− Sociologie
Sociologie verklaart het gedrag van individuen en groepen mensen vanuit de
maatschappelijke invloeden die ze ondergaan. Mensen zijn altijd sociaal ingebed → kern
van de sociologie.
− Socialisatie algemeen
Het proces waarbij mensen leren zich sociaal te gedragen in de voor hen relevante
groepen wordt socialisatie genoemd. Deze socialisaties begint al bij de geboorte –
volgens sommige pedagogen al daarvoor. Om het gedrag van mensen te kunnen
verklaren, wordt er daarom ook gekeken naar wat ze aangeleerd wordt; tegelijkertijd
beseffen we dat er ook aangeboren gedrag is. De verhouding tussen aangeboren en
aangeleerd is een bron van veel onderzoek en discussie, ook wel het nature-nurture-
debat genoemd.
− Interdependentie
Voor het voortbestaan is men dan ook van die grotere groep afhankelijk oftewel
interdependent. De interdependentie is met andere woorden vele malen groter
geworden: de mensen hebben geen interactie met de mensen van wie zij onderling
afhankelijk zijn of zelf maar weet van elkaar.
VB: Wij hebben onze ouders nodig, de docent nodig, de docent heeft ons nodig, wij
hebben elkaar nodig als medestudent, de bakker nodig voor brood, de buschauffeur om
hier te komen (arbeidsdeling), etc.
− Normen en waarden
Normen
Concrete gedragsregels die aangeven wat verwacht wordt in een bepaalde situatie, wat
je wel of juist niet moet doen.
VB: niet liegen, ouderen met u aanspreken, etc.
Waarden
Met anderen gedeelde voorstellingen over wat goed en daardoor nastrevenswaardig is
VB: eerlijkheid, beleefdheid, etc.
, − Macht
Macht is het vermogen om vorm te geven aan de eigen toekomst. Het vermogen om iets
aan de samenleving te veranderen heeft veel te maken met macht.
1. Hangt af van cultuur en sociaal bewustzijn.
2. Dit verschilt per persoon, bv meer/minder geld, de een kan bevelen geven, de ander
enkel gehoorzamen. (maatschappelijke structuren en sociale ongelijkheid)
3. Er zijn bijna geen doelstellingen mogelijk onafhankelijk van anderen. Dit maakt
mensen tot sociale wezens. (sociale verandering en conflict).
− Sociaal bewustzijn
Bewustzijn = het besef van de plaats die je in je omgeving inneemt, bv hier op de
hogeschool. Dit bepaalt voor een groot deel je gedrag. Je bewustzijn is bepaald door de
(sub)cultuur en historie van de samenleving en van jouw groep.
Sociaal bewustzijn = weten (bewustzijn) hoe de samenleving (het sociale) volgens jou in
elkaar zit en wat jouw plaats daarin is.
− Sociale posities
Plaats die iemand in relatie tot anderen in de maatschappij of in een groepering inneemt
(toegewezen of verworven)
Status: waardering voor de positie.
Aanzien: waardering voor de wijze waarop de positie door de betreffende persoon wordt
bekleed.