Evenwichten (voorkennis)
1 - Omkeerbare reacties
● omkeerbare reacties: reacties waarbij de reactieproducten weer kunnen worden
omgezet in de beginstoffen
○ in kringlopen
● verzadigde oplossing: wanneer de maximale hoeveelheid die oplost van een stof is
bereikt
● hard water: CaCO3 (s) + CO2 (aq) + H2O (l) ⇆ Ca2+ (aq) + 2 HCO-3 (aq)
● vorming van knalgas: 2 H2O (l) ⇆ 2 H2 (g) + O2 (g)
● dynamisch evenwicht: twee tegengestelde reacties die gelijk verlopen met
gelijke reactiesnelheden, [A] verandert niet, ⇆
○ insteltijd: ti, tijd die verloopt tot evenwicht is bereikt
● concentratiebreuk: Qc = [C]c ⋅ [D]d / [A]a ⋅ [B]b
○ alleen g en aq
○ bij eenzelfde temperatuur altijd dezelfde Qc bij evenwicht
○ Q’c = [A]a ⋅ [B]b / [C]c ⋅ [D]d = 1 / Qc
2 - Homogene mengsels en homogene evenwichten
● homogeen mengsel / evenwicht: als alle stoffen in dezelfde fase aanwezig zijn
● de concentratiebreuk geeft de verhouding van de concentraties aan
● evenwichtsconstante: Kc, verandert met temperatuur
● evenwichtsvoorwaarde: Qc = Kc → het reactiemengsel is in evenwicht
○ Qc > Kc: hogere concentratie rechts
○ Qc < Kc: hogere concentratie links
● de ligging van het evenwicht ligt aan de waarde van K
○ K >> 1 → evenwicht rechts
○ K << 1 → evenwicht links
3 - Heterogeen evenwicht
● heterogeen mengsel: stoffen niet in dezelfde fase
● heterogeen evenwicht: reactie vindt plaats aan het contactoppervlak tussen de twee
fasen
○ groter contactoppervlak → snellere reactie → kortere insteltijd
● verdelingsevenwicht: Kv, geeft de verdeling aan van een stof over twee verschillende
fasen
● oplosbaarheidsproduct: Ks, de evenwichtsconstante voor slecht oplosbare zouten,
Binas 46
4 - Veranderingen aan het evenwicht
● elke verandering heeft een tegenactie als gevolg → reactiemengsel zal
proberen de verandering zo snel mogelijk terug te draaien
● concentratieverandering: hogere / lagere concentratie → snellere /
langzamere reactie → geen evenwicht, evenwicht verschuift naar kant met
laagste concentratie bij een verhoging
○ reactiesnelheden zullen naar elkaar toe bewegen tot ze weer gelijk zijn, nieuw
evenwicht
, ● druk-/volumeverandering bij een gasevenwicht: meer druk → evenwicht
verschuift naar de kant met de minste deeltjes → minder deeltjes in de
ruimte → druk neemt af
○ vice versa
● volumeverandering bij een aq reactie: verdunning → alle concentraties
worden met een factor verdunt → geen evenwicht (vanwege coëfficiënten)
● temperatuurverandering: reactiesnelheid van endotherme reactie zal meer toenemen
dan die van de exotherme reactie bij een stijging van temperatuur, bij een daling
neemt de endotherme reactie het meest af
○ toename van reactiesnelheid wint van de verschuiving van evenwicht (NH3)
● aflopend evenwicht: alle beginstoffen worden omgezet in reactieproducten, de stof
die wordt weggenomen kan niet meer reageren, evenwicht loopt af naar de kant
waar de stof wordt verwijdert
1 - Omkeerbare reacties
● omkeerbare reacties: reacties waarbij de reactieproducten weer kunnen worden
omgezet in de beginstoffen
○ in kringlopen
● verzadigde oplossing: wanneer de maximale hoeveelheid die oplost van een stof is
bereikt
● hard water: CaCO3 (s) + CO2 (aq) + H2O (l) ⇆ Ca2+ (aq) + 2 HCO-3 (aq)
● vorming van knalgas: 2 H2O (l) ⇆ 2 H2 (g) + O2 (g)
● dynamisch evenwicht: twee tegengestelde reacties die gelijk verlopen met
gelijke reactiesnelheden, [A] verandert niet, ⇆
○ insteltijd: ti, tijd die verloopt tot evenwicht is bereikt
● concentratiebreuk: Qc = [C]c ⋅ [D]d / [A]a ⋅ [B]b
○ alleen g en aq
○ bij eenzelfde temperatuur altijd dezelfde Qc bij evenwicht
○ Q’c = [A]a ⋅ [B]b / [C]c ⋅ [D]d = 1 / Qc
2 - Homogene mengsels en homogene evenwichten
● homogeen mengsel / evenwicht: als alle stoffen in dezelfde fase aanwezig zijn
● de concentratiebreuk geeft de verhouding van de concentraties aan
● evenwichtsconstante: Kc, verandert met temperatuur
● evenwichtsvoorwaarde: Qc = Kc → het reactiemengsel is in evenwicht
○ Qc > Kc: hogere concentratie rechts
○ Qc < Kc: hogere concentratie links
● de ligging van het evenwicht ligt aan de waarde van K
○ K >> 1 → evenwicht rechts
○ K << 1 → evenwicht links
3 - Heterogeen evenwicht
● heterogeen mengsel: stoffen niet in dezelfde fase
● heterogeen evenwicht: reactie vindt plaats aan het contactoppervlak tussen de twee
fasen
○ groter contactoppervlak → snellere reactie → kortere insteltijd
● verdelingsevenwicht: Kv, geeft de verdeling aan van een stof over twee verschillende
fasen
● oplosbaarheidsproduct: Ks, de evenwichtsconstante voor slecht oplosbare zouten,
Binas 46
4 - Veranderingen aan het evenwicht
● elke verandering heeft een tegenactie als gevolg → reactiemengsel zal
proberen de verandering zo snel mogelijk terug te draaien
● concentratieverandering: hogere / lagere concentratie → snellere /
langzamere reactie → geen evenwicht, evenwicht verschuift naar kant met
laagste concentratie bij een verhoging
○ reactiesnelheden zullen naar elkaar toe bewegen tot ze weer gelijk zijn, nieuw
evenwicht
, ● druk-/volumeverandering bij een gasevenwicht: meer druk → evenwicht
verschuift naar de kant met de minste deeltjes → minder deeltjes in de
ruimte → druk neemt af
○ vice versa
● volumeverandering bij een aq reactie: verdunning → alle concentraties
worden met een factor verdunt → geen evenwicht (vanwege coëfficiënten)
● temperatuurverandering: reactiesnelheid van endotherme reactie zal meer toenemen
dan die van de exotherme reactie bij een stijging van temperatuur, bij een daling
neemt de endotherme reactie het meest af
○ toename van reactiesnelheid wint van de verschuiving van evenwicht (NH3)
● aflopend evenwicht: alle beginstoffen worden omgezet in reactieproducten, de stof
die wordt weggenomen kan niet meer reageren, evenwicht loopt af naar de kant
waar de stof wordt verwijdert