren van de gezondheidszorg.

Wat is het terrein van de klinische psychologie?

Het vakgebied van de klinische psychologie:
• Bezig met gedrag dat afwijkend is van de norm:
- Vooral de afwijkingen die lastig zijn voor mensen zelf of voor de omgeving van
de persoon.
- →Dit gaat meer om de gebreken dan om de capaciteiten van mensen.
→De persoonlijkheidspsychologie focust zich op deze capaciteiten.
- De afwijkingen van de persoon kunnen individueel zijn, zoals afwijkend
gedrag, afwijkende gedachten en afwijkende belevingen.
- Ook kunnen mensen afwijken in de norm in de relaties met andere mensen,
zoals overbezorgdheid om anderen en agressiviteit naar anderen.
• Niet altijd is de variatie van het ‘normale’ gedrag compleet ‘abnormaal’ gedrag.
→ Er is een verschil tussen deze variatie en pathologisch gedrag.

Wat zijn de aspecten van ‘abnormaal’ gedrag?

Abnormaal gedrag: het gedrag dat afwijkt van een bepaalde norm.

Factoren die onderscheid maken tussen abnormaal en pathologisch gedrag:
1. Persoonlijk lijden.
2. De (dis)functionaliteit van het gedrag.
3. Irrationeel en onbegrijpelijk gedrag.
4. Onvoorspelbaarheid en controleverlies.
5. Opvallend en onconventioneel gedrag.
6. Gedrag dat een ongemakkelijk gevoel bij anderen teweegbrengt.
7. Het overtreden van morele normen.
→ Hoe meer van de factoren aanwezig zijn, des te eensgezinder men is of gedrag
normaal of abnormaal is.
→Ten minste een van de zeven aspecten moet aanwezig zijn om gedrag als abnormaal
te bestempelen.

Definiëren psychische stoornissen:
• Nadelige gevolgen die het gedrags- of psychologisch syndroom voor de
betrokkene kan hebben.
• Worden gedefinieerd door clusters van gedragingen die disfunctioneel zijn.
• Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM-5-TR): heeft als
resultaat dat stoornissen worden geclassificeerd

,Psychische stoornis: wordt ook wel gedefinieerd als een syndroom dat gekenmerkt is
door symptomen op het gebied van cognitieve, affectieve of conatieve functies. Deze
symptomen komen voort uit een disfunctie in de psychologische, biologische, of
ontwikkelingsprocessen.

Waar ligt de grens voor normaal en abnormaal?

Statistische model: gaat ervan uit dat menselijke eigenschappen een normale
verdeling hebben. Abnormaliteit is een zeer lage of zeer hoge score op de schaal.
→Abnormaal refereert hier aan een statistische betekenis en niet per se aan de
abnormaliteit van het gedrag zelf.
• Problemen:
1. De grens is niet altijd even duidelijk bij dit model.
→Het statistisch model sluit wel aan bij de dimensionele benadering van
psychopathologie die bij de meeste psychologische tests tegenwoordig
worden gebruikt.
2. Het specificeert niet hoe ongewoon het gedrag moet zijn om het abnormaal te
kunnen noemen.
→Dit heeft te maken met dat niet elk gedrag normaal verdeeld is.
3. Maakt geen onderscheid tussen statistische afwijkingen die gepaard gaan
met individueel lijden en afwijkingen waarvoor dat niet geldt.
→Veel ‘abnormale’ gedragingen zijn niet automatisch pathologisch. Iemand
kan afwijken van de norm, maar niet hieronder lijden.

Medische model: de meeste klinisch psychologen en psychiaters zoeken de oorzaken
van psychische stoornissen in de onderliggende mechanismen, beide somatogeen en
psychogeen.
• Somatogeen: lichamelijke aandoening onderliggend aan een psychische
stoornis.
• Psychogeen stoornis door een onderliggend psychologisch mechanisme wordt
veroorzaakt.
• Problemen:
1. Het medisch model gaat ervan uit dat de therapeut de deskundige is en
dat de patiënt als ziek wordt beschouwd.
2. Bezwaren van semantische aard: het Griekse therapeut betekent
‘zielzorg’, maar tegenwoordig wordt het gebruikt als ‘genezing’. Daarbij
komt dat er geen eenduidig onderliggend mechanisme is aangetoond,
waardoor een ‘ziekte’ niet is aangetoond.
3. Termen zoals ‘ziekte’ en ‘therapie’ zorgen voor stigmatisering.

Leer-of onderwijsmodel: focust op stoornissen waar geen duidelijke organische
oorzaken ten grondslag liggen. Het kan ontstaan door verkeerde leerprocessen.
→ Problemen worden beschreven als een persoonlijk probleem, er is geen diagnose,
maar een leerdoel.
→Er vindt wel diagnostiek plaats, maar de uitkomst daarvan is geen stoornis. Het focust
op een onderwijsprogramma om aan het doel te werken.

, • Tegenwoordig wordt aan het onderwijsmodel de voorkeur gelegd over het
medisch model. De redenen hiervoor zijn:
- Alle fasen in het model die een nadelige bijbetekenis hebben worden
vermeden.
- Het onderwijsmodel focust meer op eigen verantwoordelijkheid van mensen
die een persoonlijk probleem hebben.
- Het gebruik van de onderwijsterminologie doet meer recht aan de
gebeurtenissen.

Hoofdstuk 2
Wat is de geschiedenis van neurologische benaderingen en psychopathologie?

Neurobiologische benadering van psychopathologie: stelt dat de hersenen een grote
rol spelen in het tot stand komen van gedrag.
• Hippocrates: al aangehaald in de Griekse oudheid. Hij zag geestesziekte als een
ziekte in de hersenen.
• Descartes en Gall’s frenologie: later discussie over het lichaam en het gedrag.
• Broca’s afasie: in de negentiende eeuw werd de relatie tussen de hersenen en
het gedrag specifieker, waarbij een stoornis in de taal onstaat door een
beschadiging in de linker frontaalkwab.
• Neuroleptica: later in de jaren vijftig stapte men over op anti-psychotische
medicijnen waren.
→ Zo ontwikkelde de psychiatrie en psychologie zich.
• Kritiek:
- Het kan uitmonden in gevaarlijke toepassingen, zonder dat het resultaten
biedt.
→Tegenwoordig wordt meer gefocust op de relatie tussen biologische en
psychologische processen, inplaats van nature vs nurture.

Neurobiologische benadering: stelt dat gedrag ontstaat uit een wisselwerking van
genen, hersenen, neurotransmitters, hormonen en de omgeving.

Neurobiologische benadering

Genetisch onderzoek: onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van familiestudies,
tweelingstudies en adoptiestudies.
• Genetisch onderzoek is niet vrij van omgevingsfactoren, waardoor er geen
duidelijkheid is over waar genen een specifieke rol spelen.
• Concordantie coëfficiënt: wordt gebruikt om aan te duiden wat de mate is dat
een eigenschap in de familie voorkomt. Deze geeft tussen de 0 en de 1 aan wat
de concordantie in de familie is van een bepaalde eigenschap.
→ In de meeste tweelingstudies, afhankelijk of het gaat om eeneiige of twee-
eiige tweelingen, zijn de genen respectievelijk 100% of 50% hetzelfde en wordt
aangenomen dat de omgeving 100% hetzelfde is.
→Dit hoeft niet zo te zijn als tweelingen anders worden behandeld door ouders,
andere broers of zussen, familieleden, vrienden, etc.

, • Bij adoptiestudies delen adoptiekinderen vaak geen genen, maar wel de
omgevingsfactoren. Hierdoor kan de rol van omgevingsfactoren gescheiden
worden van de rol van genen.

Welke hersenstructuren spelen een rol bij emotieregulatie?

Limbische systeem: belangrijk voor emotie, motivatie, genot en het emotioneel
geheugen.
• Amygdala
→ Speelt een grote rol in emotieregulatie en is een cruciaal onderdeel van het
saillantie-netwerk, wat signalen van gevaar, pijn, bedreiging en beloning opmerkt
en verwerkt.
• Hippocampus
• Hypothalamus.

Prefrontale cortex: het regelt de functies zoals waarneming, motoriek en spraak. Ook
regelt het emoties en gedrag, abstractie, aandacht, verbaal geheugen en
psychomotorische snelheid.

Wat zijn neurotransmitters?

Neurotransmitters: hiermee communiceren de miljarden neuronen met verschillende
functies met elkaar.
• Ze worden door een presynaptisch neuron opgebouwd en na activatie van de
neuron via blaasjes verplaatst naar de synaptische spleet.
• Synaptische spleet: de ruimte tussen twee neuronen, waar de verschillende
neurotransmitters zich verplaatsen en hechten aan een bepaald type receptor
van de postsynaptische neuron.
→Vanwege deze hechting worden processen in de postsynaptische neuron in
gang gezet.
• Vijf factoren beïnvloeden de synaptische overdracht van de neurotransmitters:
1. Hoeveelheid neurotransmitters in synaptische spleet
- Te veel of te weinig neurotransmitters zorgen voor een over- of
onderstimulatie van het postsynaptische neuron.
- De hoeveelheid wordt beïnvloed door:
o Productie
o Katabolisme, ofwel afbraak
o Heropname van neurotransmitters.
2. Blocking agents.
- Andere chemische stoffen kunnen zich ook hechten aan receptoren op het
postsynaptische neuron, maar zullen de neuron niet verder stimuleren. De
stof blokt het hechten van een neurotransmitter aan een receptor.
3. Remmende neuronen
- Deze remmen de activatie van pre- en post synaptische neuronen.
4. Neuronengevoeligheid
- Hoe gevoeliger het neuron, hoe eerder deze geactiveerd zal worden.
5. Hoeveelheid receptoren op post synaptische neuron

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
14 oktober 2025
Aantal pagina's
100
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.44
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
nikkibot Universiteit Utrecht
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
15
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
15
Laatst verkocht
2 maanden geleden

4.0

4 beoordelingen

5
1
4
2
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen