P2w1: Roos van Leary, weerstand + test je kennis.
Doelen:
De dio:
Kent het model van de Roos van Leary
Kan de theorie van het model van de Roos van Leary toepassen in een (professionele)
situatie waarin weerstand wordt ondervonden.
Herkent in een adviessituatie het gedrag van de opdrachtgever in relatie tot eigen gedrag en
weet hoe eigen gedrag te veranderen om de opdrachtgever gewenst gedrag te laten
vertonen
Kan de theorie over het creëren van draagvlak en omgaan met weerstand toepassen in een
adviestraject
Kent verschillende manieren van omgaan met weerstanden en hoe deze worden toegepast
- Wanneer je iets wil veranderen in een organisatie is weerstand onvermijdelijk.
- Omgaan met weerstand begint met vraag naar de oorzaak
o Worstelen mensen met zichzelf, inhoud van de boodschap of keren ze zich af in
weerstand.
- Weerstand op individueel niveau: heeft te maken met persoonlijkheid en weinig met de aard
van de verandering.
o Angst voor het onbekende: mensen worstelen met onzekerheid en proberen
krampachtig greep op situatie te houden.
Veranderingen vroegtijdig aankondigen, medewerkers vroegtijdig mee op
weg nemen > medewerkers kunnen de redenaties volgen > eerder
instemmen met de conclusies
o Faalangst: vrees het niet te kunnen, vrees niet over voldoende kennis en
vaardigheden te beschikken om nieuwe situatie te hanteren.
Biedt mensen opleidings- en trainingsmogelijkheden om benodigde
vaardigheden te leren en in praktijk te brengen.
o Eigenbelang: iemand kan concluderen dat hij in nieuwe situatie slechter af is (salaris,
status).
Medewerkers herziening geven van waarden, van wat ze wezenlijk belangrijk
vinden.
Werkgever richt zich op verhinderen van destructieve weerstandsgedrag
- Groepsweerstand: richt zich op personen (degene die de verandering oplegt)
o Eerder weerzin dan weerstand
o Ontstaat door gebrek aan vertrouwen in integriteit en competentie van leiding.
o Kan zich uiten in:
Medewerkers die de leiding niet geloven
Medewerkers die eerlijke bedoelingen van management wantrouwen
Medewerkers die leiding niet serieus nemen of incompetent achten.
o Vertrouwen niet zo maar terug te winnen door leiding. Afspraken maken en ze
naleven en hopen dat uiteindelijk vertrouwen ontstaat.
- Organisatieweerstand: richt zich op inhoud van de voorgestelde verandering en is feitelijk
tegenstand.
o Tegenstand biedt kansen
o Werknemers die zich inhoudelijk verzetten tegen verandering voelen zich verbonden
met organisatie en zijn gemotiveerd, kijken met andere ogen/invalshoek en komen
tot andere conclusies > betere oplossingen > voordeel voor leidinggevende.
o Meebewegende strategie biedt veel kansen
, o Pressie uitoefenen heeft averechts effect
- Acceptatiestrategieën:
o Tegen bewegende strategie: mensen overtuigen met rationele argumenten met als
gevolg tegen elkaar opbieden.
o Wegbewegende strategie: niets doen om daarmee mensen zelf aan het denken te
zetten
o Gemengde strategie: gemeenschappelijk visie ontwikkelen op basis van
gelijkwaardigheid
o Meebewegende strategie: niet directief optreden maar voorwaarden proberen te
scheppen waardoor de ander van idee kan veranderen. Informeren i.p.v.
argumenteren.
- De roos van leary: leary heeft wijze waarop mensen zich communicatief gedragen
onderverdeeld in aantal segmenten. Model
moet worden gezien als beschrijving van
mogelijke gedragsuitingen, niet beschrijving
van persoonlijkheidstypes.
o Opgebouwd langs 2 assen: boven-
onder as en tegen-samen as.
Boven-onder as: drukt
relatieve machtsverhouding
tussen betrokkenen uit
Tegen-samen as: geeft
onderlinge sympathie/
antipathie weer.
o Roos van leary samengevat in vier
kwadranten:
Offensief: gekenmerkt door
onafhankelijk, competitief,
trots, agressief,
vechtgedrag.
Straalt uit: kijk naar mij, jij bent niet zo goed of je bent bang voor mij.
Defensieve stijl: gekenmerkt door sceptisch, afwachtend, vluchtgedrag.
Straalt uit: opstandigheid of houding van bemoei me niet met me.
Proactieve stijl: gekenmerkt door leidend, adviserend, sturend, steun bieden,
directief en extravert gedrag.
Straalt uit: luister naar mij en wij mogen elkaar
graag
Receptieve stijl: gekenmerkt door vriendelijk,
ontvankelijk, toegeeflijk, afhankelijk, respectvol.
Straalt uit: ik ben bereid/ zeg jij het maar en jij
moet me leiding geven.
- Diagonaal reageren (interveniëren) op degene die weerstand biedt.
o Plaats in figuur 2 bij kwadrant defensief gedrag letter M
(medewerker) > trek lijn naar boven en plaats letters SRM
(spontane reactie manager) > trek lijn diagonaal naar
beneden en plaats letters GRM (gewenste reactie manager)
Doelen:
De dio:
Kent het model van de Roos van Leary
Kan de theorie van het model van de Roos van Leary toepassen in een (professionele)
situatie waarin weerstand wordt ondervonden.
Herkent in een adviessituatie het gedrag van de opdrachtgever in relatie tot eigen gedrag en
weet hoe eigen gedrag te veranderen om de opdrachtgever gewenst gedrag te laten
vertonen
Kan de theorie over het creëren van draagvlak en omgaan met weerstand toepassen in een
adviestraject
Kent verschillende manieren van omgaan met weerstanden en hoe deze worden toegepast
- Wanneer je iets wil veranderen in een organisatie is weerstand onvermijdelijk.
- Omgaan met weerstand begint met vraag naar de oorzaak
o Worstelen mensen met zichzelf, inhoud van de boodschap of keren ze zich af in
weerstand.
- Weerstand op individueel niveau: heeft te maken met persoonlijkheid en weinig met de aard
van de verandering.
o Angst voor het onbekende: mensen worstelen met onzekerheid en proberen
krampachtig greep op situatie te houden.
Veranderingen vroegtijdig aankondigen, medewerkers vroegtijdig mee op
weg nemen > medewerkers kunnen de redenaties volgen > eerder
instemmen met de conclusies
o Faalangst: vrees het niet te kunnen, vrees niet over voldoende kennis en
vaardigheden te beschikken om nieuwe situatie te hanteren.
Biedt mensen opleidings- en trainingsmogelijkheden om benodigde
vaardigheden te leren en in praktijk te brengen.
o Eigenbelang: iemand kan concluderen dat hij in nieuwe situatie slechter af is (salaris,
status).
Medewerkers herziening geven van waarden, van wat ze wezenlijk belangrijk
vinden.
Werkgever richt zich op verhinderen van destructieve weerstandsgedrag
- Groepsweerstand: richt zich op personen (degene die de verandering oplegt)
o Eerder weerzin dan weerstand
o Ontstaat door gebrek aan vertrouwen in integriteit en competentie van leiding.
o Kan zich uiten in:
Medewerkers die de leiding niet geloven
Medewerkers die eerlijke bedoelingen van management wantrouwen
Medewerkers die leiding niet serieus nemen of incompetent achten.
o Vertrouwen niet zo maar terug te winnen door leiding. Afspraken maken en ze
naleven en hopen dat uiteindelijk vertrouwen ontstaat.
- Organisatieweerstand: richt zich op inhoud van de voorgestelde verandering en is feitelijk
tegenstand.
o Tegenstand biedt kansen
o Werknemers die zich inhoudelijk verzetten tegen verandering voelen zich verbonden
met organisatie en zijn gemotiveerd, kijken met andere ogen/invalshoek en komen
tot andere conclusies > betere oplossingen > voordeel voor leidinggevende.
o Meebewegende strategie biedt veel kansen
, o Pressie uitoefenen heeft averechts effect
- Acceptatiestrategieën:
o Tegen bewegende strategie: mensen overtuigen met rationele argumenten met als
gevolg tegen elkaar opbieden.
o Wegbewegende strategie: niets doen om daarmee mensen zelf aan het denken te
zetten
o Gemengde strategie: gemeenschappelijk visie ontwikkelen op basis van
gelijkwaardigheid
o Meebewegende strategie: niet directief optreden maar voorwaarden proberen te
scheppen waardoor de ander van idee kan veranderen. Informeren i.p.v.
argumenteren.
- De roos van leary: leary heeft wijze waarop mensen zich communicatief gedragen
onderverdeeld in aantal segmenten. Model
moet worden gezien als beschrijving van
mogelijke gedragsuitingen, niet beschrijving
van persoonlijkheidstypes.
o Opgebouwd langs 2 assen: boven-
onder as en tegen-samen as.
Boven-onder as: drukt
relatieve machtsverhouding
tussen betrokkenen uit
Tegen-samen as: geeft
onderlinge sympathie/
antipathie weer.
o Roos van leary samengevat in vier
kwadranten:
Offensief: gekenmerkt door
onafhankelijk, competitief,
trots, agressief,
vechtgedrag.
Straalt uit: kijk naar mij, jij bent niet zo goed of je bent bang voor mij.
Defensieve stijl: gekenmerkt door sceptisch, afwachtend, vluchtgedrag.
Straalt uit: opstandigheid of houding van bemoei me niet met me.
Proactieve stijl: gekenmerkt door leidend, adviserend, sturend, steun bieden,
directief en extravert gedrag.
Straalt uit: luister naar mij en wij mogen elkaar
graag
Receptieve stijl: gekenmerkt door vriendelijk,
ontvankelijk, toegeeflijk, afhankelijk, respectvol.
Straalt uit: ik ben bereid/ zeg jij het maar en jij
moet me leiding geven.
- Diagonaal reageren (interveniëren) op degene die weerstand biedt.
o Plaats in figuur 2 bij kwadrant defensief gedrag letter M
(medewerker) > trek lijn naar boven en plaats letters SRM
(spontane reactie manager) > trek lijn diagonaal naar
beneden en plaats letters GRM (gewenste reactie manager)