1650-1848
Opbouw katern/historische context
A. Wetenschappelijke revolutie (17e eeuw)
B. Verlichting/Verlicht absolutisme (≈ 18e eeuw)
C. Franse Revolutie (1789-1799)
D. Erfenis Franse Revolutie
-Restauratie na
Napoleon (Nappie) -Opkomst ‘ismen’
(liberalisme, socialisme, nationalisme) -Revolutie jaar
1848
A. Wetenschappelijke revolutie (17e eeuw)
Kenmerken traditioneel wetenschappelijk onderzoek uit de middeleeuwen
1. Religie vormt het kader waarbinnen alles wordt verklaard god beheerst de
samenleving (stuurt, grijpt in, verklaart)
onderzoek moet leiden naar goddelijke wetten
2. Bijbel = kennis
3. Onderzoekers/’wetenschappers’ altijd geestelijken
Vanaf de 16e eeuw werden deze inzichten ter discussie gesteld door twee
nieuwe wetenschappelijke methodieken:
1. Empirisme (met name natuurwetenschappen) kennis komt voort uit
waarnemingen, observaties en niet uit geloof of traditie. Alleen zintuigelijke
waarnemingen leidt tot kennis streven naar natuurwetenschappen
2.Rationalisme (met name menswetenschappen) rede, ratio, menselijk
denkvermogen vormt belangrijkste basis van kennis (Descartes: cogito ergo sum
– ik denk dus ik besta)
-Emmanuel Kant combineert beide methodieken, ze kunnen niet zonder elkaar
(samen vormen ze de oorsprong van kennis) (verplicht voorbeeld p.148 Kant over
de Definitie van verlichting en het rationalisme; Kennis kwam volgens Kant tot
stand door het combineren van rede en ervaring)
-Kritiek vanuit de kerk bang dat de nieuwe methodieken de kerkelijke
opvattingen en daarmee ook de positie van de kerk zullen ondermijnen
-De methodieken, met name rationalisme, gaat men ook toepassen op de
maatschappij en maatschappelijke problemen om de maatschappij te
begrijpen en veranderen (niet des middeleeuws) vooruitgangsdenken
samenleving = maakbaar
conclusie: leidt tot een filosofische revolutie in de mens en maatschappij
wetenschappen = verlichting
, (OER = observeren + experimenteren + redeneren Humanisme
wetenschappelijke revolutie verlichting)