College 1.
Staat
- er is een (afgegrensd) gebied
- er is (geaccepteerd) bestuurs gezag
- er is een (te onderscheiden) staatsvolk
Trias politica
1. de wetgevende macht (Staten-Generaal)
2. de uitvoerende macht (ministeries)
3. de rechterlijke macht (onafhankelijke rechters)
Tot jaren 80 administratief beroep : vorm van rechtspraak door de uitvoerende macht
zelf → afgeschaft
Grondrechten/grondwet
Thorbecke 1848 → Grondwetswijziging, begin ‘gedecentraliseerde eenheidsstaat’
● grondrechten : rechten die de burger beschermd tegen de overheid
● klassieke grondrechten : zaken waar de overheid zich niet mee mag bemoeien (vrijheid
meningsuiting, godsdienst..)
● sociale grondrechten : overheid mag zich wel bemoeien (recht op
werkgelegenheid, maatschappelijke ontplooiing) → beleid maken
Rol overheid verandert : aanpakken van grote maatschappelijke problemen
WO2 overheidstaak breidt zich snel en sterk uit → verschuiven van aandachtsveld
● codificatie : het op schrift stellen van recht (wetten)
● modificatie : overheid wil aansturen, continu inspelen ontwikkelingen van samenleving en
daarop zelfs vooruitlopen en ontwikkelingen beïnvloeden
Nu trekt overheid zich steeds meer terug → ‘post-verzorgingsstaat’ gekomen
Politieke stromingen belangrijk!
confessionalisme christelijk, solidariteit CDA, SGP, ChristenUnie
liberalisme marktdenken, vrijheid VVD, D66
socialisme kapitaal vs arbeid, gelijkheid PvdA, SP
feminisme emancipatie GroenLinks, SP
populisme nationale identiteit PVV, Denk, 50+
ecologisme postmateriële waarden
extremisme rechts/links
nationalisme identiteit
Overheid en kenmerken
Je kunt niet spreken over één overheid, opgebouwd uit verschillende actoren met soms tegenstrijdige
belangen en doelstellingen
● bureaupolitiek : individuele actoren streven eigen doelstellingen na die in strijd kunnen zijn
met beleids of organisatiedoelstellingen (Nederland heeft poldermodel)
, Veel taken/bevoegdheden toebedeeld aan andere overheidsorganen dan de centrale overheid, is een
gedecentraliseerde eenheidsstaat
Daarbij heb je ook:
● territoriale eenheidsstaat (provincies en gemeenten) : overheidsorganen die een bepaald
gebied besturen
● functionele decentralisatie (waterschap) : overheidsorgaan is ingesteld met inzet voor een
bepaald doel
bij het bespreken van taken is autonomie belangrijk
↪ binnen zekere grenzen, exclusieve taken en bevoegdheden hebben waar
andere overheden zich niet mee mogen bemoeien
Ook hebben ze medebewind : betrekking op het uitvoeren van rijkstaken door de lagere overheden
(provincies en gemeenten)