Hoofdstuk 6: Kamerwater, glasvocht, glaucoom en floater
Het kamerwater en het glasvocht bevinden zich in drie kamers in het oog. De voorste en achterste
kamers bevatten kamerwater en de glasachtige kamer bevat de glasachtige gel.
Prevalentie en incidentie glaucoom
Glaucoom: ziekte waarbij schade aan de zenuwvezels van het oog ontstaat en schade aan de
oogzenuw wat leidt tot uitval van het gezichtsveld.
• Riscofactor: verhoogde oogdruk
• Glaucoom is oog mogelijk bij een normale oogdruk → normal tension glaucoma.
Indidentie: het aantal nieuwe gevallen.
Prevalentie: betreft het aantal mensen dat op een bepaald moment (puntprevalentie) of in een
bepaalde periode (bijvoorbeeld jaarprevalentie) een ziekte heeft.
Indidentie glaucoom 2019:
• Er kregen naar schatting 28.500 mensen de diagnose glaucoom bij de huisarts.
• Het betrof 12.600 manen en 15.900 vrouwen.
Jaarrevalentie glaucoom 2019:
1
, Fenylefrine (mydriaticum) wordt gebruikt om de kans op een plotselinge aanval
van nauwe-kamerhoekglaucoom te verminderen, de voorste oogkamer evalueren
vóór elk gebruik.
• Veroorzaakt wazig zicht
o Geen deelname aan het verkeer
o Geen gevaarlijke activiteiten ondernemen
• Gebruikt van de sterkte 10% kan vertroebeling van het hoornvlies geven
indien het wordt toegepast op een beschadigd hoornvlies.
• De veiligheid en werkzaamheid zijn niet vastgesteld bij kinderen jonger
dan 1 jaar.
o Bij deze leeftijdsgroep de noodzaak afwegen tegen risico’s.
Pathogenese glaucoom:
Pathogenese: is het stapelgewijze ontstaan, de ontwikkelingen en het verloop van een aandoening of
ziekte.
Glaucoom:
• Een oogziekte waarbij de oogzenuw beschadigt.
• De ganglioncellen in de retina sterven.
o Dit gaat via een proces dat apoptose wordt genoemd.
Apoptose van de retinale ganglioncellen
• Apoptose is het proces waarin een cel zichzelf doodt.
• Apoptose wordt ook wel ‘geprogrammeerde celdood’ genoemd.
• Cellen zetten dit gecontroleerde zelfmoord-programma in werking als ze beschadigd of te
oud zijn of te veel ‘stress’ hebben meegemaakt.
2