Week 1:
De student kan de criminogene factoren op casuïstiek toepassen
De student kan de begrippen 'adolescence-limited' en 'lifecourse persistent' uitleggen
en toepassen
De student snapt de piek in Moffitt's grafiek en kan deze uitleggen
Week 2:
De student kan het ecologisch model van Bronfenbenner toepassen op casuïstiek
De student kan de vijf opvoedingsstijlen toepassen op casuïstiek
De student kan de hechtingsstijlen toepassen op casuïstiek
De student kan een verbindingen leggen tussen opvoedingsstijlen en hechtingsstijlen
week 3:
De student kent de sociologische theorieën op criminaliteit en kan deze toepassen op
casuïstiek
De student kan delinquent gedrag in de casuïstiek verklaren aan de hand van de
sociologische theorieën
Week 4:
De student kent de kenmerken van een LVB'er
De student kent de beperkingen van een IQ-test
De student kan de relatie tussen LVB en criminaliteit verklaren
De student kan criminologische theorieën toepassen op LVB-casuïstiek
Week 5:
De student kent het verschil tussen ODD-gedragsstoornis en CD-gedragsstoornis
De student weet waarom gedragsstoornissen leiden tot delinquent gedrag
De student kan gedragsstoornissen herkennen in casuistiek
De student kan verslaving herkennen in casuistiek
De student kan crimineel gedrag verklaren in combinatie met verslavingsproblematiek
, Criminologie
De wetenschap die zich bezighoudt met de bestudering van de aard en de achtergronden
van menselijke gedragingen die door de wetgever strafbaar zijn gesteld en van de wijze
waarop de overheid en de overige maatschappij daarop reageert. In dit vak besteden we
aandacht aan de achtergronden van menselijke gedragingen.
- Begrijpen waarom iemand een misdaad pleegt voorkomen van het recidive
voorkomen
- Waarom de een wel een misdaad pleegt, en de ander niet.
- Onderzoeken welke factoren invloed hebben.
- Wat gaat er in het hoofd van de crimineel om?
Oorzaak van criminaliteit (etiologie) + daders
- Drugs
- Armoede schaarste
- Lage lonen
- Financiële schulden inkomen te generen de hoop dat het je probleem sneller op
lost.
- Geweld je wordt er toe gezet om wat te doen.
- Thuissituatie
- Psychische problematiek
- Omgeving mee gaan in het verkeerde, waardoor je door onder andere vrienden in
het verkeerde circuit kan belanden.
Actuele criminologische benadering
Moffit -Dual Taxonomy Theorie (Dunedin studie)
1. Life-course persistent: start al vroeg in de kindertijd, opeenstapeling van negatieve
individuele en sociale factoren, negatief spiraal.
2. Adolescence-limited; start later tot in de vroege jongvolwassenheid, geen grote
pathologische factoren, maturity-gap (discrepantie tussen fysiek en sociale
volwassenheid)
3. Abstainers:’
Wat zijn criminogene factoren:
Criminogene factoren zijn omstandigheden of kenmerken die de kans vergroten dat iemand
crimineel gedrag vertoont. Dze factoren kunnen zowel individueel als omgeving gerelateerd
zijn. ze kunnen bijvoorbeeld in
Kenmerken of omstandigheden die kunnen bijdragen aan het plegen van delicten. Het gaat
om factoren die aan het riscico op recivide bijdragen. Twee soorten
Statische factoren (geen verandering); geslacht, leeftijd, reeds gepleegde delicten etc.
Dynamische factoren (veranderbaar); huisvesting, financiën, gedrag (niet altijd)
Kind: biologisch, persoonlijkheid, gedrag
Gezin ouder- kind problematiek, opvoedingsvaardigheden, problemen gezinsleden
Omgeving school, werk, buurt, vrienden