Aardrijkskunde samenvatting
Hoofdstuk 3: South-Amerika
Paragraaf 1: Regionale beeldvorming
Stereotype beelden
Stereotype beelden = beelden van bijvoorbeeld een land die gebaseerd zijn op vooroordelen.
: geeft een algemene karakterisering van een gebied of van een groep mensen.
: zijn kort door de bocht, vaak wordt alles op één hoop gegooid.
: berusten deels op juiste en deels op onjuiste informatie.
Perceptie
Stereotype beelden zijn moeilijk te veranderen, zelfs als het al lang bekent is dat ze niet kloppen.
Perceptie = de manier waarop je op basis van juiste of onjuiste informatie de werkelijkheid inkleurt.
: speelt een rol bij het op stand komen van stereotype beelden.
Een stereotype beeld is ook afhankelijk van het feit of die informatie goed of slecht uit komt. Een
Amsterdammer ziet Drenthe als alleen maar boerderijen en weilanden en maakt Amsterdam er
daardoor mooier door, terwijl een Drent zo er helemaal niet tegen aankijkt en dat zelfs een
belediging kan vinden.
Belangrijke cultuurelementen voor Zuid-Amerika:
- Muziek
- Dans
- Sport
- Kleding
- Religie
Stereotype beeld Zuid-Amerika natuur:
- de biodiversiteit verdwijnt in ijltempo
- het Amazoneregenwoud is bij wijze van spreken al gekapt
Imago van Zuid-Amerika kent bij het grote publiek ook een aantal tegenstellingen:
- het beeld van villa wijken naast krottenwijken
- het beeld van dictaturen naast democratieën
- het beeld van ongelijkheid naast herverdeling
Geografische beelden
Geografische beelden = objectieve en controleerbare beelden van de liggen van een gebied en van
zijn ruimtelijke kenmerken en relaties.
Geografische kennis voorkomt dat je een vertekend beeld hebt van een gebied of van zijn inwoners.
Stereotype beelden en geografische beelden van Zuid-Amerika zijn van invloed op het ruimtelijk
gedrag van buitenlandse bedrijven, consumenten, politici en burgers.
, Paragraph 2: Landschappen
West: actieve continentrand
Zuid-Amerika bestaan uit meerdere tektonische platen.
Het vaste land omvat de Zuid-Amerikaanse plaat en het zuidelijk deel van de Caribische plaat.
De oceanische korst van de Nazcaplaat en de Antarctische plaat duiken weg onder de continentalen
korst van Zuid-Amerika.
Subductie = Het onder een andere plaat weg duiken van een plaat.
: Gaat gepaard met aardbevingen, actief vulkanisme en gebergte vorming.
Het Andesgebergte is een indrukwekkende resultaat van zulke tektonische onrust.
Hierdoor komt ook het stollingsgesteente andesiet daar voor.
Andesiet = stollingsgesteente typerend voor explosieve vulkanen.
De Andes = een hooggebergte dat in het noordwesten uit meerdere bergketens bestaat.
Hoogvlakte of hoogland = ligt onder andere tussen de bergketens van de Andes in.
Bij de vorming van het Andesgebergte ontstond aan de oostkant van het gebergte een zogenaamd
voorlandbekken. (De wegduikende plaat creëert immers zelf een laagte en trekt het aangrenzende land mee)
In deze laagte verzamelt zich het sediment dat door verwering en erosie van het groeiende
Andesgebergte aan de west kant af komt.
Het gewicht van het opgehoopte sediment drukt de onderliggende aardkorst verder de mantel in.
Zo blijft het voorlandbekken diep genoeg om steeds meer sediment te ontvangen. (De Altiplano – een
intramontane hoogvlakte – is van oorsprong ook een voorlandbekken, maar is tijdens de vorming van de Andes opgetild)
Aan de westkust in de vulkanische activiteit niet overal even groot.
Volgens sommige wetenschappers komt dit doordat de subductie in die gebieden moeilijker
verloopt, omdat hier de onderduikende plaat bijna vlak onder de continentale korst schuift.
Je krijgt hierdoor wel vervorming van gesteente, maar geen vulkanisme.
Oost: passieve continentrand
De oostzijde van het continent is juist een passieve continentrand.
Hier treden er geen of weinig tektonische verschijnselen op (aardbevingen, vulkanisme, gebergtevorming)
Ten oosten van de Andes liggen het Guyana- en het Braziliaanse schild.
Dit zijn de aller oudste kernen van het Zuid-Amerikaanse continent.
De belangrijkste landschapstypen in Zuid-Amerika zijn:
- het hoogland van Guyana en Brazilië
- het plateau van Patagonië
- het Andesgebergte
- de Altiplano
- de uitgestrekte laaglanden waarin de Orinoco, de Amazone en de Paraná stromen
Hoofdstuk 3: South-Amerika
Paragraaf 1: Regionale beeldvorming
Stereotype beelden
Stereotype beelden = beelden van bijvoorbeeld een land die gebaseerd zijn op vooroordelen.
: geeft een algemene karakterisering van een gebied of van een groep mensen.
: zijn kort door de bocht, vaak wordt alles op één hoop gegooid.
: berusten deels op juiste en deels op onjuiste informatie.
Perceptie
Stereotype beelden zijn moeilijk te veranderen, zelfs als het al lang bekent is dat ze niet kloppen.
Perceptie = de manier waarop je op basis van juiste of onjuiste informatie de werkelijkheid inkleurt.
: speelt een rol bij het op stand komen van stereotype beelden.
Een stereotype beeld is ook afhankelijk van het feit of die informatie goed of slecht uit komt. Een
Amsterdammer ziet Drenthe als alleen maar boerderijen en weilanden en maakt Amsterdam er
daardoor mooier door, terwijl een Drent zo er helemaal niet tegen aankijkt en dat zelfs een
belediging kan vinden.
Belangrijke cultuurelementen voor Zuid-Amerika:
- Muziek
- Dans
- Sport
- Kleding
- Religie
Stereotype beeld Zuid-Amerika natuur:
- de biodiversiteit verdwijnt in ijltempo
- het Amazoneregenwoud is bij wijze van spreken al gekapt
Imago van Zuid-Amerika kent bij het grote publiek ook een aantal tegenstellingen:
- het beeld van villa wijken naast krottenwijken
- het beeld van dictaturen naast democratieën
- het beeld van ongelijkheid naast herverdeling
Geografische beelden
Geografische beelden = objectieve en controleerbare beelden van de liggen van een gebied en van
zijn ruimtelijke kenmerken en relaties.
Geografische kennis voorkomt dat je een vertekend beeld hebt van een gebied of van zijn inwoners.
Stereotype beelden en geografische beelden van Zuid-Amerika zijn van invloed op het ruimtelijk
gedrag van buitenlandse bedrijven, consumenten, politici en burgers.
, Paragraph 2: Landschappen
West: actieve continentrand
Zuid-Amerika bestaan uit meerdere tektonische platen.
Het vaste land omvat de Zuid-Amerikaanse plaat en het zuidelijk deel van de Caribische plaat.
De oceanische korst van de Nazcaplaat en de Antarctische plaat duiken weg onder de continentalen
korst van Zuid-Amerika.
Subductie = Het onder een andere plaat weg duiken van een plaat.
: Gaat gepaard met aardbevingen, actief vulkanisme en gebergte vorming.
Het Andesgebergte is een indrukwekkende resultaat van zulke tektonische onrust.
Hierdoor komt ook het stollingsgesteente andesiet daar voor.
Andesiet = stollingsgesteente typerend voor explosieve vulkanen.
De Andes = een hooggebergte dat in het noordwesten uit meerdere bergketens bestaat.
Hoogvlakte of hoogland = ligt onder andere tussen de bergketens van de Andes in.
Bij de vorming van het Andesgebergte ontstond aan de oostkant van het gebergte een zogenaamd
voorlandbekken. (De wegduikende plaat creëert immers zelf een laagte en trekt het aangrenzende land mee)
In deze laagte verzamelt zich het sediment dat door verwering en erosie van het groeiende
Andesgebergte aan de west kant af komt.
Het gewicht van het opgehoopte sediment drukt de onderliggende aardkorst verder de mantel in.
Zo blijft het voorlandbekken diep genoeg om steeds meer sediment te ontvangen. (De Altiplano – een
intramontane hoogvlakte – is van oorsprong ook een voorlandbekken, maar is tijdens de vorming van de Andes opgetild)
Aan de westkust in de vulkanische activiteit niet overal even groot.
Volgens sommige wetenschappers komt dit doordat de subductie in die gebieden moeilijker
verloopt, omdat hier de onderduikende plaat bijna vlak onder de continentale korst schuift.
Je krijgt hierdoor wel vervorming van gesteente, maar geen vulkanisme.
Oost: passieve continentrand
De oostzijde van het continent is juist een passieve continentrand.
Hier treden er geen of weinig tektonische verschijnselen op (aardbevingen, vulkanisme, gebergtevorming)
Ten oosten van de Andes liggen het Guyana- en het Braziliaanse schild.
Dit zijn de aller oudste kernen van het Zuid-Amerikaanse continent.
De belangrijkste landschapstypen in Zuid-Amerika zijn:
- het hoogland van Guyana en Brazilië
- het plateau van Patagonië
- het Andesgebergte
- de Altiplano
- de uitgestrekte laaglanden waarin de Orinoco, de Amazone en de Paraná stromen