Paragraaf 1
Leerdoelen in deze paragraaf:
- Je kent de namen van je botten en kunt ze benoemen in het skelet
- Je kunt de taken van het skelet noemen
- Je kunt beschrijven waar botten uit bestaan en hoe dat verandert als je ouder wordt
- Je kunt uitleggen hoe de wervelkolom schokken opvangt
- Je kunt de bouw van een bot beschrijven en kunt been en kraakbeen herkennen
Je kent de namen van je botten en kunt ze benoemen in het skelet:
, Je kunt de taken van het skelet noemen:
Je skelet heeft 4 taken:
1) Stevigheid geven: zonder botten zou je lichaam in elkaar zakken
2) Vorm geven: je skelet geeft vorm aan je lichaam. Zo geven de botten van je schedel
vorm aan je hoofd.
3) Bescherming geven: delen van je skelet beschermen kwetsbare organen. Je borstkas
beschermt bijvoorbeeld je hart en je longen.
4) Beweging mogelijk maken: Aan botten zitten spieren vast. Dankzij de botten met
spieren kun je bewegen.
Je kunt beschrijven waar botten uit bestaan en hoe dat verandert als je ouder wordt:
- De meeste botten zijn hard, zij bestaan uit bot. Een ander woord van bot is been.
- In been of bot zit veel kalk en een klein beetje lijmstof.
De kalk zorgt dat het bot hard en stevig is.
De lijmstof zorgt dat het bot ook een beetje buigzaam is.
- Je oorschelp kan goed buigen doordat het uit kraakbeen bestaat.
Kraakbeen bevat veel lijmstof en weinig kalk en is daardoor erg buigzaam.
- Ook een deel van je borst kast bestaat uit kraakbeen. Door dit kraakbeen kunnen de
ribben bij een ademhaling op en neer bewegen.
- Baby’s hebben botten die bijna helemaal uit kraakbeen bestaan.
Door alle lijmstof is het skelet zo buigzaam dat een baby zijn tenen in zijn
mond kan doen.
Een babyskelet is echter niet stevig.
- Tijdens het ouder worden verandert kraakbeen langzaam in been.
Er komt dus meer kalk in de botten en minder lijmstof.
o Doordat de botten van jonge kinderen nog steeds veel lijmstof
bevatten, zijn ze erg buigzaam. De kinderen zijn dus erg lenig en hun
botten breken door de lijmstof ook niet makkelijk.
Hoe ouder je wordt, hoe meer lijmstof er uit de botten verdwijnt.
o Ouderen hebben botten met veel kalk en nog maar weinig lijmstof.
Doordat de botten niet buigzaam zijn, breken ze makkelijker.
Je kunt uitleggen hoe de wervelkolom schokken opvangt:
De wervelkolom is zo gebouwd dat hij kan veren. Daardoor vangt de wervelkolom
schokkende bewegingen van je lichaam op.
De wervelkolom veert op 2 manieren:
1) Door kraakbeenschijven: tussen de wervels zitten
kraakbeenschrijven. De kraakbeenschrijven kunnen een beetje
ingedrukt worden. Ze veren daarna ook weer terug. Daardoor
kan de wervelkolom een beetje veren.
2) Door de speciale vorm: De wervelkolom lijkt via de zijkant een
beetje op 2 S’en. Dat heet de dubbele S-vorm. Door die dubbele
S-vorm kan de wervelkolom een beetje in elkaar geduwd worden
en terugveren.