Flitscollege: De Sportfamilie
Classificatiemodel Hanze Instituut voor Sportstudies
Physical game & non Physical game
Bij allebei gaat het om een game.
Game = vrijwillige poging om onnodige obstakels te overwinnen. Activiteit die altijd een doel heeft.
Pre- lusory goal (doel) = Sport (kort) overstijgend doel. Denk aan zwemmers en hardlopers, om zoveel
mogelijk afstand in een zo kort mogelijke tijd afleggen. Bijv. meer doelpunten maken dan de
tegenstander.
Lusory goal (doel) = Sport specifieke doelen. De wedstrijd winnen volgens de specifieke regels van die
sport.
Lusory means (middelen) = dit zijn de middelen die je tijdens de sport tot je beschikking hebt volgens
de regels van de sport. Bijv. bij tennis een tennisracket etc. Het kan zich ook ontwikkelen door inovatie,
denk aan de schaats naar de klapschaats.
Regels = Sport specifiek. Afspraken wat wel en niet mag binnen deze sport. In de regels staan ook het
doel en het middel van de sport verankert.
Lusory attitude = houding. Je maakt vrijwillig gebruik van de lusory means.
→ Non Physical game: bewegingsvaardigheid is niet belangrijk voor hoe goed het spel verloopt. Het
heeft wel een agonaal karakter, het is overwinningsgericht en er wordt strijd geleverd door jou en de
tegenstander, heeft een wedstrijdkarakter. Mentale vaardigheid
→ Physical game: bewegingsvaardigheid is bepalend voor het eindresultaat. Ook agonaal, het vindt
plaats binnen regels van een bepaalde instituties. Spelkarakter.
, Physical activity/exercise & Physical play
→ Physical play: het draait hier om bewegingsvaardigheid, maar niet om het winnen, dus non-agonaal
karakter. Zelf bepalen hoe je het doet.
→Autotelisch: het doen van de activiteit is het doel van de activiteit. Lifestyle, denk aan bepaalde
kleding etc.
→ Physical activity/exercise: bewegen is gericht op “fitheid en gezondheid”. Niet gericht op winnen
en/of strijd
Het dubbelkarakter van sport
Sporten kennen hun eigen regels en gebruiken. Wat toegestaan is in de sport in niet altijd toegestaan
in de maatschappij. (Bijv. bij boksen een klap verkopen).
Instrumenteel definiëren Essentialistisch definiëren
Sociaal maatschappelijke inbedding Het eigene van sport
Sport is als sociale praktijk onderdeel van een Specifieke kenmerken
groter geheel.
Sport als middel: buiten de sport gelegen doelen Waarmee onderscheidt sport zich t.o.v. andere
bereiken maatschappelijke instituties?
Samen vormen deze het dubbelkarakter van sport.
Essentialistisch definiëren (het wezen van sport)
• Sport staat op zichzelf
• Sport bevat intrinsieke kenmerken
• Eigen regels, cultuur (bijv. veel respect voor elkaar hebben, judo etc.), waarden en normen
Instrumenteel definiëren (De sociaal-maatschappelijke inbedding)
• Sport is geen geïsoleerd verschijnsel, maar juist onlosmakelijk verbonden met een sociaal
ingebed in de samenleving.
• Sport als middel om buiten de sport gelegen doelstellingen te behalen.
Classificatiemodel Hanze Instituut voor Sportstudies
Physical game & non Physical game
Bij allebei gaat het om een game.
Game = vrijwillige poging om onnodige obstakels te overwinnen. Activiteit die altijd een doel heeft.
Pre- lusory goal (doel) = Sport (kort) overstijgend doel. Denk aan zwemmers en hardlopers, om zoveel
mogelijk afstand in een zo kort mogelijke tijd afleggen. Bijv. meer doelpunten maken dan de
tegenstander.
Lusory goal (doel) = Sport specifieke doelen. De wedstrijd winnen volgens de specifieke regels van die
sport.
Lusory means (middelen) = dit zijn de middelen die je tijdens de sport tot je beschikking hebt volgens
de regels van de sport. Bijv. bij tennis een tennisracket etc. Het kan zich ook ontwikkelen door inovatie,
denk aan de schaats naar de klapschaats.
Regels = Sport specifiek. Afspraken wat wel en niet mag binnen deze sport. In de regels staan ook het
doel en het middel van de sport verankert.
Lusory attitude = houding. Je maakt vrijwillig gebruik van de lusory means.
→ Non Physical game: bewegingsvaardigheid is niet belangrijk voor hoe goed het spel verloopt. Het
heeft wel een agonaal karakter, het is overwinningsgericht en er wordt strijd geleverd door jou en de
tegenstander, heeft een wedstrijdkarakter. Mentale vaardigheid
→ Physical game: bewegingsvaardigheid is bepalend voor het eindresultaat. Ook agonaal, het vindt
plaats binnen regels van een bepaalde instituties. Spelkarakter.
, Physical activity/exercise & Physical play
→ Physical play: het draait hier om bewegingsvaardigheid, maar niet om het winnen, dus non-agonaal
karakter. Zelf bepalen hoe je het doet.
→Autotelisch: het doen van de activiteit is het doel van de activiteit. Lifestyle, denk aan bepaalde
kleding etc.
→ Physical activity/exercise: bewegen is gericht op “fitheid en gezondheid”. Niet gericht op winnen
en/of strijd
Het dubbelkarakter van sport
Sporten kennen hun eigen regels en gebruiken. Wat toegestaan is in de sport in niet altijd toegestaan
in de maatschappij. (Bijv. bij boksen een klap verkopen).
Instrumenteel definiëren Essentialistisch definiëren
Sociaal maatschappelijke inbedding Het eigene van sport
Sport is als sociale praktijk onderdeel van een Specifieke kenmerken
groter geheel.
Sport als middel: buiten de sport gelegen doelen Waarmee onderscheidt sport zich t.o.v. andere
bereiken maatschappelijke instituties?
Samen vormen deze het dubbelkarakter van sport.
Essentialistisch definiëren (het wezen van sport)
• Sport staat op zichzelf
• Sport bevat intrinsieke kenmerken
• Eigen regels, cultuur (bijv. veel respect voor elkaar hebben, judo etc.), waarden en normen
Instrumenteel definiëren (De sociaal-maatschappelijke inbedding)
• Sport is geen geïsoleerd verschijnsel, maar juist onlosmakelijk verbonden met een sociaal
ingebed in de samenleving.
• Sport als middel om buiten de sport gelegen doelstellingen te behalen.