Bijeenkomst 1, 29 oktober
Relateren van hypotheses en registratie-opdracht aan FA
Casus Sophia.
Sophia, 19 jaar, heeft last van angst voor sociale situaties. Zij doet een HBO-
studie sinds een jaar. Woont nog thuis bij haar ouders in een kleine stad.
Heeft contact met een aantal vrienden/vriendinnen van haar oude school. Zij
ziet deze bv op volleybal, waar ze al heel lang lid van is en soms spreekt ze
af om ergens koffie te drinken of te shoppen. Ze gaat slechts zelden naar
sociale activiteiten, zoals feestjes, verjaardagen, bioscoop, etc. Onderneemt
ook geen nieuwe activiteiten waarin ze andere mensen zou kunnen
ontmoeten. Ze wil dit echter wel heel graag. Soms probeert ze dit, maar ziet
er dan op het laatste moment weer van af. Ze bedenkt zich dan dat ze
volledig wordt buitengesloten, niemand naar haar kijkt, of hooguit met een blik
van “die ziet er niet uit” en ze is ook bang, dat als er iemand iets tegen haar
zegt, ze geen woord kan uitbrengen en rood wordt.
Voorbeeld Functie Analyse op basis van casus Sophia.
Gekozen is voor het twee factorenmodel van Mowrer, wat goed toepasbaar is
bij deze cliënte, omdat het operante probleemgedrag vermijding, mede
gestuurd wordt door de emotie angst die er aan voorafgaat (A-Tjak, 2005).
OS → CS → CER → CAR → CR
Situaties Sociale Angst Vermijding Korte en lange
waarin situatie termijn
onbekenden consequenten1
zijn
Korte termijn
+S+ Toename van opluchting
-S- Afname van angst
~S- Uitblijven van blozen
Lange termijn
-S+ Afname van zelfwaardering
+S- Toename van eenzaamheid
Omdat er sprake is van een klassiek geconditioneerde emotie kan tevens een
Betekenisanalyse gemaakt worden.
Hypotheses met betrekking tot probleemgedrag
1. Het gevoel van angst dat X ervaart in sociale situaties hangt samen met
vermijding (CER-CAR).
2. Het vermijden van sociale situaties hangt samen met opluchting (+S+).
3. Het vermijden van sociale situaties hangt samen met een afname van angst (-S-).
Registratie-opdracht
1
1
Relateren van hypotheses en registratie-opdracht aan FA
Casus Sophia.
Sophia, 19 jaar, heeft last van angst voor sociale situaties. Zij doet een HBO-
studie sinds een jaar. Woont nog thuis bij haar ouders in een kleine stad.
Heeft contact met een aantal vrienden/vriendinnen van haar oude school. Zij
ziet deze bv op volleybal, waar ze al heel lang lid van is en soms spreekt ze
af om ergens koffie te drinken of te shoppen. Ze gaat slechts zelden naar
sociale activiteiten, zoals feestjes, verjaardagen, bioscoop, etc. Onderneemt
ook geen nieuwe activiteiten waarin ze andere mensen zou kunnen
ontmoeten. Ze wil dit echter wel heel graag. Soms probeert ze dit, maar ziet
er dan op het laatste moment weer van af. Ze bedenkt zich dan dat ze
volledig wordt buitengesloten, niemand naar haar kijkt, of hooguit met een blik
van “die ziet er niet uit” en ze is ook bang, dat als er iemand iets tegen haar
zegt, ze geen woord kan uitbrengen en rood wordt.
Voorbeeld Functie Analyse op basis van casus Sophia.
Gekozen is voor het twee factorenmodel van Mowrer, wat goed toepasbaar is
bij deze cliënte, omdat het operante probleemgedrag vermijding, mede
gestuurd wordt door de emotie angst die er aan voorafgaat (A-Tjak, 2005).
OS → CS → CER → CAR → CR
Situaties Sociale Angst Vermijding Korte en lange
waarin situatie termijn
onbekenden consequenten1
zijn
Korte termijn
+S+ Toename van opluchting
-S- Afname van angst
~S- Uitblijven van blozen
Lange termijn
-S+ Afname van zelfwaardering
+S- Toename van eenzaamheid
Omdat er sprake is van een klassiek geconditioneerde emotie kan tevens een
Betekenisanalyse gemaakt worden.
Hypotheses met betrekking tot probleemgedrag
1. Het gevoel van angst dat X ervaart in sociale situaties hangt samen met
vermijding (CER-CAR).
2. Het vermijden van sociale situaties hangt samen met opluchting (+S+).
3. Het vermijden van sociale situaties hangt samen met een afname van angst (-S-).
Registratie-opdracht
1
1