arbeidsrecht
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Inleiding van het recht............................................................3
Hoofdstuk 2: Inleiding verbintenissenrecht..................................................5
Hoofdstuk 3: De overeenkomst....................................................................6
Hoofdstuk 4: Handelingsbekwaamheid........................................................8
Hoofdstuk 6: Overige voorwaarden..............................................................9
Hoofdstuk 7: De inhoud van de overeenkomst............................................9
Hoofdstuk 8: Nakoming..............................................................................10
Hoofdstuk 9: Wanprestatie.........................................................................10
Hoofdstuk 10: Overmacht..........................................................................12
Hoofdstuk 11: Schadevergoeding..............................................................12
Hoofdstuk 12: Ontbinding..........................................................................14
Hoofdstuk 13: Koop en consumentenkoop.................................................14
Hoofdstuk 14: Algemene voorwaarden......................................................17
Hoofdstuk 15: Onrechtmatige daad...........................................................18
Hoofdstuk 17: De eenmanszaak................................................................19
Hoofdstuk 19: Vennootschap onder firma en commanditaire vennootschap
...................................................................................................................21
2
, Hoofdstuk 1: Inleiding van het recht
Recht is:
- Set van gedragsregels/rechtsbronnen (wetten, verdragen,
jurisprudentie, gewoonte)
- Gemaakt door de overheid (regering, provincie)
Eigenrichting: zelf voor rechter spelen is niet toegestaan
Recht ontstaat uit deze rechtsbronnen:
1) Wetten -> geschreven recht, gemaakt door overheid (Regering en
Staten-Generaal)
a. Codificeren: systematisch opnemen van regels in wetten
b. Verordeningen: Provinciale Staten wetten
c. Algemene Plaatselijke Verordening (APV): wetten door
gemeenteraad
2) Verdragen -> internationale overeenkomst tussen twee of meer
landen
a. Er zijn verdragen die uitsluitend bepalingen bevatten die
gericht zijn tot de verdragsluitende landen en daarmee deze
landen verbinden
b. Self-executing: verdragsbepaling burger rechtstreeks bindt
gevolg van deze bepalingen is dat ze de nationale regels
(nationale wetgeving) kunnen beperken of volledig opzijzetten
c. Prejudiciële vraag: (rechter stelt Europese Hof van Justitie)
vraag over uitleg van verdragsbepaling
3) Jurisprudentie -> uitspraak van rechters, vonnissen of arresten
a. Vonnis: uitspraak rechter
b. Arrest: uitspraak gerechtshof of Hoge Raad
4) Gewoonte -> gewoonterecht = ongeschreven recht, omdat deze
regels niet in een wet zijn vastgelegd
a. Geldt wel gewoon als recht, kan je beroep op doen, maar kan
ook afgewezen worden
Privaatrecht: regelt de relatie tussen burgers (burgers zijn ook
ondernemingen) onderling
- Overheid valt in bepaalde gevallen onder deze werking
Publiekrecht: regelt de relatie tussen overheden onderling en tussen
overheid en burger
- Overheid is machtspersoon
Materieelrecht: regels die de rechten en plichten van partijen regelen.
Daar moeten we ons allemaal aan houden
- Bijv. je weigert het navigatiesysteem te betalen
Formeel recht: rechtsregels die aangeven op welke wijze je het materiële
recht kunt handhaven = procesrecht
- Bijv. de verkoper zal zich kunnen wenden tot een deurwaarder of een
rechter
3
, Objectief recht: geschreven wet en ongeschreven rechtsregels die voor
iedereen gelden
Subjectief recht: individueel recht dat aan een objectief recht ontleend
kan worden -> het recht wat alleen voor jou geldt
Dringend recht: recht waarvan je niet mag afwijken als je dat wel doet
dan is de gemaakte afspraak ongeldig (nietig)
- Bijv. verbod op diefstal
Aanvullend recht: recht dat afspraken aanvult over onderwerpen die
partijen niet hebben geregeld
- Bijv. wettelijke opzegtermijn van een arbeidsovereenkomst als dat
niet geregeld is
--------------------------------------------------------------------------------------------------------
-------
Absolute competentie: welk soort rechter?
Relatieve competentie: welke plaats?
De gerechtelijke procedure in het privaatrecht en het strafrecht =
publiekrecht
Handeling gerechtelijke instantie uitspraak
Eerste aanleg rechtbank of kantonrechter vonnis
Hoger beroep gerechtshof arrest
Cassatie hoge raad arrest
Welke rechter is bevoegd in het privaat recht?
Eerste aanleg De absolute competentie (welke rechter is
bevoegd)
Kantonrecht -> geen advocaat verplicht
- Vorderingen tot €25.000,-
- Alle huur- en arbeidsgeschillen, consumentenkoop en huurkoop
- Consumentenkrediet tot €40.000,-
Rechtbank -> advocaat is verplicht
- Alle overige zaken
- Familierecht (echtscheiding)
- Vorderingen van meer dan €25.000,-
Hoger beroep
Gerechtshof -> advocaat is verplicht
Cassatie:
Hoge Raad -> advocaat is verplicht
Waar vindt de rechtszaak plaats?
De Relatieve competentie (waaRR) DE EISER REIST
- Partijen: eiser en gedaagde
- Waar? Woonplaats gedaagde
- 11 arrondissementen (rechtbanken)
4