1. Scope
RJ 290 is van toepassing op alle financiële instrumenten, waaronder:
Primaire financiële instrumenten:
o kas, bank, debiteuren, crediteuren, verstrekte leningen, obligaties
Financiële verplichtingen:
o schulden, leningen, preferente aandelen (afhankelijk van verplicht karakter)
Derivaten:
o termijncontracten, swaps, opties, swaptions, barrier options, exotische derivaten
Combinatie-instrumenten:
o converteerbare obligaties, warrantleningen, perpetuele leningen
Hedge accounting relaties (fair value hedge, cash flow hedge, kostprijshedge)
Niet onder deze standaard vallen:
eigen aandelen (RJ 240)
deelnemingen (RJ 214)
joint ventures (RJ 215)
vorderingen (RJ 222)
liquide middelen (RJ 228)
— maar RJ 290 verwijst er wél naar in presentatievraagstukken.
2. Recognition (opnemen in de balans)
Een financieel instrument wordt opgenomen zodra de onderneming partij wordt bij contractuele
bepalingen van het instrument.
Belangrijke punten:
Derivaten beginnen meestal met waarde 0 bij initiële opname (vooral termijncontracten &
swaps).
Converteerbare obligaties worden gesplitst in:
o een schuldcomponent
o een eigen-vermogenscomponent (optiewaarde)
(Substance over form)
Een instrument wordt niet langer verwerkt wanneer contractuele rechten en verplichtingen
vervallen of worden overgedragen (derecognition).