Leeruitkomst 6: De gezonde stem 0 - 80 jaar
De student beschrijft de ontwikkeling van de stem in de leeftijd van 0 – 80+ jaar,
in de fases: kind, adolescent, volwassene, oudere.
1. Larynxskelet
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind relatief klein en onderontwikkeld. Het biedt een basis voor
stemproductie, maar de stem is meestal hoger in de hals,
trechtervorm.
adolescent relatief klein en onderontwikkeld. Het biedt een basis voor
stemproductie, maar de stem is meestal hoog. Positie van larynx
daalt. Kraakbeen van jongens meer uitgesproken dan bij meisjes.
Hoek van thyroid jongens van 120 naar 90 graden -> hierdoor
adamsappel zichtbaar.
Volwassene Het larynxskelet bereikt zijn volwassen grootte (breedte, grootte
en daling). Bij regelmatig gebruik kan het zich verder aanpassen
aan stemtraining.
Oudere Veroudering kan leiden tot verslapping van het kraakbeen en
veranderingen in de vorm, wat kan resulteren in een hogere stem
en verminderde controle.
2. Lengte/structuur stemplooien
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind Stemplooien zijn kort en dun, wat resulteert in een hoge stem. De
lengte en dikte zijn beperkt (baby 2,5 - 5 mm, 1 - 12 jaar 6,5 mm)
Adolescent Bij jongens worden de stemplooien langer en dikker, wat leidt tot
een lagere stem (mutatiestem / baard in de keel). Bij meisjes is de
verandering minder ingrijpend.
Volwassene Stemplooien kunnen verder ontwikkelen door training.
Volwassenen hebben een grotere controle over de spanning en
lengte. Er is ook een verdunning van de elastiche vezels van de
stemplooien als we ouder worden. En een verandering aan de
, musculus thyroarytemoideus zorgt ervoor dat de massa van de
stemplooien dalen.
Oudere De stemplooien kunnen verslappen en dunner worden, wat de
stemhoogte en -kwaliteit kan beïnvloeden. Akoestische kenmerken
zoals veranderde toonhoogte, ruwheid, lucht, heesheid en
trilling/onstabiel kunnen voorkomen. Dit is het gevolg van minder
soepelheid en onvolledige sluiting van de stemplooien.
3. Stembelastbaarheid
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind stembelastbaarheid is vaak beperkt. Kinderen hebben vaak moeite
met langdurig stemgebruik.
Adolescent Tijdens de puberteit kan de stembelastbaarheid fluctueren door
hormonale veranderingen. Training kan helpen deze te verbeteren.
Volwassene Volwassenen hebben doorgaans een hogere stembelastbaarheid
door ervaring en training. Ze kunnen de stem beter beheren
tijdens langdurig gebruik.
Oudere Stembelastbaarheid kan afnemen door veroudering en mogelijke
gezondheidsproblemen, wat de stemgebruik kan beperken.
4. Fundamentele frequentie
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind De fundamentele frequentie is hoog, typisch voor kinderstemmen.
Dit is normaal en stabiel. Bij een baby 320 HZ - 740 HZ. 1 - 12 jaar
340 HZ - 470 HZ. De frequentie bij pijn is anders dan bij honger en
tevredenheid.
Adolescent Bij jongens daalt de fundamentele frequentie aanzienlijk door de
veranderingen in de stemplooien. Meisjes ervaren een mildere
daling. .Bij jongens is er ongeveer een octaaf (van 260 Hz naar 120
De student beschrijft de ontwikkeling van de stem in de leeftijd van 0 – 80+ jaar,
in de fases: kind, adolescent, volwassene, oudere.
1. Larynxskelet
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind relatief klein en onderontwikkeld. Het biedt een basis voor
stemproductie, maar de stem is meestal hoger in de hals,
trechtervorm.
adolescent relatief klein en onderontwikkeld. Het biedt een basis voor
stemproductie, maar de stem is meestal hoog. Positie van larynx
daalt. Kraakbeen van jongens meer uitgesproken dan bij meisjes.
Hoek van thyroid jongens van 120 naar 90 graden -> hierdoor
adamsappel zichtbaar.
Volwassene Het larynxskelet bereikt zijn volwassen grootte (breedte, grootte
en daling). Bij regelmatig gebruik kan het zich verder aanpassen
aan stemtraining.
Oudere Veroudering kan leiden tot verslapping van het kraakbeen en
veranderingen in de vorm, wat kan resulteren in een hogere stem
en verminderde controle.
2. Lengte/structuur stemplooien
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind Stemplooien zijn kort en dun, wat resulteert in een hoge stem. De
lengte en dikte zijn beperkt (baby 2,5 - 5 mm, 1 - 12 jaar 6,5 mm)
Adolescent Bij jongens worden de stemplooien langer en dikker, wat leidt tot
een lagere stem (mutatiestem / baard in de keel). Bij meisjes is de
verandering minder ingrijpend.
Volwassene Stemplooien kunnen verder ontwikkelen door training.
Volwassenen hebben een grotere controle over de spanning en
lengte. Er is ook een verdunning van de elastiche vezels van de
stemplooien als we ouder worden. En een verandering aan de
, musculus thyroarytemoideus zorgt ervoor dat de massa van de
stemplooien dalen.
Oudere De stemplooien kunnen verslappen en dunner worden, wat de
stemhoogte en -kwaliteit kan beïnvloeden. Akoestische kenmerken
zoals veranderde toonhoogte, ruwheid, lucht, heesheid en
trilling/onstabiel kunnen voorkomen. Dit is het gevolg van minder
soepelheid en onvolledige sluiting van de stemplooien.
3. Stembelastbaarheid
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind stembelastbaarheid is vaak beperkt. Kinderen hebben vaak moeite
met langdurig stemgebruik.
Adolescent Tijdens de puberteit kan de stembelastbaarheid fluctueren door
hormonale veranderingen. Training kan helpen deze te verbeteren.
Volwassene Volwassenen hebben doorgaans een hogere stembelastbaarheid
door ervaring en training. Ze kunnen de stem beter beheren
tijdens langdurig gebruik.
Oudere Stembelastbaarheid kan afnemen door veroudering en mogelijke
gezondheidsproblemen, wat de stemgebruik kan beperken.
4. Fundamentele frequentie
Leeftijdsf Ontwikkeling
ase
Kind De fundamentele frequentie is hoog, typisch voor kinderstemmen.
Dit is normaal en stabiel. Bij een baby 320 HZ - 740 HZ. 1 - 12 jaar
340 HZ - 470 HZ. De frequentie bij pijn is anders dan bij honger en
tevredenheid.
Adolescent Bij jongens daalt de fundamentele frequentie aanzienlijk door de
veranderingen in de stemplooien. Meisjes ervaren een mildere
daling. .Bij jongens is er ongeveer een octaaf (van 260 Hz naar 120