Samenvatting Farmacochemie en
Spectroscopie
geschreven door:
FarmacieSamenvattingen(LB)
De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Op Stuvia vind je het grootste aanbod aan samenvattingen en collegeaantekeningen. De
documenten zijn geschreven door jouw medestudenten, specifiek voor jouw opleiding!
www.stuvia.com
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Samenvatting
van
Farmacie
Samenvattingen
(LB)
Farmacochemie
en
Spectroscopie
College
1
-‐
Structuur
activiteitsrelaties
Farmacochemie
Medicijnen oefenen biologische
effecten uit
Medicijnen Ziektes
Voor specifieke ziektebeelden is er
behoefte aan specifieke medicijnen
Chemie
speelt
een
sleutelrol
binnen
de
farmacie.
Chemische
kennis
is
vereist
om:
• De
biologische
eigenschappen
van
geneesmiddelen
te
bepalen
• Inzicht
te
krijgen
in
de
stabiliteit
geneesmiddelen
• Opname
en
uitscheiding
van
geneesmiddelen
wordt
mede
bepaald
door
hun
chemische
eigenschappen.
• Metabolisme
van
geneesmiddelen
berust
op
chemische
transformaties.
• Het
formuleren
van
geneesmiddelen
(toediening).
• Kwaliteitscontrole
van
geneesmiddelen.
• De
analyse
van
geneesmiddelen
en
hun
metabolieten.
De
kennis
uit
Molecuul
en
Reactiviteit
uit
het
eerste
jaar
wordt
bekend
verondersteld:
1) structuur
en
binding
2)
molecuulstructuren
en
hun
representatie
3)
een
introductie
op
reactiviteit
4)
reacties
van
alkenen
5)
stereochemie
6)
electrondelokalisatie
7)
substitutiereacties
8)
nucleofiele
acylsubstituties
en
–addities.
Medicijnen
zijn
kleine
moleculen
NCE
=
New
chemical
entity
BLA
=
biological
applications
80%
van
alle
nieuwe
medicijnen
zijn
kleine
moleculen
(new
chemical
entities)
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Samenvatting
van
Farmacie
Samenvattingen
(LB)
Van
alle
medicijnen
die
tegenwoordig
gevonden
worden
(NCE),
zijn
er
in
verhouding
met
de
biologische
applicaties
(aangepaste
medicijnen)
veel
minder
dan
er
vroeger
nieuw
uitgevonden
werden
Te
bestuderen
leerstof
Aanwijzingen
bij
de
studie:
• Formules
hoeven
nooit
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden.
Het
is
echter
wel
noodzakelijk
te
weten
waarom
en
wanneer
welke
formules
toegepast
worden.
• Getalswaardes
hoeven
niet
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden
tenzij
anders
aangegeven.
• Structuren
hoeven
niet
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden
tenzij
anders
aangegeven.
• Voor
alle
klinisch
toegepaste
geneesmiddelen
die
in
de
colleges
behandeld
worden
moet
het
indicatiegebied
geleerd
worden.
Dit
is
van
belang
voor
de
geneesmiddelenkennis
(bijvoorbeeld
aspirine
-‐
ontstekingen).
Leerdoelen
voor
dit
college
• Hoe
worden
geneesmiddelen
ontdekt
?
• Hoe
wordt
het
geneesmiddel
verdeeld
over
het
lichaam?
• Hoe
zijn
membranen
en
eiwitten
opgebouwd?
• Welke
typen
interacties
zijn
er?
• Waaruit
is
de
bindingsenergie
opgebouwd?
Drug
in
het
lichaam
De
structuur
van
geneesmiddelen
bepaald
de
biologische
activiteit
à
het
bepaalt
-‐ Membraanpassage
-‐ Receptorbinding
o Fysiologisch
chemische
eigenschappen
in
relatie
tot
membraan
passage
en
binding
aan
receptoren
-‐ Metabolisme
-‐ Farmacokinetiek
De
structuur
bepaald
de
activiteit
van
een
stof.
Hierin
kunnen
verschillende
aspecten
onderscheiden
worden.
De
verschillende
aspecten
kunnen
ieder
hun
eigen
invloed
hebben.
Het
verband
tussen
structuur
en
activiteit
is
erg
complex
omdat
het
invloed
op
al
deze
aspecten
heeft.
Hierdoor
is
het
moeilijk
om
één
specifiek
effect
te
isoleren.
Deze
overweging
moet
meegenomen
worden
bij
het
beoordelen
van
biologische
activiteit
op
basis
van
structuur.
Wanneer
een
medicijn
wordt
toegediend
komt
de
werkzame
stof
in
het
maagdarmkanaal
vrij
uit
de
tabel
à
absorptie
over
darmmembraan
à
komt
dan
in
bloedstroom,
binden
daar
gedeeltelijk
aan
proteïnes
à
vanuit
het
bloed
naar
de
cellen
van
het
orgaan
moet
het
weer
door
een
membraan
-‐ Stof
zorgt
dan
voor
gewenste
en
ongewenste
biologische
effecten
-‐ Om
biologisch
actief
te
zijn
moet
de
stof
verschillende
membranen
passeren.
Een
stof
moet
bijvoorbeeld
opgenomen
worden
uit
het
maagdarmstelsel
en
moet
dan
naar
de
plaats
van
werking
getransporteerd
worden.
Onderweg
moeten
er
membranen
gepasseerd
worden.
Membranen
-‐ Bestaat
uit
dubbele
laag
fosfolipiden
o Polaire
kop
en
apolaire
staart
§ In
algemeen
heeft
fosfolipide
twee
apolaire
staarten
en
1
polaire
kop
-‐ De
membraan
vormt
een
hydrofobe
barrière
tussen
twee
waterige
compartimenten.
Om
over
de
membraan
heen
te
komen
moet
er
een
balans
zijn
tussen
wateroplosbaarheid
en
vetoplosbaarheid.
o Wanneer
medicijn
over
membraan
moet
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
Spectroscopie
geschreven door:
FarmacieSamenvattingen(LB)
De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Op Stuvia vind je het grootste aanbod aan samenvattingen en collegeaantekeningen. De
documenten zijn geschreven door jouw medestudenten, specifiek voor jouw opleiding!
www.stuvia.com
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Samenvatting
van
Farmacie
Samenvattingen
(LB)
Farmacochemie
en
Spectroscopie
College
1
-‐
Structuur
activiteitsrelaties
Farmacochemie
Medicijnen oefenen biologische
effecten uit
Medicijnen Ziektes
Voor specifieke ziektebeelden is er
behoefte aan specifieke medicijnen
Chemie
speelt
een
sleutelrol
binnen
de
farmacie.
Chemische
kennis
is
vereist
om:
• De
biologische
eigenschappen
van
geneesmiddelen
te
bepalen
• Inzicht
te
krijgen
in
de
stabiliteit
geneesmiddelen
• Opname
en
uitscheiding
van
geneesmiddelen
wordt
mede
bepaald
door
hun
chemische
eigenschappen.
• Metabolisme
van
geneesmiddelen
berust
op
chemische
transformaties.
• Het
formuleren
van
geneesmiddelen
(toediening).
• Kwaliteitscontrole
van
geneesmiddelen.
• De
analyse
van
geneesmiddelen
en
hun
metabolieten.
De
kennis
uit
Molecuul
en
Reactiviteit
uit
het
eerste
jaar
wordt
bekend
verondersteld:
1) structuur
en
binding
2)
molecuulstructuren
en
hun
representatie
3)
een
introductie
op
reactiviteit
4)
reacties
van
alkenen
5)
stereochemie
6)
electrondelokalisatie
7)
substitutiereacties
8)
nucleofiele
acylsubstituties
en
–addities.
Medicijnen
zijn
kleine
moleculen
NCE
=
New
chemical
entity
BLA
=
biological
applications
80%
van
alle
nieuwe
medicijnen
zijn
kleine
moleculen
(new
chemical
entities)
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.
, Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Samenvattingen
Samenvatting
van
Farmacie
Samenvattingen
(LB)
Van
alle
medicijnen
die
tegenwoordig
gevonden
worden
(NCE),
zijn
er
in
verhouding
met
de
biologische
applicaties
(aangepaste
medicijnen)
veel
minder
dan
er
vroeger
nieuw
uitgevonden
werden
Te
bestuderen
leerstof
Aanwijzingen
bij
de
studie:
• Formules
hoeven
nooit
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden.
Het
is
echter
wel
noodzakelijk
te
weten
waarom
en
wanneer
welke
formules
toegepast
worden.
• Getalswaardes
hoeven
niet
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden
tenzij
anders
aangegeven.
• Structuren
hoeven
niet
uit
het
hoofd
geleerd
te
worden
tenzij
anders
aangegeven.
• Voor
alle
klinisch
toegepaste
geneesmiddelen
die
in
de
colleges
behandeld
worden
moet
het
indicatiegebied
geleerd
worden.
Dit
is
van
belang
voor
de
geneesmiddelenkennis
(bijvoorbeeld
aspirine
-‐
ontstekingen).
Leerdoelen
voor
dit
college
• Hoe
worden
geneesmiddelen
ontdekt
?
• Hoe
wordt
het
geneesmiddel
verdeeld
over
het
lichaam?
• Hoe
zijn
membranen
en
eiwitten
opgebouwd?
• Welke
typen
interacties
zijn
er?
• Waaruit
is
de
bindingsenergie
opgebouwd?
Drug
in
het
lichaam
De
structuur
van
geneesmiddelen
bepaald
de
biologische
activiteit
à
het
bepaalt
-‐ Membraanpassage
-‐ Receptorbinding
o Fysiologisch
chemische
eigenschappen
in
relatie
tot
membraan
passage
en
binding
aan
receptoren
-‐ Metabolisme
-‐ Farmacokinetiek
De
structuur
bepaald
de
activiteit
van
een
stof.
Hierin
kunnen
verschillende
aspecten
onderscheiden
worden.
De
verschillende
aspecten
kunnen
ieder
hun
eigen
invloed
hebben.
Het
verband
tussen
structuur
en
activiteit
is
erg
complex
omdat
het
invloed
op
al
deze
aspecten
heeft.
Hierdoor
is
het
moeilijk
om
één
specifiek
effect
te
isoleren.
Deze
overweging
moet
meegenomen
worden
bij
het
beoordelen
van
biologische
activiteit
op
basis
van
structuur.
Wanneer
een
medicijn
wordt
toegediend
komt
de
werkzame
stof
in
het
maagdarmkanaal
vrij
uit
de
tabel
à
absorptie
over
darmmembraan
à
komt
dan
in
bloedstroom,
binden
daar
gedeeltelijk
aan
proteïnes
à
vanuit
het
bloed
naar
de
cellen
van
het
orgaan
moet
het
weer
door
een
membraan
-‐ Stof
zorgt
dan
voor
gewenste
en
ongewenste
biologische
effecten
-‐ Om
biologisch
actief
te
zijn
moet
de
stof
verschillende
membranen
passeren.
Een
stof
moet
bijvoorbeeld
opgenomen
worden
uit
het
maagdarmstelsel
en
moet
dan
naar
de
plaats
van
werking
getransporteerd
worden.
Onderweg
moeten
er
membranen
gepasseerd
worden.
Membranen
-‐ Bestaat
uit
dubbele
laag
fosfolipiden
o Polaire
kop
en
apolaire
staart
§ In
algemeen
heeft
fosfolipide
twee
apolaire
staarten
en
1
polaire
kop
-‐ De
membraan
vormt
een
hydrofobe
barrière
tussen
twee
waterige
compartimenten.
Om
over
de
membraan
heen
te
komen
moet
er
een
balans
zijn
tussen
wateroplosbaarheid
en
vetoplosbaarheid.
o Wanneer
medicijn
over
membraan
moet
Dit document is auteursrechtelijk beschermd, het verspreiden van dit document is strafbaar.