Chemische energie
- Anorganische stoffen worden met behulp van vrije energie organische
verbindingen (bv fotosynthese) > vastgelegde chemische energie (potentiële
energie).
- De vastlegging van vrije energie in gebonden energie heet een endotherme
reactie > het reactieproductie bevat meer energie dan de gebruikte stoffen.
- Wanneer de reactieproducten minder energie bevatten dan de gebruikte
stoffen heet dit een exotherme reactie.
Energie in organische stoffen
- Organische stoffen zijn vaak lange koolstofketens. Voor de bouw van
organische stoffen is vrije energie gebruikt welke gebonden is in chemische
energie.
- Voorbeeld van een bekende korte koolstofketen is glucose.
Stofwisseling in een cel
- De opbouw van organische moleculen wordt assimilatie genoemd.
- De afbraak van organische moleculen waarbij energie vrijkomt heet
dissimilatie
- De energie die vrijkomt bij dissimilatie wordt voor allerlei cellulaire processen
gebruikt.
Hoe kan een cel die energie gebruiken?
- Veel van de energie die vrijkomt bij dissimilatie wordt overgedragen op ATP
(adenosinetrifosfaat).
- ATP bestaat uit 3 fosfaat groepen. De bindingen tussen de fosfaatgroepen
bevatten veel chemische energie.
ATP, batterij van de cel
- Wanneer er een fosfaatgroep van ATP wordt afgesplitst komt er energie vrij
(defosforylering) > kan worden gebruikt voor samentrekken spieren,
transport van stoffen over celmembraan, opbouw eiwitten, etc.
- Er kan ook energie opgeslagen worden door juist een fosfaatgroep te
koppelen (fosforylering).