Het kind, anamnese, onderzoek en behandeling:
Heteroanamnese:
Communicatie (onvoldoende) mogelijk
- Observatie van de patiënt
- Contact maken/houden met de patiënt
- Communicatie met familie of begeleider
Communicatie is mogelijk
- Observatie van de patiënt
- Spelenderwijs vragen stellen aan kind
- Vragen aan kind hoe hij/zij zich voelt bij de achterstand (bv met klasgenootjes)
- Aantal vragen aan kind zelf is afhankelijk van de leeftijd
Heteroanamnese inhoud:
Aard van het probleem (motorisch, sensorisch etc.)
Basis van het vermoeden van de problematiek
Tijdstip van ontstaan van achterstand/problemen
Sociale, cognitieve en motorische ontwikkeling
Motorische mijlpalen/ontwikkeling
Beperkingen, compensatie motoriek
Zwangerschap, verloop, ziekte, medicatie, alcohol, roken, leeftijd moeder
Geboorte, verloop, prematuriteit (te vroeg geboren), dismaturiteit, zuurstoftekort, andere
bijzonderheden, APGAR-score
Hoe voelt het kind zich? Invloed op sociale leven, school, vrije tijd, dagelijks leven (ADL)
APGAR-score:
Snelle indruk van de algemene toestand van een pasgeboren baby verkrijgen (d.m.v. 5
vitale aandachtspunten
1, 5 en 10 minuten na de geboorte opnemen
Meeste baby’s een score van 7-10 punten
<4 punten is onmiddellijk ondersteunende hulp vereist
Onderzoek kind:
Observatie motoriek en gedrag
Uitvoeren motorische test
Ontwikkeling van het kind:
Groei
- Kwantitatieve verandering
a) Lengte
b) Gewicht
c) Omtrek
d) Lichaamsverhoudingen
- Biometrisch onderzoek
a) Groeidiagrammen
b) Groeicurve
Ontwikkeling
- Kwalitatieve verandering
a) Rijping en differentiatie
b) Waarneembaar gedrag
c) Biologische factoren
d) Omgevingsfactoren
e) Nature of nurture
- Indeling
a) Cognitieve ontwikkeling
b) Sociaal-economische ontwikkeling
c) Motorische ontwikkeling
,Cognitieve ontwikkeling:
Ontwikkeling van denkschema’s
Taalontwikkeling
Verstandelijke ontwikkeling (IQ)
Morele ontwikkeling
Sociaal-economische ontwikkeling:
Hechting
Socialisatie
Ontwikkelen van gevoelens
Motorische ontwikkeling:
De grove motoriek
- Gewichtsverplaatsing
- Voortbeweging
- Stabiliteit
- Souplesse
- Doelgericht bewegen
- Timing/programmering
De fijne motoriek
- Manipuleren/overpakken
- Oog-hand coördinatie
- Eten/drinken/praten
- Visueel (fixeren en volgen)
Motorische ontwikkeling:
Continue proces vanaf de conceptie
Prenatale fase
- Basis voor motorisch gedrag
- Primitieve reflexen
a) Vanaf geboorte aanwezig
b) Beperkte periode aanwezig
c) Maken plaats voor corticale reacties
d) Bij persisteren (pathologie)
Reflexen:
Grijpreflex
Mororeflex
Loopreflex
Primitieve steunreflex
Tonische nekreflexen (ATNR en STNR)
Terugtrekreflex
Oprichtreacties
Postnatale ontwikkeling:
Kinesiologische principes
- Flexiepatroon-extensie-lateroflexie-rotatie
- Ongecontroleerd → complexe bewegingen
- Craniaal → caudaal
- Proximaal → distaal
- Grof motorisch → fijn motorisch
- Reflexmatig → bewust handelen
Motometrische tests:
Kwantitatieve ontwikkeling
Motorische mijlpaal ontwikkeling in relatie tot de kalenderleeftijd van een kind
Fases in motorische ontwikkeling:
, 1. Eerste 3 maanden
- Hand-mond contact
- Stabiele rugligging
- Kort fixeren met de ogen (na 6 weken)
- Grijpen
- Hoofdbalans (2e maand)
2. Van 4e tot 8e maand
- Eerste voortbewegingen
- Puppyhouding (3e maand)
- Omrollen (5e maand buik → rug en 6e maand rug → buik)
- Kan zitten met steun (8e maand)
- Kan objecten verplaatsen met de handen
3. De 9e en 10e maand
- Vrij zitten en naar voren buigen zonder omvallen
- Vastpakken voorwerpen (pincetgreep)
- Manipuleert objecten met handen
- Kruipen
4. Van 12e tot 15e maand
- Trekt zich op aan meubels etc.
- Ontwikkeling naar lopen
- Begint met rollen van een bal
- Begint met stapelen van objecten
- Vrijstaan
5. Na 18 maanden
- Trappen klimmen met vasthouden
- Bukken zonder omvallen
- Klimmen
- Achteruit lopen
- Drinkt uit beter en eet met lepel
- Enkele woordjes zeggen
6. Tot 2 jaar
- Traplopen
- Trappen tegen bal zonder omvallen
- Sneller lopen, beginnen met huppelen
7. Vanaf 2 jaar
- Op 1 been staan (2,5 jaar)
- Hinkelen (5 jaar)
Onderzoek kind:
Van Wiechen ontwikkelingsonderzoek/schema
Bewegingscomponenten
- Flexie/extensie
- Rotatie/derotatie
- Verlenging/verkorting
- Gewichtsverplaatsing
Behandelvaardigheden:
Valkuilen:
Je geeft geen therapie, maar voert trucjes uit
Theoretische kennis achter behandelingen te summier
Contact met de patient valt weg
Behandelplan is niet correct
Uitvoer van je behandeling is niet correct
Behandelen:
Inleiding
Kern
Afsluiting
, Behandelen:
Praatje (audio)
Plaatje (visueel)
Daadje (tactiel)
Behandelplan:
Hoofddoel (gerelateerd aan hulpvraag)
Subdoel 1 Subdoel 2 Subdoel 3
Uitleg Uitleg Uitleg
SMART:
Specifiek
Meetbaar
Acceptabel
Realistisch
Tijdgebonden
Plusgegevens:
Subdoelen SMART
Multiprofessionele afspraken en doelen
Geplande behandellocatie
Geplande duur sessie
Gepland evaluatiemoment
Hoofddoel
Week Subdoelen Verrichtingen Dosis Behandellocati Akkoord
Behandeling e patient
Duur
Voorbeeld behandelplan:
Meneer kan na 8 weken behandelen weer pijnvrij 15 kilometer hardlopen (SMART)
Subdoel 1: Subdoel 2: Subdoel 3:
Na de eerste keer behandelen Na 8 weken behandelen is de Na 8 weken behandelen is de
heb ik meneer ingelicht over hypertonie van de tensor ROM van de flexie van de knie
de gevaren van doorsporten fascia lata afgenomen door weer optimaal door middel
met pijnklachten door middel middel van massage van oefentherapie
van informeren en adviseren
Tijdens het behandelen het Om de week masseren (15 Elke week zoveel mogelijk tijd
informeren en adviseren doen, min) besteden aan de
zodat er meer tijd is voor oefentherapie
massage en de oefeningen (5 Hierbij gebruik maken van
min) verschillende massage Beginnen met een warming-
technieken (intermitterend up: fietsen
Volgende behandeling drukken, Effleurages en
navragen of meneer iets met Petrissages) 3 oefeningen:
de informatie/advies heeft Rekken: de hek naar de kont
gedaan (5 min) toe trekken en dit 10
seconden vasthouden in de
eindgrens, de hamstrings
worden hierbij opgerekt + de
ROM flexie knie wordt
gemobiliseerd
Goodmornings: rug recht
houden en langzaam naar
beneden gaan, hierbij wordt er
ook gerekt