1.1 Inleiding
Het verwerven van een tweede taal (T2-verwerving) gaat lang niet bij iedereen op dezelfde manier.
Veel factoren spelen een rol en veel verschillende problemen moeten worden opgelost.
T2-verwerving: als een tweede taal geleerd gaat worden nadat de moedertaal al verworven is,
waarbij de leeftijd van vier jaar als leeftijdsgrens wordt aangehouden.
Simultane taalverwerving: Als voor de leeftijdsgrens van vier jaar een tweede taal wordt
aangeleerd, dan loopt deze grotendeels parallel aan de verweving van de moedertaal.
Successieve taalverwerving: Als iemand de T2 begint te leren wanneer de moedertaal al
redelijk wordt beheerst.
Ook wanneer het een derde, vierde of vijfde taal betreft noemen we het T2-leren. Dit kan gestuurd
of ongestuurd (=natuurlijk).
Eerste en tweede taal: begrippen die betrekking hebben op de volgorde waarin talen worden
geleerd, niet in beheersingsniveau.
T2-leren: gestuurde T2-verwerving. Vindt plaats via onderwijs of lesmateriaal. Door de selectie van
de leerstof n de gevolgde didactiek wordt het verwervingsproces gestuurd.
Drie betekenissen T2 in literatuur:
1. Taal na de moedertaal
2. Omgangstaal van de gemeenschap waar de verwerver zich bevindt
3. Vreemde taalverwerving: iemand leert een taal die geen omgangstaal is in de gemeenschap
waarin hij zich bevindt
1.2 Proces van tweedetaalverwerving
Door de jaren heen zijn er verschillende opvattingen ontstaan over taalverwerving. Deze gaan
meestal om aspecten van taalverwerving. Dit wil dus zeggen dat verschillende opvattingen elkaar
niet uitsluiten, maar soms juist aanvullen.
(Psychologische) theorieën in verband met taalleren:
- Behaviorisme (Skinner, Lado): Ziet taalleren als een gewoontevorming waarin imitatie en
bekrachtiging een grote rol spelen.
- Nativisme (Chromsky, Pinker): Mensen komen ter wereld met een aangeboren
taalverwervingsmechanisme, zoals in de universelegrammaticatheorie.
- Interactionisme (Piaget, Long): Benadrukt het belang van interactie tussen biologische (nature) en
sociale (nurture) aspecten van taalverwerving.
1
, Het proces van tweedetaalverwerving - 3 opvattingen:
1. Verwerving door imitatie en transfer: nadoen
Taalleren wordt gezien als een proces van gewoontevorming, geheel in lijn met het gangbare
behaviorisme van Skinner. Het leren van taal verschilt niet van andere soorten leren
o Imitatie & reinforcement: door oefening en bekrachtigen (Ja, goed zo!) ut hun omgeving
leren ze snel en als vanzelf de bouwstenen met elkaar te combineren.
o Transfer van T1 naar T2: Invloed van T1 is groot en kan fouten veroorzaken
– Interferentiefouten: fouten onder invloed van de eerste taal (=negatieve transfer,
bijvoorbeeld in uitspraak, woordenschat: middle ipv waist, een sigaret drinken)
– Interferentiehypothese: de verschillen (contrasten) tussen T1 en T2 zijn het
probleem
Er ontstaat kritiek op deze visie:
1) Uit onderzoek naar eerstetaalverwerving werd duidelijk dat kinderen een taal niet verwerven
door domweg te imiteren.
2) De invloed van de eerste taal op de tweede taal leek minder groot dan dat aanvankelijk werd
gedacht
3) Lang niet alle fouten die T2-leerders maakten konden verklaard worden door hun moedertaal.
Niet alle fouten zijn interferentiefouten > ook moedertaalsprekers maken fouten tijdens hun
taalverwerving. Sommige fouten zijn niet gebaseerd op T1.
Gevolg: interferentiehypothese werd verworpen
2. Creatieve constructie en ontwikkelingsvolgorde
Vooral gekeken naar de creatieve vermogens van de leerder zelf en de overeenkomsten tussen
eerste- en tweedetaalverwerving. Aandacht verschoof van eerste taal, naar tweede taal.
o Ontwikkelingsfouten/ interlinguale fouten: noodzakelijk stappen in een
taalverwervingsproces. Zowel T1- als T2-verwervers maken dergelijke fouten
(bijvoorbeeld eerste stadia van leren werkwoorden vervoegen)
Geen fouten, maar ontwikkelingsstappen
o Universeletaalverwervingshypothese (Chomsky)
Sommige processen van eerste- en tweedetaalverwerving verschillen niet van elkaar. De
taalontwikkelingsfouten worden veroorzaakt door specifieke eigenschappen van het
Nederlands.
o Tussentaal (interlanguage): de tussenstappe in het taalgebruik van T2-verwervers.
2