Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Literatuur - Samenwerking in Veiligheid (S_SIV) (2025/2026)

Beoordeling
-
Verkocht
8
Pagina's
51
Geüpload op
04-12-2025
Geschreven in
2025/2026

Samenvatting van alle verplichte literatuur van het vak Samenwerking in Veiligheid.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Literatuur Samenwerking in Veiligheid

Week 1 - Samenwerking in veiligheidsnetwerken
❖​ Dekker, R. et al. (2025). Met vereende krachten?: lessen uit praktijkervaringen
met publiek-private samenwerking in het kader van de politietaak. Den Haag:
WODC (paragraaf 1.3. 1.4 en hoofdstuk 2). Gebruik paragraaf 1.4 vooral als
achtergrondinformatie.
❖​ Steden, R. van (2023). Theorising and illustrating the collaborative practices of
plural policing: an analysis of three cases in the Netherlands and Belgium.
International Journal of Comparative and applied Criminal Justice, 47 (1), 21-36.
❖​ Stoker, G. (1998). Governance as theory: five propositions. International Social
Science Journal, 50, 17-28.
❖​ Schaap, D. & Terpstra, J. (2018). Het turbulente politiebestel. Institutionele
verandering en continuïteit. Den Haag: Boom. Hoofdstukken 1, 6 en 8.
❖​ Duijneveldt, I. van (2024). De maatschappelijke integratie van de politie.
Nijmegen: Radboud Universiteit.


Dekker, R. et al. (2025). Met vereende krachten? lessen uit praktijkervaringen met
publiek-private samenwerking in het kader van de politietaak.
(paragraaf 1.3. 1.4 en hoofdstuk 2). Gebruik paragraaf 1.4 vooral als achtergrondinformatie.
Deze paragrafen leggen de theoretische en juridische basis van het onderzoek naar
publiek-private samenwerking (PPS) binnen het politiewerk.
Paragraaf 1.3 definieert en begrenst kernbegrippen als policing, politietaak, plural
policing en PPS. Paragraaf 1.4 beschrijft de institutionele context: de organisatie van de
Nederlandse politie, haar bevoegdheden en die van private en maatschappelijke
partners, en de juridische kaders rond informatie-uitwisseling.
Samen vormen ze het kader om PPS in de veiligheidspraktijk te begrijpen: waar,
waarom en hoe politie en private actoren samen veiligheid produceren.

1.3
policing: brede sociologische notie: handhaving van sociale normen en orde: niet
alleen door de politie, maar door allerlei actoren (burgers, bedrijven, technologie).

Politietaak: de specifieke wettelijke opdracht van de politieorganisatie (art. 3 Politiewet
2012):
❖​ Handhaving van de rechtsorde
❖​ Verlenen van hulp aan hen die dat behoeven​
Politiewerk omvat zowel reactieve/repressieve als proactieve/preventieve
activiteiten (zoals signaleren, adviseren, beveiligen).
❖​ De tekst verwijst naar de voortdurende kerntakendiscussie: wat hoort wel of niet
bij de politie, gezien de groeiende samenwerking met andere partijen?

Publiek-private samenwerking (PPS): is een min of meer duurzame samenwerking
tussen publieke en private actoren waarin gemeenschappelijke producten of diensten
worden ontwikkeld en waarin risico’s, kosten en/of opbrengsten worden gedeeld.

,Plural policing: veiligheid wordt niet langer alleen door de politie geleverd, maar in een
netwerk van publieke, private en maatschappelijke actoren.​
Twee theoretische perspectieven:
❖​ Nodal policing: netwerksturing, gelijkwaardige samenwerking tussen partners;
vertrouwen vervangt hiërarchie.
❖​ Anchored pluralism: politie blijft ‘anker’ van legitimiteit en gezag, partners
werken onder coördinatie van de politie.

PPS bevindt zich tussen deze twee uitersten: duurzame samenwerking waarin risico’s,
kosten en opbrengsten gedeeld worden.​
Concessievorm: contractueel, hiërarchisch → dichtbij anchored pluralism.​
Alliantievorm: relationeel, gebaseerd op vertrouwen → middenpositie.​
Improvisatievorm: informeel, flexibel netwerk → richting nodal policing.​

Partners in PPS
Publieke actoren: politie, OM, gemeenten, inspecties, ministeries, defensie.​
Private actoren: beveiligingsbedrijven, recherchebureaus, banken, energiebedrijven,
verhuurders, verzekeraars.​
Maatschappelijke actoren: wijkverenigingen, sportclubs, NGO’s, burgercollectieven.​
→ Samen vormen zij een veiligheidscomplex waarin publieke en private logica’s
vermengen.​

Doorontwikkeling van PPS
Kan drie dingen betekenen:
1.​ Bestaande samenwerkingen verbeteren (knelpunten oplossen).
2.​ PPS uitbreiden naar nieuwe fenomenen (bijv. cybercrime).
3.​ Taken structureel verschuiven van politie naar partners.
→ taakverschuiving is een politieke keuze die raakt aan de kerntakendiscussie
en rechtsstatelijke grenzen.​

organisatie en bevoegdheden (par. 1.4)
Sinds 2013 is er één Nationale Politie, centraal aangestuurd, maar met spanning tussen
nationaal beleid en lokale inbedding.​

Politie heeft drie kernbevoegdheden:
❖​ Geweldsmonopolie (alleen overheid mag geweld of dwang gebruiken).
❖​ Opsporingsbevoegdheden (onder gezag van OM).
❖​ Hulp- en handhavingstaken (onder gezag burgemeester).

Private partijen hebben géén eigenlijke bevoegdheden, maar mogen handelen “tenzij”
het strafrecht of civiel recht dat verbiedt.​
→ Hun handelen is dus veel minder gereguleerd dan dat van de politie.​

Veiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid geworden, maar de politie blijft
ankerpunt van legitimiteit.

PPS is nuttig en soms noodzakelijk, maar schuurt voortdurend met:
❖​ de rechtsstaat (wie mag wat doen?),
❖​ de verantwoordingsplicht (wie is aanspreekbaar?),
❖​ en de kerntakendiscussie (wat hoort nog tot de politie?).

,Ze pleiten daarom voor zorgvuldige doorontwikkeling van PPS, met oog voor
democratische controle, gegevensbescherming en gelijkwaardige samenwerking.




Steden, R. van (2023). Theorising and illustrating the collaborative practices of
plural policing: an analysis of three cases in the Netherlands and Belgium.
Dit artikel onderzoekt hoe plural policing in de praktijk werkt: situaties waarin politie,
private beveiliging, gemeenten, organisatoren en andere partijen samenwerken om
veiligheid te leveren op plekken waar veel mensen samenkomen. Van Steden richt zich
specifiek op zogenaamde soft targets, zoals een voetbalstadion, een
wandel-evenement en een diamantwijk, omdat hier publieke en private
veiligheidsbelangen sterk vervlochten zijn. Het doel van het artikel is niet om te
beoordelen of deze plekken daadwerkelijk veiliger worden, maar om te begrijpen hoe
samenwerking tussen publieke en private partners tot stand komt, welke factoren die
samenwerking beïnvloeden en hoe actoren deze samenwerking beleven. Om dit te
analyseren ontwikkelt Van Steden een theoretisch kader met drie centrale factoren:
structuur en technologie, cultuur en relaties, en governance en beleid. Vervolgens laat
hij met drie casestudies in Nederland en België zien hoe deze factoren in de praktijk
werken.

Concepten
Plural policing verwijst naar het geheel aan publieke, private en hybride actoren die
samen veiligheid produceren. Dit kan variëren van politie en gemeente tot private
beveiliging, organisatoren van evenementen, vrijwilligers en commerciële partijen.
Plural policing benadrukt dus dat veiligheid niet uitsluitend een taak van de staat is.

Soft targets zijn plaatsen waar grote aantallen mensen samenkomen en waar toezicht
en beveiliging lastig zijn, zoals stadions, winkelstraten, festivals of evenementen. Juist
daarom zijn zij kwetsbaar voor incidenten of dreigingen en vraagt bescherming om
samenwerking tussen verschillende organisaties.

Het artikel plaatst deze praktijken binnen twee theoretische perspectieven.
❖​ Het eerste is nodal governance, dat veiligheid ziet als een netwerk van nodes
waarin de staat slechts één actor is. In dit perspectief kunnen private partijen
net zo goed of zelfs beter positioned zijn om bepaalde veiligheidsfuncties uit te
voeren.
❖​ Het tweede perspectief is anchored pluralism, dat juist benadrukt dat de staat in
deze netwerken onmisbaar blijft vanwege zijn legitimiteit, symbolische
autoriteit en het geweldsmonopolie. Volgens dit perspectief kunnen private
partijen pas effectief functioneren binnen de kaders die de staat stelt.

Om plural policing in de praktijk te kunnen analyseren, gebruikt Van Steden een
driedelig analytisch kader.
❖​ Structuur en technologie verwijzen naar de formele en informele organisatie
van het netwerk: wie doet mee, hoe is de samenwerking geregeld, hoe is
informatie-uitwisseling vormgegeven en welke technologische middelen (zoals
CCTV, toegangscontrole, communicatiesystemen) ondersteunen dit. Ook
juridische afspraken en privacywetgeving vallen hieronder.

, ❖​ Cultuur en relaties verwijzen naar gedeelde normen, mentaliteiten en mate van
vertrouwen. Culturele overeenstemming helpt samenwerking, maar verschillen
tussen bijvoorbeeld politie- en beveiligingsculturen kunnen frictie veroorzaken.
Vertrouwen groeit door langdurige samenwerking en persoonlijk contact en
vormt een belangrijke voorwaarde voor soepele samenwerking.
❖​ Governance en beleid gaat over de manier waarop een netwerk wordt
aangestuurd. Wie neemt het voortouw, hoe worden regels vastgesteld en hoe
wordt consensus bereikt? Hoewel samenwerking horizontaal lijkt, blijven
publieke autoriteiten vaak de uiteindelijke beslissers omdat zij wettelijke
bevoegdheden en verantwoordelijkheden hebben.

In de drie casussen laat Van Steden zien hoe deze factoren uitwerken. Het
voetbalstadion heeft weinig formele afspraken, wat leidt tot onzekerheid, beperkte
informatie-uitwisseling en spanningen tussen politie en private beveiligers. De
Vierdaagse heeft een duidelijk georganiseerde structuur met een privaat “hub” die
coördineert, maar binnen een kader van publieke autoriteit. De Diamantwijk kent een
zeer hechte samenwerking waarin een private organisatie een sterke governance-rol
heeft, maar waarbij de staat altijd de beslissende actor blijft. In alle gevallen blijkt
vertrouwen tussen organisaties cruciaal, maar ook kwetsbaar, zeker wanneer
wettelijke grenzen of bevoegdheden onduidelijk zijn.

Van Steden benadrukt dat plural policing in de praktijk altijd plaatsvindt binnen een
netwerk van afhankelijkheden. Publieke en private partijen hebben middelen en
kennis die elkaar aanvullen, waardoor samenwerking noodzakelijk is. Maar die
samenwerking is nooit vanzelfsprekend. Ze wordt gedragen door structurele factoren
(zoals formele afspraken), culturele factoren (zoals gedeelde waarden en vertrouwen)
en governancefactoren (zoals wie mag besluiten en hoe informatie wordt gedeeld).
Deze drie dimensies kunnen samenwerking versterken, maar ook belemmeren
wanneer er bijvoorbeeld geen duidelijke afspraken bestaan of wanneer vertrouwen
ontbreekt.

De belangrijkste boodschap van het artikel is dat plural policing niet betekent dat de
staat zijn centrale positie verliest. Ondanks verschuivingen naar private beveiliging
blijft de staat de actoren die samenwerken ankeren: door wetgeving,
vergunningvoorwaarden, het geweldsmonopolie en symbolische autoriteit. Private
partijen kunnen wel coördinerende rollen hebben, maar altijd “in de schaduw van de
staat”.

Plural policing is een netwerkproces is dat wordt gekenmerkt door wederzijdse
afhankelijkheid, maar waarin machtsverhoudingen en legitimiteit bepalend zijn.
Samenwerking werkt goed wanneer structurele en culturele voorwaarden aanwezig
zijn en wanneer governance helder is. Het artikel toont dat empirisch onderzoek nodig
is om te begrijpen hoe zulke netwerken werkelijk functioneren, omdat theorieën zoals
nodal governance en anchored pluralism het vaak te normatief benaderen. De casussen
laten zien dat samenwerking dynamisch is, soms kwetsbaar, en sterk afhankelijk van
vertrouwen, formele afspraken en de mate waarin publieke actoren hun centrale rol
daadwerkelijk uitoefenen.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
4 december 2025
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$10.38
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
floorvu Vrije Universiteit Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
73
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
13
Documenten
7
Laatst verkocht
2 maanden geleden

4.6

7 beoordelingen

5
4
4
3
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen