Rechtswetenschap 2019-2020
Nummer opdracht: 3
Naam:
Voornaam:
Studentnummer:
Aantal woorden: 1000
Nummer groep: 5
Naam docent: J. Meester
, Behouden van de huidige rechterlijke positie
I. Inleiding
Halsema heeft in 2001 een voorstel ingediend waarin werd gepoogd om
de rechter toestemming te geven om formele wetten te toetsen aan de
Grondwet, iets wat in ons huidig wettenstelsel verboden is krachtens
artikel 120 van de Grondwet.1 Taverne pleit juist voor een inperking van
de rechterlijke macht. Hij zou graag willen zien dat de Nederlandse
rechter voortaan de formele wetten niet meer mag toetsen aan
internationale verdragen.2 Nederland is een gematigd monistisch land.
Dit betekent dat burgers zich alleen kunnen beroepen op wetten van
internationale verdragen en volkenrechtelijke organisaties die eenieder
verbindend zijn.3 Dit is geregeld in artikel 93 en 94 van de Grondwet.
Als de rechter zou mogen toetsen aan de Grondwet dreigt het
gevaar dat de rechter op de stoel van de wetgever gaat zitten. Er vindt
dan verschuiving plaats van een trias politica naar een duas politica. De
rechter de mogelijkheid ontnemen om aan internationale verdragen te
toetsen zou benadelend zijn voor zowel de individuele rechtsbescherming
als het bevorderen van de internationale rechtsorde. In dit betoog zal ik
deze punten toelichten en duidelijk maken waarom ik geen voorstander
ben van zowel het voorstel van Halsema als het voorstel van Taverne.
II. Voorstel-Halsema
In zijn boek ‘A Treatise of Human Nature’ beargumenteert David Hume
dat menselijke handelingen niet louter op ratio zijn gebaseerd, maar
voornamelijk op gevoel en emotie.4 Als ik bijvoorbeeld zeg dat de
doodstraf slecht is, dan uit ik mijn gevoelens omtrent de doodstraf. Dit
utilistisch gedachtegoed is terug te vinden in het werk van Ronald
Dworkin. Volgens hem interpreteert iedereen op een dusdanige manier
1
Kamerstukken II 2001/02 28331, 2.
2
Kamerstukken II 2011/12, 33359, 2.
3
Chébti 2014, p. 91.
4
Hume 1739.
2