Paragraaf 3.1 wat is democratie?
1648: vrede van Münster
Politiek: het maken van keuzes waar allen in de staat zijn gebonden
- Geldende wetsvoorstellen
Efficiënt besturen
maximale participatie
Alle keuzes afwegen snel,
voortvluchtig, en druk
Keuzes maken
Democratie= volk, (representatief) regeert
Directe democratie= bevolking stemt over stellingen, wetten
Referendum= stemmen over wetsvoorstellen in de tijd van nu
Kenmerken democratie:
- Individuele vrijheid, je mag je mening uiten en het recht hebben om te
leven zoals je wilt leven.
- Gelden politieke grondrechten, iedereen mag vanaf 18 jaar stemmen,
of zich verkiesbaar stellen als volksvertegenwoordiger, ook mag iedereen
een politieke partij of vereniging oprichten.
- Wettelijke beperkte bevoegdheden, het recht dat de politie je niet
zomaar mag oppakken.
- Afhankelijke rechtspraak, rechters staan los van het parlement en
hoeven zich niet te verantwoorden voor hun uitspraken tegen over politici
en bestuurders.
- Persvrijheid, de media vervult een belangrijke taak, concentreren de
machthebbers en hebben bovendien de taak om ons goed te informeren.
Parlementaire stelsel
presidentieel stelsel
Bevolking kiest door verkiezingen bevolking
kiest niet alleen het
Volksvertegenwoordiging parlement,
maar ook staatshoofd.
, Constitionele monarchie= Een land heeft een koning die zich aan de wetten
moet houden.
Ontbindingsrecht= recht tot ontbinding, volk mag opnieuw stemmen.
Rechten in de grondwet:
- Taken van de drie politieke machten moet nauwkeurig van elkaar
gescheiden blijven, kamerlid, minister, lid raad der state of hoge raad.
- Vanaf 18 jaar stemmen
- Regels voor politieke besluitvormen
- Media vrijheid
Kenmerken autoritair regime:
- Geen onafhankelijke rechtspraak, machthebbers stellen de rechters
zelf aan en controleren ze waardoor burgers geen eerlijke proces krijgen.
- Grondrechten worden niet geaccepteerd, vrijheid van godsdienst of
privacy bestaat helemaal niet.
- Oppositiepartijen worden verboden, tegenpartijen worden verboden.
- Overheidsgeweld, de machthebbers laten hun macht zien doormiddel
van geweld.
- Verkiezingsfraude, manipulatie, geweld
- Geen persvrijheid, er heerst censuur
Ideologisch regime:
Een regime waarin mensen worden geïndoctrineerd en er word laten zien dat
een bepaalde partij de beste is, waardoor mensen helemaal gehersenspoeld
worden.
Religieuze autoritair regime:
(theocratie) een regime waarin godsdienst centraal staat en verheven word tot
staatsideologie
Militair regime:
Leger grijpt de macht
Paragraaf 2 politieke stromingen
Links ongelijkheid verminderen, toeslagen
en uitkeringen
Rechts zelf verantwoording op individuele
en economische basis, verschil onvermijdelijk
Politieke midden linkse en rechtse
standpunten
Liberalisme:
- Persoonlijke en economische vrijheden
- Verantwoordelijkheid, tolerantie