Hoofdstuk 20 Eiwitten
20.1 Van polypeptideketen tot werkzame eiwitten (CE)
Primaire structuur: type aminozuur en hun volgorde
Secundaire structuur: waterstofbruggen tussen de aminozuren
- Alfa-helix
- Bèta-plaat
Tertiaire structuur: driedimensionale structuur, door bindingen tussen restgroepen
- S-bruggen (sterk)
- H-bruggen (zwak)
- Elektrostatische aantrekking (zwak)
- Vanderwaalskrachten (zwak)
Quaternaire structuur: verschillende polypeptiden vormen één groot eiwit
Leren volgens aantekeningen
20.2 Functies van eiwitten (CE)
Valide: de test meet ook wat hij moet meten, het is dus een kwaliteitsaanduiding
Plaques: ophopingen van eiwitten tussen de hersencellen
Tangles: eiwitkluwens binnen de hersencellen
Plaques en tangles zorgen beide voor het verstoren van de werking van de hersenen:
geheugenverlies, verwarde gedachten..
Het celskelet bestaat vooral uit microtubuli: microscopisch kleine holle buisjes, die vanuit de
kern uitwaaieren over de hele cel. Ze vormen de ‘transportwegen’ binnen de cel.
Motoreiwitten zijn de ‘vrachtwagens’ binnen een cel. Zij vervoeren blaasjes met
voedingsstoffen en zelfs hele organellen langs de microtubuli.
Leren volgens aantekeningen
20.3 Enzymwerking (CE)
Enzymen zijn eiwitten die chemische reacties in of buiten cellen katalyseren. Het katalyseren
is een emergente eigenschap van het enzymeiwit: 1+1=3
Slot-sleutel-model vs. Induced fit-model
Slot-sleutel: het substraatmolecuul past hierin als een stukje in een puzzel
Induced-fit: het actieve centrum van een enzymmolecuul verandert als het bindt met een
substraatmolecuul.
Leren volgens aantekeningen
20.1 Van polypeptideketen tot werkzame eiwitten (CE)
Primaire structuur: type aminozuur en hun volgorde
Secundaire structuur: waterstofbruggen tussen de aminozuren
- Alfa-helix
- Bèta-plaat
Tertiaire structuur: driedimensionale structuur, door bindingen tussen restgroepen
- S-bruggen (sterk)
- H-bruggen (zwak)
- Elektrostatische aantrekking (zwak)
- Vanderwaalskrachten (zwak)
Quaternaire structuur: verschillende polypeptiden vormen één groot eiwit
Leren volgens aantekeningen
20.2 Functies van eiwitten (CE)
Valide: de test meet ook wat hij moet meten, het is dus een kwaliteitsaanduiding
Plaques: ophopingen van eiwitten tussen de hersencellen
Tangles: eiwitkluwens binnen de hersencellen
Plaques en tangles zorgen beide voor het verstoren van de werking van de hersenen:
geheugenverlies, verwarde gedachten..
Het celskelet bestaat vooral uit microtubuli: microscopisch kleine holle buisjes, die vanuit de
kern uitwaaieren over de hele cel. Ze vormen de ‘transportwegen’ binnen de cel.
Motoreiwitten zijn de ‘vrachtwagens’ binnen een cel. Zij vervoeren blaasjes met
voedingsstoffen en zelfs hele organellen langs de microtubuli.
Leren volgens aantekeningen
20.3 Enzymwerking (CE)
Enzymen zijn eiwitten die chemische reacties in of buiten cellen katalyseren. Het katalyseren
is een emergente eigenschap van het enzymeiwit: 1+1=3
Slot-sleutel-model vs. Induced fit-model
Slot-sleutel: het substraatmolecuul past hierin als een stukje in een puzzel
Induced-fit: het actieve centrum van een enzymmolecuul verandert als het bindt met een
substraatmolecuul.
Leren volgens aantekeningen