Embryologie mannelijke GT 3
Anatomie en fysiologie Mannelijke GT 4
Testis 5
Spermatogenese 5
Celtypen rondom de tubuli 9
De route 12
Tubuli recti en rete testis 13
Ductuli efferentes en Epididymis 13
Ductus deferens 15
Cryptorchidie 15
Accessoire geslachtsklieren 16
Ejaculatie 17
Seksuele voorbereiding 17
Ejaculatie 17
Sperma analyse 18
Sperma opvangen 18
Sperma evaluatie 18
(Artificiële) inseminatie en route door de vrouwelijke geslachtstractus 24
Anatomie vrouwelijke genitaaltractus 25
Afweer 25
Route van het semen 26
Depositie 26
Transport doorheen de tractus 26
De rol van de cervix 27
De rol van de uterus 28
Rol van het oviduct 28
Het einde van capacitatie 29
Fertilisatie 29
Zona pellucida binding 30
Acrosoomreactie 30
ZP penetratie 30
Fuseren van de membranen van oöcyt en spermatozoon 30
Spermatozoon opgenomen in de oocyt 31
Decondensatie van de paternale nucleus 31
Vorming van de paternale pronucleus 31
Zygote tot embryo 31
Slagingspercentages van kunstmatige inseminatie 33
Oestrische cyclus 33
Introductie 33
Hormonen 33
Oestrische versus menstruele cyclus 33
Soorten oestrische cycli 34
, Mono-oestrisch 34
Poly-oestrisch 34
Seizoensgebonden poly-oestrisch 35
Korte feitjes 35
Hypothalamus-hypofyse-gonade-as 37
De puberteit 38
De HHG-as tijdens en na de puberteit 38
Fasen van de oestrische cyclus (A) 39
Folliculaire fase 39
Luteale fase 40
Duur van de fasen 40
Fasen van de oestrische cyclus (B) 41
Folliculogenese 42
Primordiale follikels tot secundaire follikels 42
Tertiaire/Antrale follikels 43
Folliculaire groeigolven 45
Luteinisatie en luteolyse 46
Oestrogeen en progesteron (E2+P4) 47
PGF2α en oxytocine 47
Anoestrus 48
Seizoensgebonden cycliciteit 49
Cyclus rund 50
Tocht 53
Anoestrus 54
Cyclus varken 55
Berig 58
Cyclus paard 58
Hengstig 61
Oestrusafwijkingen 62
Oestruspreventie 63
Cyclus hond 64
Kenmerken cyclus 66
Endocriene veranderingen in de folliculaire fase 66
Endocriene veranderingen in de luteale fase van de cyclische teef 69
Oestrusdetectie 71
Cyclus kat 72
Cyclusgerelateerde problemen en oestruspreventie hond en kat 75
Oestruspreventie 76
Normale partus en dystocia 79
Normale partus 79
Einde van de zwangerschap en prodromi 79
Op gang komen van de partus 79
Verloop normale partus 79
Obstetrisch onderzoek 83
2
, Dystocia 83
Dystocia materna 84
Dystocia foetalis 86
Repositieleer 89
Dracht 91
Maternale herkenning van dracht 91
Implantatie 94
Ontwikkeling van foetale membranen 96
Indeling o.b.v. chorionvlokken 98
Dracht bij LH + paard 100
P4 productie 100
Drachtsdiagnostiek 101
Abnormale dracht 102
Dracht bij hond en kat 104
Fysiologie dracht 104
Neonatologie 108
Nestvlieders 108
Vitaliteit postpartum 110
Rund 110
Paard 111
Nestblijvers 111
Puerperium 114
Uterusinvolutie 115
Post-partum complicaties 115
Mammae en lactatie 119
Alveoli 119
Afvoer 119
Diersoortverschillen 120
Embryologie 121
Uier 122
Ophangbanden 122
Lactogenese en galactopoeiese 123
Bloedvoorziening, lymfe en innervatie 125
Bloedvoorziening 125
Lymfe 127
Innervatie 127
Klinische diagnostiek 127
Mastitis: diersoort specifiek 129
Vogels 134
Gezelschapsvogels 134
HPG-as 134
Veranderingen in calciummetabolisme 135
Vrouwelijk geslachtsapparaat 135
Bevruchting van het ei 136
3
, Problemen rondom de leg 137
Pluimvee 138
Mannelijk 139
Vrouwelijk 140
Copulatie 142
Waarom begint een hen met eieren leggen? 143
Broedgedrag 144
Tentamenvragen 145
Spermatogenese
Embryologie mannelijke GT
In zoogdieren hebben alle vrouwelijke embryo’s XX chromosomen, en alle mannelijke
embryo’s XY chromosomen. De drie factoren die het geslacht bepalen zijn:
1. SRY genen
2. SOX9 gen
3. DAX1 gen
SRY genen staan voor Sex-determining Region on the Y-chromosome. Het wordt daarom
ook alleen in mannelijke embryo’s tot expressie gebracht.
SOX9 gen staat voor SRY-box Transcriptie Factor 9) en staat op een autosoom (chr. 17).
DAX1 gen staat voor Dosage-sensitive sex reversal, Adrenal hypoplasia congenita, critical
region on the X chromosome gen 1). Het ligt op het X chromosoom.
DAX1 onderdrukt de expressie van SOX9, terwijl SRY weer DAX1 onderdrukt.
4