Artikel Temperament
Temperament is belangrijk en omvat veel domeinen: relaties, sociaal-
emotionele aanpassing en lichamelijke gezondheid. Kern van definitie van
Temperament: vroege, biologisch beïnvloede individuele verschillen die de
kern vormen van de persoonlijkheid. We kunnen dus de ontwikkeling
begrijpen en het functioneren als volwassene.
Persoonlijkheid is ruimer omvattend construct. Temperament is subset van
biologisch gefundeerde persoonlijkheidsdimensies die al vroeg meetbaar
zijn.
Modellen voor temperament: sommige benadrukken typen (categorisch)
anderen hanteren continue dimensies om individuele verschillen te
beschrijven.
Vroege typologieën:
Vindicatius: melancholisch (verdrietig), cholerisch (boos), sanguinisch
(opgewekt), flegmatisch (traag/gereserveerd)
20e eeuw bijdrage:
Door zelfreportage bij volwassenen kwam introversie-extraversie en
emotionele stabiliteit-instabiliteit (neurotiscisme)
Gray (BIS/BAS/Fight-fight) beïnvloed door Pavlov (exciterende en
inhiberende hersenprocessen. Jan Strelau stelt dat temperament
voortkomt uit biologische evolutie.
NYLS: Onderzoek naar kindertemperament van Thomas & Chess: ‘hoe’-
component. Waaronder 9 dimensies: activiteit, benadering, drempel,
stemming, intensiteit, ritmiciteit, aanpassingsvermogen, afleidbaarheid,
aandachtsspanne.
Zij beschreven 3 temperamentscategoriën: moeilijk, makkelijk, langzaam-
opwarmend; goodness of fit.
Buss & Plomin hadden 5 criteria voor temperamenttrekken: voorkomen bij
dieren, adaptieve functie, erfelijkheid, vroege verschijning en stabiliteit,
beperkte verandering over de tijd. 3 dimensies fundamenteel:
emotionaliteit, activiteit en sociabiliteit. Erkenden ook invloed van
omgevingsfactoren.
Goldsmith & Campos zagen basisemoties als kern van temperament.
Verschillende frequentie en intensiteit van emotionele reacties.
Rothbart en Derryberry; psychologisch model van temperament;
constitutioneel (biologische basis); reactiviteit en zelfregulatie. Toepasbaar
van baby tot volwassene. Inhibitie= angst en verlegenheid
Uit factoranalyse kwamn 3 factoren naar boven: negatieve emotionaliteit,
positieve emotionaliteit, regulatie (effortful control). * bij volwassenen
Temperament is belangrijk en omvat veel domeinen: relaties, sociaal-
emotionele aanpassing en lichamelijke gezondheid. Kern van definitie van
Temperament: vroege, biologisch beïnvloede individuele verschillen die de
kern vormen van de persoonlijkheid. We kunnen dus de ontwikkeling
begrijpen en het functioneren als volwassene.
Persoonlijkheid is ruimer omvattend construct. Temperament is subset van
biologisch gefundeerde persoonlijkheidsdimensies die al vroeg meetbaar
zijn.
Modellen voor temperament: sommige benadrukken typen (categorisch)
anderen hanteren continue dimensies om individuele verschillen te
beschrijven.
Vroege typologieën:
Vindicatius: melancholisch (verdrietig), cholerisch (boos), sanguinisch
(opgewekt), flegmatisch (traag/gereserveerd)
20e eeuw bijdrage:
Door zelfreportage bij volwassenen kwam introversie-extraversie en
emotionele stabiliteit-instabiliteit (neurotiscisme)
Gray (BIS/BAS/Fight-fight) beïnvloed door Pavlov (exciterende en
inhiberende hersenprocessen. Jan Strelau stelt dat temperament
voortkomt uit biologische evolutie.
NYLS: Onderzoek naar kindertemperament van Thomas & Chess: ‘hoe’-
component. Waaronder 9 dimensies: activiteit, benadering, drempel,
stemming, intensiteit, ritmiciteit, aanpassingsvermogen, afleidbaarheid,
aandachtsspanne.
Zij beschreven 3 temperamentscategoriën: moeilijk, makkelijk, langzaam-
opwarmend; goodness of fit.
Buss & Plomin hadden 5 criteria voor temperamenttrekken: voorkomen bij
dieren, adaptieve functie, erfelijkheid, vroege verschijning en stabiliteit,
beperkte verandering over de tijd. 3 dimensies fundamenteel:
emotionaliteit, activiteit en sociabiliteit. Erkenden ook invloed van
omgevingsfactoren.
Goldsmith & Campos zagen basisemoties als kern van temperament.
Verschillende frequentie en intensiteit van emotionele reacties.
Rothbart en Derryberry; psychologisch model van temperament;
constitutioneel (biologische basis); reactiviteit en zelfregulatie. Toepasbaar
van baby tot volwassene. Inhibitie= angst en verlegenheid
Uit factoranalyse kwamn 3 factoren naar boven: negatieve emotionaliteit,
positieve emotionaliteit, regulatie (effortful control). * bij volwassenen