Samenvatting owe 8
Inhoud
Dwarslaesie......................................................................................................... 1
Ms........................................................................................................................ 5
Zenuwstelsel....................................................................................................... 7
Algemene anatomie en fysiologie........................................................................13
COPD.................................................................................................................... 15
Longkanker........................................................................................................... 17
Parkinson.............................................................................................................. 19
Motorisch stelsel:.................................................................................................. 21
Ouderdom............................................................................................................ 25
Verplichte zorg...................................................................................................... 32
Osteoporose......................................................................................................... 32
Artrose.................................................................................................................. 34
Sarcopenie............................................................................................................ 35
Autisme................................................................................................................ 36
Delier.................................................................................................................... 38
Dementie.............................................................................................................. 39
ADHD.................................................................................................................... 43
Tracheostoma en katheteriseren..........................................................................44
Dwarslaesie
Een dwarslaesie is een onderbreking van de continuïteit van het ruggenmerg en
kan stabiel zijn en instabiel. Een instabiele dwarslaesie kan door bewegelijkheid
nog meer beschadigen. Kenmerken van een dwarslaesie zijn
,verlammingsverschijnselen en een stoornis de het sensorische en autonome
functies (bvb ah en spijsvertering).
Een dwarslaesie word onderverdeeld in
- C4 of hoger
- T5 t/m c8
- Th1 t/m th6
- H7 t/m l3
- Conus caudaal letsel
Bij c8 of hoger spreek je van een hoge dwarslaesie en vertoon je
tetraparese(verlamming alle 4 de ledenmaten), vanaf c4 is ademhalen zonder
beademing niet mogelijk
Vanaf Th5 tot C5 zal de ademhaling steeds minder worden en word de kans dat je
aan de beademing moet steeds groter door verlamming van het middenrif en
hulpademhalingsspieren (intercostale spieren). Bij een complete laesie T5-T8 zijn
die spieren voor een klein deel verlamd dus lukt het niet meer goed om op te
hoesten.
Vanaf Th8 is spraken van een midthorcale dwarslaesie wat zich uit in paraparese.
Ook vanaf L1 of lager is er spraken van paraparese (verzwakking onderste
ledenmaten)
Paralyse = verlamming tijdelijk of permanent in 1 of meerdere lichaamsdelen
Paraparese = verzwakking onderste ledematen
Paraplegie = volledige of gedeeltelijke verlamming onderste lichaamshelft
Tetraparese = zwakte in alle 4 de ledematen
Tetraplegie = alle 4 de ledenmaten en de romp zijn verlamd
Paresthesieën = stoornis is gevoelssensatie
Diagnostiek:
- MRI bij myelum (ruggenmerg)
- CT bij fracturen
- Bloed en liquor bij infectie
Symptomen complete dwarslaesie:
- Krachtverlies
- Gevoelsstoornissen
- Autonome disfunctie
Symptomen incomplete dwarslaesie:
- Motorisch
Parese/paralyse van armen en/of benen en rompspieren
Parese/paralyse van ademhalingsspieren
Gespannen/pijnlijke spieren en spasticiteit
- Sensorisch
Tintelingen
Hypesthesie (minder gevoelig voor prikkels)
Anesthesie (gevoelloosheid)
, - Autonoom
Urineretentie/ obstipatie
Incontinent urine en poep
Erectie disfunctie
Een schaal die gebruikt word om de omvang van een dwarslaesie aan te geven is
de ASIA schaal zie tabel 1. Is bedoeld om een neurologisch beeld te schetsen en
zorgt voor juiste communicatie tussen disciplines. Word ingevuld door neuroloog
of revalidatie arts via een formulier. Als niet gespecialiseerde verpleegkundige
hoef je dit niet te kunnen. Wel moet je bekend zijn met de schaal en hoe deze tot
stand komt. De schaal word binnen 3 dagen van het letsel ingevuld en word
wekelijks herhaald.
De ASIA Impairment scale (Tabel 1)
A Compleet Afwezige motoriek en
sensibiliteit in sacrale
segmenten s4-s5
B Incompleet Afwezige motoriek maar
wel sensibiliteit onder
laesien doorlopend t/m
s4-s5
C Incompleet Aanwezige motorische
activiteit onder laesie n.
meer dan de helft van
testspieren onder laesie
n een kracht van minder
dan (MRC)3.
D Incompleet Aanwezige motorische
activiteit onder laesie n.
ten minste de helft van
de testspieren onder
laesie n heeft kracht van
(MRC) 3 of meer.
Om van graad C of D te mogen spreken moet de laesie incompleet zijn. Dat
betekend dat er sensibiliteit moet zijn of motoriek moet bestaan in de sacrale
segmenten s4-s
In de meest gunstige gevallen is er spraken van een kort durend uitval van
enkele uren tot dagen. Dit komt door een kneuzing van de achterstrengen die de
parasthesieen (stoornis in gevoel) veroorzaken.
In de andere gevallen is er een veel ernstiger verlies van de functies van het
ruggenmerg waarbij onderscheid gemaakt word tussen
- Complete dwarslaesie
- Incomplete dwarslaesie (meestal behoud van enige sensibiliteit)
- Central cord letsel (een beschadiging van het gebied om het centrale
kanaal, word wel eens gezien bij bloeding)
- Syndroom van Brown-Sequard (motirische uitval aan kant letsel en
sensibiliteit niet goed meer is doordat tast/vibratie en pijn/tempratuur aan
tegenovergestelde zijde gestoord zijn)
, - Conus-caudaletsel (onderste gedeelte van ruggenmerg en paardenstaart
zijn uitgevallen)
Binnen het beloop heb je een acute fase en een chronische fase. Binnen de acute
fase heb je de spinale shock wat een volledig uitval is van alle functies. Een
slappe verlamming beneden laesie n en de sensibiliteit is opgeheven. Als de
spinale shock over gaat krijg je spastische trekkingen waar je eerst verlamd was.
Dit kan erger worden door prikkelingen (bvb volle blaas)
Acute fase = in het ziekenhuis en begint met spinale shock die ongeveer een
week duurt. Daarna treed de fase op waarin verschillende orgaanfuncties zich
weer herstellen. Is dat onder controle breekt de chronische fase aan.
Chronische fase = na 4 tot 6 weken ga je naar een revalidatie centrum waar
alles is gericht op revalidatie
Verpleegkundige aandachtspunten
Hoe hoger de dwarslaesie hoe meer kans AH problemen. Vaak is er ook nog
spraken van ribfracturen, pneumothorax (klaplong) of longcontusie
(longkneuzing). Vaak controleren van bloedgas is nodig en in veel gevallen zal
beademd moeten worden. Bij C4 of hoger is het blijvend nodig.
In bloed en circulatie moeten dwarslaesie patiënten vaak bloeddruk controle en
pols controle hebben en kunnen steunkousen in bed of Trendelenburg-positie
helpen aangezien de bloedvaten onder laesie niveau zich niet meer kunnen
aanpassen aan de positie van de patiënt.
Temperatuurregulatie is ook niet meer goed en dit kan leiden tot hyperthermie
Er in kans op een overloopblaas omdat de spieren rond de blaas geen seintje
kunnen geven wanneer deze vol is. Om blaasfunctie op gang te krijgen weer kun
je blaas trainen door 4-6 maal per dag de blaas te ontlasten. Intermitterend
katheteriseren of suprapubisch waarbij via een naald in de buik naar de blaas een
katheter word ingebracht (minder infectie dan een normale katheter)
Er is kans dat er een paralytische ilieus ontstaat. Per os of neuszonde toedienen
mag dan niet en er kan prostigmine gegeven worden om darmen weer op gang
te krijgen
Decubitus is een grote kans bij dwarslaesie patiënten als ze veel op bed liggen.
Kans op het optreden van osteoporose door inactiviteit doordat overbodig kalk
word uitgescheiden heb je meer kans op nierstenen. Doordat het bot zijn kalt
verliest kunnen spontane fracturen ontstaan (deze genezen meestal goed)
Vaatziekte in het ruggenmerg zijn zeldzaam maar kan voorkomen vaak aan het
begin veel pijn en later symptomen van een dwarslaesie. Er kan een AVM
(malformatie) zitten. Wanneer deze is ontdekt kan deze in het ziekenhuis worden
behandeld.
Compressio medullae is het samendrukken van het ruggenmerg. Hierbij kun je
ook dwarslaesie klachten krijgen. Word behandeld door te opereren en de rug de
te decompenseren.
Inhoud
Dwarslaesie......................................................................................................... 1
Ms........................................................................................................................ 5
Zenuwstelsel....................................................................................................... 7
Algemene anatomie en fysiologie........................................................................13
COPD.................................................................................................................... 15
Longkanker........................................................................................................... 17
Parkinson.............................................................................................................. 19
Motorisch stelsel:.................................................................................................. 21
Ouderdom............................................................................................................ 25
Verplichte zorg...................................................................................................... 32
Osteoporose......................................................................................................... 32
Artrose.................................................................................................................. 34
Sarcopenie............................................................................................................ 35
Autisme................................................................................................................ 36
Delier.................................................................................................................... 38
Dementie.............................................................................................................. 39
ADHD.................................................................................................................... 43
Tracheostoma en katheteriseren..........................................................................44
Dwarslaesie
Een dwarslaesie is een onderbreking van de continuïteit van het ruggenmerg en
kan stabiel zijn en instabiel. Een instabiele dwarslaesie kan door bewegelijkheid
nog meer beschadigen. Kenmerken van een dwarslaesie zijn
,verlammingsverschijnselen en een stoornis de het sensorische en autonome
functies (bvb ah en spijsvertering).
Een dwarslaesie word onderverdeeld in
- C4 of hoger
- T5 t/m c8
- Th1 t/m th6
- H7 t/m l3
- Conus caudaal letsel
Bij c8 of hoger spreek je van een hoge dwarslaesie en vertoon je
tetraparese(verlamming alle 4 de ledenmaten), vanaf c4 is ademhalen zonder
beademing niet mogelijk
Vanaf Th5 tot C5 zal de ademhaling steeds minder worden en word de kans dat je
aan de beademing moet steeds groter door verlamming van het middenrif en
hulpademhalingsspieren (intercostale spieren). Bij een complete laesie T5-T8 zijn
die spieren voor een klein deel verlamd dus lukt het niet meer goed om op te
hoesten.
Vanaf Th8 is spraken van een midthorcale dwarslaesie wat zich uit in paraparese.
Ook vanaf L1 of lager is er spraken van paraparese (verzwakking onderste
ledenmaten)
Paralyse = verlamming tijdelijk of permanent in 1 of meerdere lichaamsdelen
Paraparese = verzwakking onderste ledematen
Paraplegie = volledige of gedeeltelijke verlamming onderste lichaamshelft
Tetraparese = zwakte in alle 4 de ledematen
Tetraplegie = alle 4 de ledenmaten en de romp zijn verlamd
Paresthesieën = stoornis is gevoelssensatie
Diagnostiek:
- MRI bij myelum (ruggenmerg)
- CT bij fracturen
- Bloed en liquor bij infectie
Symptomen complete dwarslaesie:
- Krachtverlies
- Gevoelsstoornissen
- Autonome disfunctie
Symptomen incomplete dwarslaesie:
- Motorisch
Parese/paralyse van armen en/of benen en rompspieren
Parese/paralyse van ademhalingsspieren
Gespannen/pijnlijke spieren en spasticiteit
- Sensorisch
Tintelingen
Hypesthesie (minder gevoelig voor prikkels)
Anesthesie (gevoelloosheid)
, - Autonoom
Urineretentie/ obstipatie
Incontinent urine en poep
Erectie disfunctie
Een schaal die gebruikt word om de omvang van een dwarslaesie aan te geven is
de ASIA schaal zie tabel 1. Is bedoeld om een neurologisch beeld te schetsen en
zorgt voor juiste communicatie tussen disciplines. Word ingevuld door neuroloog
of revalidatie arts via een formulier. Als niet gespecialiseerde verpleegkundige
hoef je dit niet te kunnen. Wel moet je bekend zijn met de schaal en hoe deze tot
stand komt. De schaal word binnen 3 dagen van het letsel ingevuld en word
wekelijks herhaald.
De ASIA Impairment scale (Tabel 1)
A Compleet Afwezige motoriek en
sensibiliteit in sacrale
segmenten s4-s5
B Incompleet Afwezige motoriek maar
wel sensibiliteit onder
laesien doorlopend t/m
s4-s5
C Incompleet Aanwezige motorische
activiteit onder laesie n.
meer dan de helft van
testspieren onder laesie
n een kracht van minder
dan (MRC)3.
D Incompleet Aanwezige motorische
activiteit onder laesie n.
ten minste de helft van
de testspieren onder
laesie n heeft kracht van
(MRC) 3 of meer.
Om van graad C of D te mogen spreken moet de laesie incompleet zijn. Dat
betekend dat er sensibiliteit moet zijn of motoriek moet bestaan in de sacrale
segmenten s4-s
In de meest gunstige gevallen is er spraken van een kort durend uitval van
enkele uren tot dagen. Dit komt door een kneuzing van de achterstrengen die de
parasthesieen (stoornis in gevoel) veroorzaken.
In de andere gevallen is er een veel ernstiger verlies van de functies van het
ruggenmerg waarbij onderscheid gemaakt word tussen
- Complete dwarslaesie
- Incomplete dwarslaesie (meestal behoud van enige sensibiliteit)
- Central cord letsel (een beschadiging van het gebied om het centrale
kanaal, word wel eens gezien bij bloeding)
- Syndroom van Brown-Sequard (motirische uitval aan kant letsel en
sensibiliteit niet goed meer is doordat tast/vibratie en pijn/tempratuur aan
tegenovergestelde zijde gestoord zijn)
, - Conus-caudaletsel (onderste gedeelte van ruggenmerg en paardenstaart
zijn uitgevallen)
Binnen het beloop heb je een acute fase en een chronische fase. Binnen de acute
fase heb je de spinale shock wat een volledig uitval is van alle functies. Een
slappe verlamming beneden laesie n en de sensibiliteit is opgeheven. Als de
spinale shock over gaat krijg je spastische trekkingen waar je eerst verlamd was.
Dit kan erger worden door prikkelingen (bvb volle blaas)
Acute fase = in het ziekenhuis en begint met spinale shock die ongeveer een
week duurt. Daarna treed de fase op waarin verschillende orgaanfuncties zich
weer herstellen. Is dat onder controle breekt de chronische fase aan.
Chronische fase = na 4 tot 6 weken ga je naar een revalidatie centrum waar
alles is gericht op revalidatie
Verpleegkundige aandachtspunten
Hoe hoger de dwarslaesie hoe meer kans AH problemen. Vaak is er ook nog
spraken van ribfracturen, pneumothorax (klaplong) of longcontusie
(longkneuzing). Vaak controleren van bloedgas is nodig en in veel gevallen zal
beademd moeten worden. Bij C4 of hoger is het blijvend nodig.
In bloed en circulatie moeten dwarslaesie patiënten vaak bloeddruk controle en
pols controle hebben en kunnen steunkousen in bed of Trendelenburg-positie
helpen aangezien de bloedvaten onder laesie niveau zich niet meer kunnen
aanpassen aan de positie van de patiënt.
Temperatuurregulatie is ook niet meer goed en dit kan leiden tot hyperthermie
Er in kans op een overloopblaas omdat de spieren rond de blaas geen seintje
kunnen geven wanneer deze vol is. Om blaasfunctie op gang te krijgen weer kun
je blaas trainen door 4-6 maal per dag de blaas te ontlasten. Intermitterend
katheteriseren of suprapubisch waarbij via een naald in de buik naar de blaas een
katheter word ingebracht (minder infectie dan een normale katheter)
Er is kans dat er een paralytische ilieus ontstaat. Per os of neuszonde toedienen
mag dan niet en er kan prostigmine gegeven worden om darmen weer op gang
te krijgen
Decubitus is een grote kans bij dwarslaesie patiënten als ze veel op bed liggen.
Kans op het optreden van osteoporose door inactiviteit doordat overbodig kalk
word uitgescheiden heb je meer kans op nierstenen. Doordat het bot zijn kalt
verliest kunnen spontane fracturen ontstaan (deze genezen meestal goed)
Vaatziekte in het ruggenmerg zijn zeldzaam maar kan voorkomen vaak aan het
begin veel pijn en later symptomen van een dwarslaesie. Er kan een AVM
(malformatie) zitten. Wanneer deze is ontdekt kan deze in het ziekenhuis worden
behandeld.
Compressio medullae is het samendrukken van het ruggenmerg. Hierbij kun je
ook dwarslaesie klachten krijgen. Word behandeld door te opereren en de rug de
te decompenseren.