Depressie : 15 % suicide
Lifetime prevalentie psychiatrische stoornissen = 40% waarvan 80% in
de eerstelijns wordt behandeld.
30-50% van de volwassenen heeft minstens 1 x in zijn leven een
depressie (60% heeft meer dan 1 episode)
AS1 = klinische stoornissen + andere aandoeningen en problemen
AS2 = persoonlijkheidsproblematiek / zwakzinnigheid
AS3 = somatische aandoeningen
AS4 = psychosociale en omgevingsproblemen
AS5 = algehele beoordeling functioneren
As 1 : o.a. schizofrenie, autisme, adhd, stemmings- / angststoornissen en
verslavingen
Anamnese is uitgebreider en LO en anamnese vinden tegelijkertijd plaats.
Methodisch dualisme: naast materie ook psychologische benaderingen
Trias psychica:
- denken = cognitief
- voelen = affectief
- willen = conatief
psychiatrische anamnese
1. speciele anamnese: geschiedenis van de aandoening
2. algemene psychiatrische anamnese: symptomen verzamelen
3. voorgeschiedenis en familie
4. somatisch en LO
5. sociale anamnese thuis, school, werk
6. biografische anamnese
7. heteroanamnese
hypovigiliteit = moeite met aandacht op iets nieuws te vestigen
katatonie = bizarre motorische stoornissen
overwaardig denkbeeld = normaal rationeel denken wordt verhinderd.
,Stupor = bewegingloos en mutisme
Syndroom diagnose symptomen worden geordend tot een syndroom
Structuurdiagnose waardoor en hoe het syndroom is ontstaan, met
predisponerende, onderhoudsfactoren. Is neurobiologisch en
psychologisch. Ook wordt de geschiedenis erbij betrokken
DSM – categoriale classificatie
AS5 = GAF, is een score tussen 0-100
1. 100-91: geen problemen
2. 81-90: geen of minimale symptomen
3. 71-80: problemen die normaal zijn en weer over kunnen gaan
4. 61-70: lichte symptomen of lichte problemen sociaal
5. 51-60: matige symptomen en matige sociale problemen
6. 41-50: ernstige symptomen en ernstige problemen
7. 31-40: enige problemen in realiteit en spraak.
8. 21-30: gedrag beinvloed door wanen en/of hallucinaties, onvermogen
te functioneren op meerdere terreinen
9. 11:20: enig gevaar voor zichzelf en anderen
10. 1-10: voortdurend ernstig gevaar voor zichzelf of anderen
indeling psychiatrische stoornissen
- organisch v.s. functioneel
- psychotisch ( krankzinnig) v.s. neutotisch (enigszins denkbaar)
- syndromaal (uit een gezonde toestand) v.s. persoonlijkheids ( al in
de kinderjaren aanwezig)
criteria om psychische stoornis te kunnen onderscheiden van normale
ongemakken
- ernstig lijden of pijn (distress)
- belemmering in functioneren (impairment)
, Farmacotherapie
Dompamine – substantia nigra
Serotonine – Raphe kernen
Noradrenaline – locus coeruleus
GABA – inhiberend
Glutamaat = activerend
Dopamine heeft dezelfde biochemische oorsprong als NA, want dopamine
wordt omgezet in NA.
MAO breekt dopa en NA af.
Dopamine
- planning, initiatie
- activatie en switchen
- reactie op nieuwe dingen
- beloningen
Noradrenaline
- arousal
- signaaltransductie
- cognitieve preparatie op urgente stimuli
Serotonine
- mood
- cognition
- memory
- slaap
Heropname remming ssri, tca, stimulantia
Enzym remming Mao (reversibel / irreversibel), meer voor
‘specialistische depressies’
Receptor blokkade AP
Membraanstabiliatie lithium
AD
67% respondeerd
placebo = 33% respondeerd
antagonisme van negatieve feedback mechanismen: mirtazapine