ARRESTEN
INSOLVENTIERECHT
2020/2021
, Arresten hoorcollege 1
AMRO/Den Hollander q.q.
Faillissement na surseance boedelschulden tijdens surseance ontstaan, gelden als boedelschulden
in het faillissement (art. 249 lid 1 sub 3 Fw).
Art. 53 Fw is op een rechtsverhouding als de onderhavige niet van toepassing, maar een bevoegdheid
tot verrekening voortvloeiende uit de Algemene (bank) Voorwaarden wordt niet door het intreden
van het opvolgend faillissement ontnomen.
Groenemeijer/Payroll
Terughoudendheid bij toewijzing van een vordering tot medewerking aan een buitengerechtelijk
akkoord. Het staat een schuldeiser in beginsel vrij om medewerking te weigeren, tenzij sprake is van
misbruik van het recht. Dit wordt echter niet snel aangenomen. De schuldenaar moet stellen en
bewijzen.
Arresten hoorcollege 2
Adjuncten p./Söderqvist q.q.
Een vennootschap die is ontbonden kan alsnog failliet gaan, indien een schuldeiser, stellende dat de
vennootschap nog baten heeft, diens faillissement aanvraagt. Als aan alle vereisten voor
faillietverklaring is voldaan moet een ontbonden rechtspersoon geacht worden ter afwikkeling van
het faillissement te blijven bestaan.
YVC IJsselwerf
Bij aanvraag surseance heeft OR geen adviesrecht, maar tijdens de surseance wel.
Berzona
Pluraliteit van schuldeisers. Er moet summierlijk blijk zijn van een steunvordering. Deze hoeft niet
opeisbaar te zijn, de omvang hoeft niet vast te staan en het hoeft geen betaling van een geldsom te
zijn. Voldoende is dat het gaat om een vordering die ter verificatie in het faillissement kan worden
ingediend opdat de schuldeiser kan meedelen in de opbrengst van de vereffening.
Er wordt ex nunc getoetst = op het moment dat de rechter het verzoek beoordeelt.
V/Bepro
De faillietverklaring van de VOF impliceert niet dat noodzakelijkerwijs de faillietverklaring van de
vennoten volgt.
Hoeksma q.q./R.M. Trade
Lege boedel faillissement. Indien een rechtspersoon op eigen aangifte failliet is verklaard, is de
curator als belanghebbende in de zin van art. 10 Fw aan te merken indien hij dat verzet doet op
grond van de stelling dat de boedel (nagenoeg) geen baten bevat en ook niet zal gaan bevatten. De
faillissementsaanvraag van de rechtspersoon is dan aan te merken als misbruik van het recht.
Docent: alleen in evidente gevallen kan de curator een beorep doen op het verzetrecht.
Megalim/de Veenbloem
Pandhouder kan faillissement aanvragen (art. 1 lid 1 Fw). Door de mededeling van de verpanding aan
de schuldenaar ontstaat de bevoegdheid tot inning en kan de pandhouder het faillissement van de
schuldenaar aanvragen.
Zie ook art. 3:246 lid 4 BW.
INSOLVENTIERECHT
2020/2021
, Arresten hoorcollege 1
AMRO/Den Hollander q.q.
Faillissement na surseance boedelschulden tijdens surseance ontstaan, gelden als boedelschulden
in het faillissement (art. 249 lid 1 sub 3 Fw).
Art. 53 Fw is op een rechtsverhouding als de onderhavige niet van toepassing, maar een bevoegdheid
tot verrekening voortvloeiende uit de Algemene (bank) Voorwaarden wordt niet door het intreden
van het opvolgend faillissement ontnomen.
Groenemeijer/Payroll
Terughoudendheid bij toewijzing van een vordering tot medewerking aan een buitengerechtelijk
akkoord. Het staat een schuldeiser in beginsel vrij om medewerking te weigeren, tenzij sprake is van
misbruik van het recht. Dit wordt echter niet snel aangenomen. De schuldenaar moet stellen en
bewijzen.
Arresten hoorcollege 2
Adjuncten p./Söderqvist q.q.
Een vennootschap die is ontbonden kan alsnog failliet gaan, indien een schuldeiser, stellende dat de
vennootschap nog baten heeft, diens faillissement aanvraagt. Als aan alle vereisten voor
faillietverklaring is voldaan moet een ontbonden rechtspersoon geacht worden ter afwikkeling van
het faillissement te blijven bestaan.
YVC IJsselwerf
Bij aanvraag surseance heeft OR geen adviesrecht, maar tijdens de surseance wel.
Berzona
Pluraliteit van schuldeisers. Er moet summierlijk blijk zijn van een steunvordering. Deze hoeft niet
opeisbaar te zijn, de omvang hoeft niet vast te staan en het hoeft geen betaling van een geldsom te
zijn. Voldoende is dat het gaat om een vordering die ter verificatie in het faillissement kan worden
ingediend opdat de schuldeiser kan meedelen in de opbrengst van de vereffening.
Er wordt ex nunc getoetst = op het moment dat de rechter het verzoek beoordeelt.
V/Bepro
De faillietverklaring van de VOF impliceert niet dat noodzakelijkerwijs de faillietverklaring van de
vennoten volgt.
Hoeksma q.q./R.M. Trade
Lege boedel faillissement. Indien een rechtspersoon op eigen aangifte failliet is verklaard, is de
curator als belanghebbende in de zin van art. 10 Fw aan te merken indien hij dat verzet doet op
grond van de stelling dat de boedel (nagenoeg) geen baten bevat en ook niet zal gaan bevatten. De
faillissementsaanvraag van de rechtspersoon is dan aan te merken als misbruik van het recht.
Docent: alleen in evidente gevallen kan de curator een beorep doen op het verzetrecht.
Megalim/de Veenbloem
Pandhouder kan faillissement aanvragen (art. 1 lid 1 Fw). Door de mededeling van de verpanding aan
de schuldenaar ontstaat de bevoegdheid tot inning en kan de pandhouder het faillissement van de
schuldenaar aanvragen.
Zie ook art. 3:246 lid 4 BW.