Chemie Overal 4 vwo
Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1
Vraag Antwoord Score
1 a Een water-in-olie-emulsie bestaat voor het grootste deel uit olie. Een olie-in- 2
water-emulsie bestaat voor het grootste deel uit water.
b Dan spoelt de zonnebrandcrème niet zo snel van je huid als je gaat 2
zwemmen of douchen.
c Zie onderstaand figuur. 3
2 Alcohol toevoegen, goed schudden en vervolgens filtreren. Het filtraat indampen. 6
Er blijft jood achter.
Het residu (zand en zout) mengen met water, goed schudden en weer filtreren.
Het residu is zand. Het filtraat indampen. Dan blijft er zout achter.
3 a Alcohol toevoegen, schudden en filtreren. Het residu is zwavel. Het filtraat 4
is jood opgelost in alcohol. Filtraat indampen of destilleren. Er blijft jood
achter.
b Alcohol of koolstofdisulfide toevoegen, schudden en filtreren. Het residu is 4
zand. Filtraat indampen of destilleren. Er blijft jood achter.
4 a Er is 1,5 gram zou opgelost in 100 gram oplossing 1
b Zie het onderstaande schema. 2
hoeveelheid oplossing 575 100
(g)
hoeveelheid zout (g) x 1,5
x= = 8,6 g
In 575 g oplossing zit 8,6 g opgelost zout.
2
c In 100 g oplossing zit 1,5 g zout. In 85 gram oplossing zit dan =
1,3 gram zout. Dat blijft na indampen over in het schaaltje.
5 a Maak bijvoorbeeld een verhoudingstabel zoals onderstaand. 2
hoeveelheid oplossing 465 100
(g)
hoeveelheid zout (g) 9,5 x
x= = 1,8 g
In 100 g oplossing zit 1,8 g opgelost zout.
1
© Noordhoff Uitgevers bv 2013 Chemie Overal 4 vwo – Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1 1
, b Het massapercentage zout in de oplossing = 100% = 2,0%. 2
c In 100 g oplossing zit 1,8 g zout. In 115 g oplossing zit dus 1,8 g =
2,1 g zout. Dat blijft na indampen over in het schaaltje.
6 a gasfase 1
b adsorptie 1
c y = 60 en z = 30 2
d B 1
7 a Koolstof adsorbeert de kleur- en geurstoffen uit het aquariumwater. 1
b Wanneer het oppervlak van koolstof ‘verzadigd’ is geraakt met deeltjes uit 1
het aquariumwater, kan er ‘niets meer bij’. Het oppervlak is dan maximaal
bezet. Op dat moment moet koolstof worden vervangen, omdat het dan niet
meer werkzaam is.
8 b Antwoord B is juist. 1
b Antwoord A is juist. 1
c Antwoord B is juist. 1
d 2 Hg + O2 2 HgO 2
9 extraheren 1
10 a filtreren of bezinken 1
b extraheren 1
c adsorberen 1
d destilleren 1
e chromatografie 1
11 a indampen 1
b filtreren of bezinken 1
c adsorberen 1
d chromatografie 1
e destilleren 1
12 a adsorberen 1
b extraheren 1
c destilleren 1
d filtreren of bezinken 1
e indampen 1
13 a indampen 1
b destilleren 1
c filtreren of bezinken 1
d adsorberen 1
e extraheren 1
f chromatografie 1
14 indampen 1
15 a,b Je kunt bij deze berekening gebruikmaken van een verhoudingstabel. 2
2
CH4 O2 CO2 H2 O
massaverhouding 16,04 64,00 44,01 36,03
hoeveelheid stof x 8,98 z y
(g)
© Noordhoff Uitgevers bv 2013 Chemie Overal 4 vwo – Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1 2
Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1
Vraag Antwoord Score
1 a Een water-in-olie-emulsie bestaat voor het grootste deel uit olie. Een olie-in- 2
water-emulsie bestaat voor het grootste deel uit water.
b Dan spoelt de zonnebrandcrème niet zo snel van je huid als je gaat 2
zwemmen of douchen.
c Zie onderstaand figuur. 3
2 Alcohol toevoegen, goed schudden en vervolgens filtreren. Het filtraat indampen. 6
Er blijft jood achter.
Het residu (zand en zout) mengen met water, goed schudden en weer filtreren.
Het residu is zand. Het filtraat indampen. Dan blijft er zout achter.
3 a Alcohol toevoegen, schudden en filtreren. Het residu is zwavel. Het filtraat 4
is jood opgelost in alcohol. Filtraat indampen of destilleren. Er blijft jood
achter.
b Alcohol of koolstofdisulfide toevoegen, schudden en filtreren. Het residu is 4
zand. Filtraat indampen of destilleren. Er blijft jood achter.
4 a Er is 1,5 gram zou opgelost in 100 gram oplossing 1
b Zie het onderstaande schema. 2
hoeveelheid oplossing 575 100
(g)
hoeveelheid zout (g) x 1,5
x= = 8,6 g
In 575 g oplossing zit 8,6 g opgelost zout.
2
c In 100 g oplossing zit 1,5 g zout. In 85 gram oplossing zit dan =
1,3 gram zout. Dat blijft na indampen over in het schaaltje.
5 a Maak bijvoorbeeld een verhoudingstabel zoals onderstaand. 2
hoeveelheid oplossing 465 100
(g)
hoeveelheid zout (g) 9,5 x
x= = 1,8 g
In 100 g oplossing zit 1,8 g opgelost zout.
1
© Noordhoff Uitgevers bv 2013 Chemie Overal 4 vwo – Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1 1
, b Het massapercentage zout in de oplossing = 100% = 2,0%. 2
c In 100 g oplossing zit 1,8 g zout. In 115 g oplossing zit dus 1,8 g =
2,1 g zout. Dat blijft na indampen over in het schaaltje.
6 a gasfase 1
b adsorptie 1
c y = 60 en z = 30 2
d B 1
7 a Koolstof adsorbeert de kleur- en geurstoffen uit het aquariumwater. 1
b Wanneer het oppervlak van koolstof ‘verzadigd’ is geraakt met deeltjes uit 1
het aquariumwater, kan er ‘niets meer bij’. Het oppervlak is dan maximaal
bezet. Op dat moment moet koolstof worden vervangen, omdat het dan niet
meer werkzaam is.
8 b Antwoord B is juist. 1
b Antwoord A is juist. 1
c Antwoord B is juist. 1
d 2 Hg + O2 2 HgO 2
9 extraheren 1
10 a filtreren of bezinken 1
b extraheren 1
c adsorberen 1
d destilleren 1
e chromatografie 1
11 a indampen 1
b filtreren of bezinken 1
c adsorberen 1
d chromatografie 1
e destilleren 1
12 a adsorberen 1
b extraheren 1
c destilleren 1
d filtreren of bezinken 1
e indampen 1
13 a indampen 1
b destilleren 1
c filtreren of bezinken 1
d adsorberen 1
e extraheren 1
f chromatografie 1
14 indampen 1
15 a,b Je kunt bij deze berekening gebruikmaken van een verhoudingstabel. 2
2
CH4 O2 CO2 H2 O
massaverhouding 16,04 64,00 44,01 36,03
hoeveelheid stof x 8,98 z y
(g)
© Noordhoff Uitgevers bv 2013 Chemie Overal 4 vwo – Antwoorden op de toetsvragen van hoofdstuk 1 2