Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Infectie & afweer (DB1-IA)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
76
Geüpload op
28-11-2025
Geschreven in
2024/2025

Het is een samenvatting van het vak Infectie en Afweer(DB1-IA). Het vak is van de opleiding Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en wordt gegeven in periode 3 van jaar 1. De samenvatting is gemaakt in het jaar .

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

IA Samenvatting (Mees Louwen)

HC1: Inleiding Infectie & Afweer

Een zoönotisch agens is een infectieus agens dat overgaat van dier naar mens en in de
mens ziekte (zoönose) kan veroorzaken.

Soorten infectieuze agentia:
- Prionen (eiwit dat stapelt, géén levend organisme)
- Virussen (geen levend organisme, gastheercel nodig)
- Bacteriën (prokaryoten)
- Schimmels (eukaryoten)
- Parasieten (eukaryoten)
o Protozoa
o Helminthen (rondwormen, lintwormen, zuigwormen, met het blote oog
zichtbaar)

Verschillen prokaryoten en eukaryoten:
- Eencellig vs meercellig
- Geen membraangebonden organellen vs wél membraangebonden organellen
- Circulair haploïd DNA vs DNA in chromosomen
- Replicatie door deling vs replicatie door mitose

Symbiose:
- Commensalisme (1 profiteert, ander heeft er niks mee)
- Mutualisme (beide profiteren)
- Parasitisme (1 profiteert, ander lijdt (schade aan gastheer))

Er zijn verschillende transmissie routes van infectieuze agentia. Dit kan oraal (besmet
voedsel/water), via direct (huid)contact, via aerosolen (luchtwegen), via een directe
inoculatie (injectie, trauma, bijten/steken) of het kan transplacentaal.

Infectieuze agentia hebben verschillende manieren om te overleven in een gastheer.
Allereerst moeten ze zo weinig mogelijk afweer opwekken, kunnen ze afweer ontwijken
(bijv. antigene variatie), ze kunnen de afweer van de gastheer onderdrukken, ze moeten
snel vermeerderen en ook kiezen ze vaker voor individuen met een verminderde afweer
(YOPI’s = Young Old Pregnant Immunodeficient).

De postulaten van Koch (waarmee je een ziekteverwekker kan aantonen):
1. Het micro-organisme moet aanwezig zijn in elk geval van de ziekte
2. Het verdachte micro-organisme moet kunnen worden geïsoleerd en gegroeid als
reincultuur

, 3. Inoculatie van het geïsoleerde en gegroeide micro-organisme in een gezonde
gastheer moet dezelfde ziekte verwekken.
4. Hetzelfde micro-organisme moet opnieuw uit die 2e geïnfecteerde gastheer
kunnen worden geïsoleerd in een reincultuur.



HC2: Aangeboren en verkregen afweer

Niet-specifieke afweer oftewel de innate immunity/aangeboren afweer is afweer die
snel geactiveerd is en ter plaatse zich afspeelt.
De specifieke afweer oftewel de adaptive immunity/verkregen afweer is afweer die
zich aanpast aan datgene dat op dat moment binnenkomt. Herbesmettingsimmuniteit
gebeurt na een eerder contactmoment met dat pathogeen.




Het antigeen is de structuur/molecuul waartegen de immuunrespons gegenereerd
wordt. Dit is iets van het pathogeen (vaak een eiwit) wat aan het oppervlak ligt en dus
extern herkend kan worden door ons immuunsysteem.

De first line of defense bestaat uit
je huid, slijmvliezen, andere
microbiota etc. die een eerste
defensie bieden tegen
pathogenen.
Na doorbreken van deze first line
of defense volgen een paar
stappen: herkenning van
lichaamsvreemd materiaal,
opname door en activatie van
residente cellen & complement
activatie.

,TLR en PRR receptoren herkennen lichaamsvreemd materiaal wat een immuunrespons
opwekt. Deze receptoren zitten op het celmembraan aan de buitenkant of op
membranen van organellen. Via deze receptoren kan pathogeen DNA/RNA herkend
worden.

In de weefsels zijn macrofagen aanwezig net als dendritische cellen en mestcellen.
Deze zijn altijd aanwezig in weefsels en spelen een duidelijke rol in het snel op gang
komen van de afweerreactie.
Naast deze cellen die altijd in het weefsel zitten kunnen er neutrofiele, eosinofiele en
basofiele granulocyten vanuit de circulatie aangeroepen worden Deze kunnen het
weefsel infiltreren wanneer er een ontstekingsreactie plaatsvindt maar zitten dus niet
altijd al in het weefsel.

Macrofagen bevatten
fagosomen waarin
pathogenen kunnen worden
opgevangen en die kunnen
fuseren met blaasjes in het
cytoplasma van de macrofaag
om een fagolysosoom te
vormen. Verder scheiden ze
chemokines uit.


Dit zijn allemaal cellen, maar ook biochemisch kan er een hoop afgeweerd worden.
Antimicrobiele peptiden (AMP’s) zijn klein, amfipatisch (lading aan de ene kant) en
positief geladen. Deze zijn aspecifiek. Membranen van bacteriën zijn allemaal negatief
geladen en worden dus aangevallen.

Complement/oplosbare effector moleculen: factoren die (in)direct betrokken zijn.
3 manieren van activatie:
- Antilichaam die bindt (klassieke pathway)
- Microbe die per toeval bindt (alternatieve pathway)
- Mannose-gebonden lectine bindt (lectine pathway)
Alle pathways leiden tot C4 en C2 die binden tot C3-convertase die het C3-eiwit klieft
en gekliefd krijg je C3a en C3b. Deze C3b zorgt voor C5-convertase die C5 klieft tot C5a
en C5b. Dit zijn cytokines.
C3a, C3b, C5a en C5b die zorgen uiteindelijk voor: aantrekken van andere cellen, C3b
bindt aan pathogeen en dan kan deze herkend worden, C5b gaat een membrane attack
complex vormen die een porie in het pathogeen maken.

De specifieke afweer wordt geïnitieerd door dendritische cellen die in zich een
antigen van het pathogeen hebben.

, Deze migreren vervolgens naar de lymfeklieren waar ze zogenaamde T-cellen
activeren.
In de lymfeklier gebeurt dan de inductie van de specifieke/verworven immuunrespons.
De dendritische cel is dus de koppeling tussen de directe en indirecte afweer.

Specifieke afweer betekent ook
specifieke herkenning. Het
antilichaam molecuul en de T-cel
receptor (Ab en TCR) zorgen voor
deze specificiteit. Antilichamen
worden gemaakt in een B-cel en
worden uitgescheiden. Dit heet
humorale immuniteit.
De T-cel receptor heeft altijd een T-
cel in de buurt. De T-cel doet dus ter
plekke zijn werk.

B-cellen worden in het beenmerg gemaakt en rijpen hier ook. Ze worden gemaakt vanuit
een stamcel en zijn vlak bij de geboorte allemaal rijp. Ze zijn alleen niet snel actief, dat
duurt 7 tot 10 dagen.

T-cellen worden in de thymus gevormd. Voor deze geldt hetzelfde als voor de B-cellen.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
28 november 2025
Aantal pagina's
76
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$7.75
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
meesl

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
meesl Universiteit Utrecht
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
5 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
10
Laatst verkocht
-
Diergeneeskunde Samenvattingen

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen